woensdag 18 augustus 2010

Dansles in de wei


Ooit heeft Toon Hermans een boekje geschreven met de titel "De danstent in de wei". Dat was destijds een bundel met nieuwe luchtige en humoristische gedichten en verhalen van de hand van de eerste Nederlander, die in theaters een one man show gaf.
Wij hadden gisterenavond in buiig weer een variant hierop. Jaap de Gorter had dansdocent Ita de Hes geregeld, om een keer een alternatieve training te regelen.

Nu hebben schaatsers soms het idee, dat ze lenig zijn en souplesse hebben. Welnu, gisterenavond werd bij het rekken op een bruggetje in Cronesteyn al duidelijk, dat dit een misvatting bleek te zijn. Het simpel zijwaarts een been op de houten railing op heuphoogte bleek al moeilijk genoeg.
We liepen door, waar we rond ons vaste trainingsveld een aantal loopoefeningen deden onder mijn bezielende leiding: twee slalomlopen en een estafette, waarbij iedereen 300 meter voluit ging.
Het estafettestokje werd overhandigd aan Ita, die ons een aantal dans- en balletoefeningen liet doen, waarbij duidelijk werd, dat we eigenlijk maar stijve harken zijn. Maar goed, de lachspieren werden tijdens de training goed getraind, want we zaten (bijna) allemaal in hetzelfde schuitje.

Simpele oefeningen als op één been staan en dan je ogen dichtdoen blijken opeens razend moeilijk. Het is niet voor niets dat Adne Söndral, de Noorse middenafstandsspecialist, die in het begin van zijn carriere veelvuldig viel op beslissende momenten, balletles ging nemen voor meer stabiliteit. In 1998 won hij vervolgens goud op de 1500 meter op de Olympische Spelen in Nagano.
Zo ver zijn wij nog lang niet. Maar één ding is mij op deze trainingsavond wel duidelijk geworden: ik heb, dankzij de gevarieerde oefeningen van Ita de Hes, in een uur tijd veel meer respect gekregen voor balletdansers!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten