donderdag 3 april 2025

Lepelaarsloop met mandarijneenden

Een marathon lopen doe je niet zomaar. Daar gaat een gedegen voorbereiding aan vooraf met veel loopkilometers.

Vaak loop je in je eentje, af en toe met een trainingsmaat. Vandaag was zo'n dag. Op de laatste ochtend van de "Krasse knarren" in IJshal De Vliet had ik met Aad Kleijweg afgesproken om net als vorig jaar eenmaal per week samen te gaan trainen.
Na het ontbijt fietste ik naar Aad toe, zodat we om half 10 naar park "Cronesteyn" konden lopen. We liepen via een iets andere route, zodat we bij het bosje met de lepelaarsnesten konden beginnen met de snelle lopen. We liepen in de geur van look-zonder-look twee snelle rondjes van 450 meter met een rondje dribbelen tussendoor.

We passeerden tweemaal een groep van "Running blind", die een soort erehaag voor ons vormden. Je krijgt niet iedere trainingsloop applaus. De eerste omloop ging in 1.52, de tweede in 1.49.
Daarna namen we de tijd om de lepelaars op de foto te zetten.





We dribbelden naar het wandelpad vlak langs het spoor, waar we aan de eerste kilometer zouden beginnen. De streeftijd was 4.40, het werd uiteindelijk 4.29. De tweede kilometer voltooiden we in 4.32.
Daarna liepen we via dezelfde weg terug, zodat we een trainingsblok van 9 kilometer gelopen hadden. Na de muntthee met gemberkoek fietste ik naar "De Helianth", waar ik de fruitvoorraad aanvulde. Ik fietste daarmee door naar de volkstuin, waar ik een banaan en een mandarijn achterliet voor mijn vrouw, die bij haar moeder planten water ging geven.

Ik trapte naar huis om me te gaan douchen.

In het zonnetje was het heerlijk, maar de wind maakte het toch wat fris.

Na het douchen woog ik 66,1 kilo, hetgeen ik met de lunch weer enigszins omhoog bracht. Om 3 uur fietste ik voor de tweede keer naar de volkstuin. Daar dronk ik thee met Ada, waarna ik weer wat takken verknipte in het lentezonnetje. 

Op weg naar huis maakte ik een ommetje. In een slootje langs de Oostduinweg zag ik mooie eenden, die ik niet eerder gezien had.


Thuis zocht ik het op in "Nieuwe zakgids vogels" van Peter Hayman op.

Het bleken mandarijneenden te zijn. Vooral het mannetje was onmiskenbaar.

woensdag 2 april 2025

Schelvispekel

Het is deze dagen 50 jaar geleden, dat in Boissy-sous-Saint-Yon "Schelvispekel" werd opgericht tijdens een zogenaamde bonte avond van de Equipe Liturgique.

Bas Warnink, Tim de Beer, Joep Kapiteyn en ondergetekende waren niet van het podium af te slaan en met liedjes met een humoristische inslag en visuele grappen brachten we de stemming er aardig in bij het onderwijzend personeel in spe.

Die avond in de binnenlanden van Frankrijk was het startschot van een muzikale vriendschap, die een halve eeuw later nog steeds bestaat.

De eerste jaren traden we veelal met zijn vieren op op de plek, waar wij het best tot ons recht kwamen. Op feesten en partijen van vrienden. Tussen de schuifdeuren dus.


Later kwam Nel, de vrouw van Bas, onze gelederen versterken. En eerlijk is eerlijk, muzikaal waren we geen hoogvliegers, maar enthousiasme en heel veel lol compenseerde dit volledig.

Helaas is Tim de Beer in september 2018 na een kort ziekbed overleden, zodat we nooit meer in de originele bezetting op kunnen treden.
Maar Tim zou niet gewild hebben, dat we zouden gaan sippen. Derhalve hebben we met elkaar nog steeds de grootste lol.


En dat hopen we nog lang vol te kunnen houden!

Zandzakken voor de deur

Gisteren was bij het Valkenburgse meer een stuk grond van 150 bij 20 meter afgekalfd en met bomen en al in het meer verdwenen.

Het Hoogheemraadschap van Rijnland had vannacht met man en macht gewerkt om te voorkomen, dat nog meer grond in de diepe plas zou verdwijnen en dat de dijk het zou begeven.

Nadat ik vanmorgen in de Leidse binnenstad op de fiets boodschappen had gedaan en voordat ik vanmiddag met mijn vrouw naar Alphen aan den Rijn fietste, trok ik mijn sportkleding en hardloopschoenen aan en liep ik naar de volkstuin toe.

Daar gaf ik de planten in de kas een beetje water en liep naar het Valkenburgse meer.

Waar je gisteren het Valkenburgse meer nog goed kon zien, was het nu door een witte muur met met zand gevulde grote zakken deels aan het oog onttrokken.


Het fietspad langs het Valkenburgse meer is afgesloten, daar de polder onder kan lopen. Gelukkig is het een polder met alleen weilanden.

Een favoriet hardlooprondje van huis uit is hiermee voorlopig komen te vervallen. Voorlopig geldt er een recreatieverbod: er mag geen mens het water meer in.

De vrijwilligers van het Smalspoormuseum kunnen dit seizoen wel op hun buik schrijven. Je moet er niet aan denken, dat zo'n trein met kinderen erin in het water zou verdwijnen.
Voorlopig is het de vraag, of de dijk met de zandzakken erop het houdt.

Daar we hemelsbreed nog er geen kilometer vanaf zitten, is het ruim gezien letterlijk zandzakken voor de deur.

Alleen dan zonder trein....

dinsdag 1 april 2025

1 april of: "Kijk uit, het is hier druk!"

Het is een eeuwenlange traditie: 1 april leent zich voor allerhande grappen. Maar ja, met allerhande clowns aan het bewind, die met oprecht amateurisme denken hun land of zelfs de wereld te kunnen regeren, vergaat het lachen je af en toe.






En als je denkt alles gehad te hebben....

....dan hebben we Marjolein Faber nog voor de overtreffende trap. Zij weigerde te tekenen voor de lintjes van COA-vrijwilligers, die mensen, die zich bijvoorbeeld inzetten bij taalcursussen voor asielzoekers. 

Het toekennen van lintjes is een zorgvuldig voorbereide zaak. Je krijgt niet zomaar een Koninklijke onderscheiding. Daarvoor moet je jarenlang je vrijwillig ingezet hebben voor de samenleving. Toet nu toe was het a-politiek. Maar ja, als je een blindganger op een ministerszetel zet, die het amateurisme tot kunst heeft verheven, dan vraag je om brokken.

De prijs voor de beste 1 aprilstunt gaat zonder enige twijfel naar Marjolein Faber, die zo ongeveer de hele Tweede Kamer schoffeerde. Ze heeft 1 april politiek overleefd, maar of dat voor 2 april ook opgaat, is nog maar de vraag.Tekenend hiervoor was de uitspraak van VVD-Kamerlid Thierry Aartsen: "De laatste keer, dat ik "Ik ga niet tekenen!" hoorde, was toen ik mijn dochter naar de peuterspeelzaal bracht."
Zelf gaf ik mij trouwens ook over aan oprecht amateurisme. Ik geef het toe: ik ben een amateursporter en zal dat mijn leven lang blijven. Het grote verschil is echter, dat ik daarmee niemand schade berokken.
Na het ontbijt liep ik van huis uit naar IJshal De Vliet. Dat deed ik als training voor de Leiden Marathon van 11 mei. Via de Korte Vliet liep ik naar het jaagpad langs de Vliet. In de verte zag ik een wandelaar en nog verder weg een fietser.
Ik was dan ook hogelijk verbaasd, toen ik achter mij iemand hoorde zeggen: "Kijk uit, het is hier druk!"
Het was een fietsende begeleider van een paar roeiers. Op de Vliet zag je heel wat roeiers. Nu liep ik ongeveer 11 kilometer per uur, maar de roeiers gingen heel wat harder.


Zij gingen een kilometer of 14.

Bij het keerpunt raakte ik met de begeleider in gesprek. Hij bleek als kind van mij schaatsles te hebben gekregen.
"Aan het oefenen voor Los Angeles?", vroeg ik?

"Die man is een kanshebber!", kreeg ik als antwoord.

De Olympische Spelen zal ik nooit halen, maar schaatsen op 1 april vind ik ook wel wat hebben. Op de funbaan in IJshal De Vliet reed ik op niet gedweild ijs, dat spiegelglad was, een minuut of 20 mijn rondjes in een rustig tempo.












Het ijs op de 250-meterbaan was niet meer berijdbaar. Op sommige punten zag je zelfs het beton al.

Het geschaafde ijs verdween via de Mammoth in de stortkoker.


Ik liep in het lentezonnetje naar huis toe. Daarbij liep ik langs de ijsbaan van de Stevenshof.

Via IJsbaan, de straat die ligt op de plek waar vroeger de ijsbaan lag, kwam ik thuis, waar ik me douchte en lunchte. Ada vertrok naar de volkstuin, waar ik later op de middag naar toe zou gaan.

Ik fietste via IJshal De Vliet, waar ik mijn schaatsijzers ophaalde om ze te slijpen en langs de ijsbaan van Voorschoten via "Odin" in Voorschoten, waar ik wat fruit haalde, eveneens naar de volkstuin toe.

Na de thee verknipte ik takken voor op de paden op de tuin. Op de site van de NOS verscheen een bericht, dat een oever van het Valkenburgse meer was ingestort. Daar ik daar vaak fiets en hardloop ging ik daar vanaf de volkstuin als ramptoerist een kijkje nemen.

Zover kwam ik echter niet. De politie had alle toegangswegen naar het Valkenburgse meer vakkundig afgesloten. Op flinke afstand kon ik een foto maken, waarop veel reddingswerkers te zien waren.

Op de site van Omroep West stond te lezen, dat een stuk van 20 meter breed en 150 meter lang was ingestort. Een wandelpad, waarop ik vaak liep, en bomen waren door het water verzwolgen.

Evenals de vissteiger, waarop ik afgelopen vrijdag nog een foto gemaakt had van de zandzuiger, die al jaren niet meer in deze hoek van het Valkenburgse meer te zien was geweest.

Kennelijk heeft deze zuiger net te veel zand van de bodem weggezogen. Ik was allang blij, dat die instorting niet vrijdagochtend vroeg geschiedde.
Hoe dan ook, het was een 1 april om niet snel te vergeten!