dinsdag 3 juli 2012

Tuinbonen en perzikkruid

Wie de kop van dit stukje leest, denkt waarschijnlijk, dat hij of zij in een culinaire rubriek terecht gekomen is. Welnu, ik kan u snel uit de droom halen.
Ada en ik moesten gisterenavond in de volkstuin aan de slag. We fietsten er naar toe, zodat we om een uur of 8 aan de slag konden.

Onderweg zag ik Jos Dohle, die met een bloedvaart over het gladde asfalt van het fietspad skeelerde. Eerlijk gezegd had ik dat ook liever gedaan.
Ada ging in de weer met het zaaien en poten van plantjes. Met haar groene vingers is dat geen enkel probleem. Mijn vingers zijn beduidend minder groen. Aan mij was de taak opgedragen om tuinbonen te plukken. Dat klinkt makkelijker, dan het is. Bonen hebben de goede eigenschap, dat ze stikstof in de grond brengen. Er is dan geen kunstmest nodig voor een snelle groei. Alle planten profiteren hiervan, dus ook planten, die de benaming onkruid hebben meegekregen.
Woekerplanten tieren dus welig tussen de tuinbonen, hetgeen het zoeken naar de tuinbonen niet eenvoudig maakt. Derhalve moest ik behalve tuinbonen plukken ook veel perzikkruid wieden, maar dan wel zo, dat je de wortel ook uit de grond trok.

Voor een emmer tuinbonen was ik zodoende bijna een uur bezig. Daar zowel de dikste bonen vlak boven de grond groeien en plantenwortels veelal laag bij de grond te vinden zijn, moest ik dus al die tijd bukken.

Het diep zitten, essentiƫel voor het schaatsen, heb ik dus tegelijkertijd met de rugspieren kunnen trainen.
Daarna mocht ik nog een half uur planten water geven. Telkens moest ik een stukje lopen met een grote gieter met water uit de sloot, dus dat leverde een lichte krachttraining op. Na nog wat utteren met de netten weer goed over de planten te spannen fietsten Ada en ik om 10 uur weer op huis aan.
Ada geniet van het werken in de tuin en ik vond het op deze mooie zomeravond zeker geen straf. Maar ik begrijp nu wel beter, waardoor er zoveel tuinders goede schaatsers zijn!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten