Deze zondag kon niet beter beginnen. Ook al was het ver weg, in Twente om precies te zijn, de eerste nachtvorst op klomphoogte in Nederland was een feit. Het was de voorbode van een heerlijke nazomerdag. Door dat mooie weer waren de insecten behoorlijk actief en dat gold ook voor de vlinders. Afgelopen week hadden we een paar keer een vlinder gezien, die we niet thuis konden brengen.
Dit inspireerde mij om vandaag als amateurfotograaf op te treden. Het begon vanmorgen om een uur of 11, toen ik de onbekende vlinder zag fladderen. Ik pakte het mobieltje en kreeg de vlinder op de foto, maar wel met de vleugels gesloten.
Vanmiddag fietsten mijn vrouw en ik naar de volkstuin, waar ik na de lunch de bramen, een late aardbei en de frambozen plukte. Bij het plukken van de rode en gele frambozen zag ik eenzelfde vlinder rondfladderen. Op slag werd ik weer amateurfotograaf. Per ongeluk maakte ik een filmpje.
Hoe amateuristisch wil je het hebben?
Thuis gekomen kwam een gezegde uit mijn familie aan het eind van de middag weer eens aan het licht: "Een Breed houdt niet van opgeven!" De onbekende vlinder kwam weer aangevlogen. Onder het toeziend oog van mijn kleinzoon schoot ik nog wat plaatjes. U zult het met me eens zijn, als ik beken, dat ik beter ben in bokken schieten! In ieder geval had deze virtuele vlinderjacht nog wel een mooie bijvangst. En nu maar hopen, dat de onbekende vlinder niet verdrinkt....
Het was gisteren op de kop af 50 jaar geleden, dat Jimi Hendrix op 27-jarige leeftijd overleed. Hij was een der allerbeste gitaristen. Hij bracht een revolutie in het gitaarspel teweeg door het gebruik van nieuwe akkoorden, feedback en nieuwe opnametechnieken.
Hij heeft diverse klassieke rocknummers op zijn naam staan.
Zelfs het genre kinderliedjes beheerste Hendrix tot in de perfectie.
Voor alle linkshandigen onder ons, waaronder ondergetekende, ook deze grootmeester op de gitaar speelde linkshandig. Er is dus nog hoop voor ons.... Vanmorgen deed ik zoals gebruikelijk boodschappen bij "De Helianth", waarna ik een deel van het gekochte brood naar mijn schoonouders bracht. Om 12 uur fietste ik met mijn vrouw naar de volkstuin. Daarvandaan ging ik lopen naar de duinen. De eerste klim was in Rijksdorp, waar een helling verborgen is, die steiler is dan "De Klip". Deze is, hoe toepasselijk, te vinden aan de Van Bergenlaan. "De Klip" kwam daarna aan de beurt en daarna het schelpenpad langs het fietspad richting Katwijk. Dit pad kent hogere pieken en dalen dan het fietspad. Dat past precies bij het veel te korte leven van Jimi Hendrix: ups and downs. In de duinen huizen wel konijnen, maar geen hazen.
Maar om te zeggen, dat ik als een haas naar boven ging op de eerste strandopgang richting Katwijk is ook overdreven. Ik ben best een soepele loper met longen als een paard, maar eenmaal boven sta ook ik flink te hijgen. Dit is met afstand de zwaarste oefening. Ooit was "Waar de blanke top der duinen" een soort van nationaal volkslied: in de Tweede Wereldoorlog gebruikte de NSB het als zodanig. Hoe je een nationaal volkslied ook kunt bewerken is te horen in het volgende filmpje.
Door het heldere weer had je door de polaire wind een prachtig uitzicht over de Noordzee en kon je de Tweede Maasvlakte en de Hoogovens helder zien liggen. Over het halfmulle strand liep ik naar de opgang van Wassenaarse slag, vanwaar ik redelijk direct naar de volkstuin terug liep. Ik was langer onderweg dan ik had verwacht, terwijl ik toch lekker doorliep. Na met Ada op de tuin te hebben gegeten, fietste ik naar huis om me te douchen en naar de zinderende finale van de Tour te kijken. Op de terugweg maakte ik een klein ommetje om een stukje afstand te meten. De door mij ingeschatte kilometer bleek 1700 meter te zijn. De 12 kilometer, die ik gelopen dacht te hebben, zullen er vermoedelijk 15 zijn geweest. De levensweg van Jimi Hendrix was een stuk korter, dan die had kunnen zijn. We zijn daardoor een heleboel prachtige nieuwe nummers van deze gitaarvirtuoos misgelopen.
Voor het eerst sinds Joop Zoetemelks winst stond in de Tour de France een Nederlandse ploeg op de drempel van winst in de meest prestigieuze wielerwedstrijd. Jumbo-Visma heerste in deze Tour met ijzeren vuist. Kopman Primoz Roglic had een voorsprong van 57 seconden op zijn Sloveense landgenoot Tadej Pogacar. Beide renners zijn erkende tijdrijders, dus de marge moest groot genoeg zijn. De klimtijdrit naar La Planche des Belles Filles in de Vogezen moest de beslissing brengen. Normaal gesproken kon het niet meer mis gaan. Maar dat is juist het leuke van de sport: af en toe heb je daverende verrassingen. Vandaag was weer zo'n memorabele dag. Pogacar kon onbekommerd aanvallen. Hij had toch niets te verliezen. Roglic kon de druk niet aan en verzaakte op het laatste moment. Ook al reed hij zich vandaag vermoedelijk het snot voor ogen. Het gedoe rond de uitsluiting van ploegbaas Merijn Zeeman heeft de concentratie vermoedelijk verstoord. Bijzaken kunnen sporters op beslissende momenten uit hun concentratie brengen. Sportjournalist Joris van den Bergh beschreef dit verschijnsel al in zijn klassieker "Mysterieuze krachten in de sport". Tadej Pogacar heeft hier optimaal van geprofiteerd en is daarmee de terechte winnaar van de Ronde van Frankrijk geworden. Roglic toonde zich een sportieve verliezer. Voor mijn Tourploeg maakt het niet uit. Beide Slovenen rijden voor 333m.nl. Door de 138 punten van vandaag kom ik uit op 1326 punten en stijg ik naar de 1231e plaats. Een plek bij de eerste 1000 ploegleiders ligt in het vizier. In een veld van 10.000 deelnemers doe je het dan niet gek.
Naschrift: op dezelfde dag, dat Primoz Roglic, de vaandeldrager van de Nederlandse wielerploeg Jumbo-Visma figuurlijk onderuit ging, ging Joop Zoetemelk, de beste Nederlandse wielrenner aller tijden, letterlijk onderuit door een aanrijding en miste hij daardoor de huldiging in Parijs. Joop, van harte beterschap toegewenst.
Nadat we om half 8 ontwaakt waren na een diepe nachtrust, voelden we, dat het flink was afgekoeld. In huis hadden we daar geen last van, maar toen we om half 10 de deur uit stapten, merkten we, dat het door de noordoostenwind nog een stuk kouder aanvoelde. Met een paar flinke stapels plastic plantenpotten in mijn fietstas reden mijn vrouw en ik naar haar ouders toe. We zouden met mijn schoonvader een stuk gaan fietsen. We trapten over de route van de marathon via de Europaweg naar Zoeterwoude-Weipoort toe, waar ik bij de hobbykweker twee flinke plastic zakken met plantenpotten achterliet, waarin hij weer stekken mee op kan kweken. Dit is kringloopeconomie in een notendop.
Daar we door werkzaamheden op de Blauwe brug daar de Vliet niet over hadden kunnen steken, reden we op de terugweg via Stompwijk. Daarbij kwamen we ook langs de vloeibare Vogelplas.
Als we over een kwartaal dezelfde noordoostenwind hebben, dan kunnen we wellicht deze ijsvogels zien. Na Ada's vader weer thuis gebracht te hebben, deden we nog wat boodschappen bij Odin, voordat we thuis in de tuin samen lunchten. Daar zag ik een koolwitje met bruine vlekken op de top van de vleugels. Toevallig was deze vlinder 's avonds in "Vroege Vogels" te zien. Het bleek het klein koolwitje te zijn. Na ons brood in het nazomerzonnetje te hebben opgegeten, ging Ada naar de volkstuin, terwijl ik naar Hillegom reed, waar ik met Bas Warnink en Joep Kapiteijn ons aanpasten aan de anderhalve meter samenleving. Op het zonnige terras van "Klein Duimpje" zaten we anderhalf uur genoeglijk in de luwte.
Daar de Tour de France de ontknoping nadert en "we" vermoedelijk met een Sloveense alleskunner de gele trui in Parijs gaan brengen, had ik toepasselijke kleding aangetrokken.
Met een "Bloedmaan" en een "Sterke Blonde" achter de kiezen reed ik om 6 uur naar huis, waar ik na in totaal 76 kilometer fietsen zag, dat Irma Sluis bij de persconferentie van Mark Rutte en Hugo de Jonge haar vertrouwde plek als doventolk weer had ingenomen. Ze vervulde haar rol met verve....
Het is vandaag 30 jaar geleden, dat ik voor de tweede keer voor mijn rijbewijs zakte. Op zich niet iets om zoveel jaar later op terug te komen, ware het niet, dat er een wijze les in zit, die voor iedere sporter van pas kan komen. De eerste keer dat ik afreed, was ik er eigenlijk nog niet klaar voor. Ik had al snel 2 ingrepen te pakken. Op dat moment kon me niets meer gebeuren. Ik ging heel ontspannen rijden. Na afloop zei de examinator: "Jammer van die ingrepen, want je reed verder heel goed!"
Dit compliment nam ik tijdens de rijlessen in de zomer van 1990 mee. Het ging steeds beter en zelfs mijn strenge rijinstructeur had er vertrouwen in, dat ik het zou halen. Ikzelf ook. Tijdens de droogtraining een week voordat ik af zou rijden was een van de oefeningen op "De Bult", dat je buikspieroefeningen deed met je hoofd naar beneden.Het was inderdaad een stuk zwaarder, maar ik werd er ook draaierig van.
"Dat trekt wel bij", dacht ik, doch dat bleek een misvatting. De draaierigheid bleef en dat tastte het zelfvertrouwen dusdanig aan, dat ik zeer gespannen aan het rijexamen begon. Te gespannen. Ik deed mijn best om alles zo goed mogelijk te doen en zakte daardoor door foutloos maar te onzeker rijden. En hier hebben we de crux van het pieken op het juiste moment, of het nu om examens gaat of om wedstrijden. Je hebt een bepaalde stress nodig om tot een prestatie te kunnen komen. Als je te ontspannen begint, dan wordt het niets, maar hetzelfde geldt voor teveel stress. De kunst is om de juiste balans te vinden.
Vanmorgen had ik geen stress over wat ik wilde gaan doen. Mijn vrouw was naar de volkstuin, ik zou wat boodschappen gaan doen bij "De Helianth". Op weg er naar toe reed ik even langs de Leidse IJshal.
Ik had een paar vragen aan ijsmeester Jan van Rijn, die al met een groep vrijwilligers bezig was om de hal in orde te maken, voordat hij de koelmachines aan zou zetten.
Mijn plan was om na de boodschappen gedaan te hebben een blokje te gaan hardlopen. Pijn in mijn kuiten, een soort voorfase van kramp, maakte mij duidelijk, dat dit niet zo'n geslaagd idee was. Door de combinatie van plaspillen en tropisch weer, waardoor je veel meer zweet. Ik had dus gewoon een magnesiumtekort. Na de magnesiumcitraat ingenomen te hebben, maakte ik een ander plan. Ik bracht de lege bierflesjes naar Gall & Gall in "De Stevensbloem". Daar ik er toch was, kocht ik maar meteen een paar biertjes, die ik niet kende.
In het winkelcentrum kwam ik Hans Solleveld tegen, met wie ik in de Leidse IJshal diverse jaren schaatsles heb gegeven. Uiteraard praatte ik met hem bij.
Ik pakte mijn fiets en reed naar de volkstuin toe. Althans, dat was de intentie. Op weg erheen kruiste Rob Pijpers mijn pad. Hem had ik ook al een tijd niet gezien, dus ook voor hem trok ik tijd uit om bij te kletsen. En toen was de tijd tekort om nog naar de volkstuin te gaan. Het zand in de zandloper was inmiddels omlaag gelopen....
Als Ploegleider ging ik trouwens niet bepaald hard omlaag. Vandaag scoorde ik met 130 punten weer bovengemiddeld. Daardoor steeg ik met 1175 punten verder naar de 1368e plaats. De keuze voor een klimmersploeg is toch niet verkeerd uitgepakt.
Vandaag stond in het teken van het klimmen. Het begon al bij het aanschouwen van recente foto's van een trainingsmaat in de Säcksischen Schweiz. Daar vonden wij in augustus 2014 een prachtig traject in het kader van bergbeklimmen voor beginners. Klimmen deed ik ook als Ploegleider. Met 146 punten had ik de hoogste score in een Touretappe. Met 1048 punten sta ik op de 1750e plaats. Een kleine 2 weken geleden stond ik 5783e. De keuze voor veel klimmers was dus zo gek nog niet. En dan te bedenken, dat Egan Bernal vandaag heeft opgegeven, terwijl de Ronde van Frankrijk het hoogste punt bereikte. De Colombiaan Miguel Angel Lopez won de Koninginnenrit naar de Col de la Loze. Het was een titanenstrijd in de laatste kilometers. Man tegen man. Wielrennen zoals wielrennen hoort te zijn. Degenen, die het minst in het rood reden, klommen het best naar boven op stukken weg van 20%.
Wat ook snel klimt is het aantal coronabesmettingen. Vooral in studentensteden. Leiden staat nu op een twijfelachtige 6e plaats. De stijging is dusdanig hoog, dat Noord- en Zuid-Holland door België en Duitsland code rood hebben gekregen.
Deze klim hadden we beter achterwege kunnen laten....
De warmterecords rijgen zich aaneen in dit tijdsgewricht. Gisteren was het weer raak: niet eerder was het in september zo warm. Daar het 35,1 graden werd in Gilze-Rijen en in de omgeving van Den Haag de grens van 30 graden overschreden werd, was er sprake van een tropische Prinsjesdag. Koning Willem-Alexander las in toepasselijke kledij de tropische troonrede voor. Het verschil in temperatuur tussen gisteren en vandaag was behoorlijk groot. Waar het op meetpunt Valkenburg gisteren 30,3 graden Celsius werd, daar bleef het kwik vandaag steken op 22,4 graden. Heel aangenaam nazomerweer, maar door de noordenwind voelde het bij tegenwind toch wel kouder aan. Dit waren normalere temperaturen voor de tijd van het jaar, maar nog steeds aan de warme kant. Gelukkig maar, want ons land ligt nog steeds in Europa en niet in de Caraïben.
Hier hebben we nog steeds kans op natuurijs. Daar is de nationale voorlezer het helemaal mee eens.
Geboren en getogen in Nieuw-Vennep in een gezin met 12 kinderen en sinds 1979 woonachtig in Leiden. Mijn vader was de oprichter van het transportbedrijf B.Breed & Zonen in Nieuw-Vennep, dat nog steeds bestaat.
Ik ben in 1983 getrouwd en vader van 4 kinderen.
Ik train al sinds mijn verhuizing naar Leiden voor de Elfstedentocht en ben uiteraard een groot liefhebber van schaatsen op natuurijs.