Gisteren kreeg ik te horen, dat Ton Togni op 88-jarige leeftijd is overleden.
Jarenlang heb ik in de Leidse IJshal aan de Vondellaan met de "Krasse knarren" met deze laatst geboren baby in de toenmalige gemeente Veur wekelijks onze 25 kilometer geschaatst.
In dit filmpje geeft Ton aan, dat hij traint voor de Weissensee. Hetgeen volledig naar waarheid is, want de enige keer dat ik naar Oostenrijk afreisde om op het 1000 meter hoogte gelegen meer een Alternatieve Elfstedentocht te schaatsen, kwam ik Ton tegen. Hij had ook de 200 kilometer volbracht.
Ook op de Langeraarse plassen kwam ik deze bijna nestor van de "Krasse knarren" tegen. De Fries Jeen de Boer was echter een paar maanden ouder dan deze sympathieke man van de lange adem.
Ton, bedankt voor de vele uren schaatsplezier, die we samen hebben beleefd. Rust in vrede.
dinsdag 5 mei 2026
Ton Togni
vrijdag 1 mei 2026
Pieter Scargo
Afgelopen vrijdag is Pieter Scargo op 83-jarige leeftijd in zijn slaap overleden. Zijn gezondheid ging de laatste weken snel achteruit. Nadat 35 jaar geleden bij hem Non Hodgkin was ontdekt, heeft hij in zeer lang in blessuretijd geleefd. Met zijn positieve instelling liet hij zich niet uit het veld slaan door het moeten leven met een tijdbom in zijn lijf.
Zelf kende ik Pieter vooral als bestuurslid van de IJVL, maar meer nog als lid van de wedstrijdcommissie van deze Leidse schaatsvereniging. Later werd hij scheidsrechter en wedstrijdcommissaris bij schaatswedstrijden, zowel in Leiden als op De Uithof. Later werd hij dit ook bij landelijke wedstrijden en zorgde hij in een al dan niet kolkend "Thialf" voor een eerlijk verloop van de schaatswedstrijden.
Voor degenen, die denken, dat de wedstrijden vaak in de middag gehouden worden: ik kan u uit de droom halen. Verreweg de meeste wedstrijden worden op zaterdag- of zondagmorgen vroeg verreden. Dat betekende dus regelmatig in het weekeinde om 5 uur opstaan!
Voor zijn jarenlange inzet voor de club is Pieter op 5 maart 2016 tijdens het 30-jarig jubileum van benoemd als lid van verdienste. Ook Bert Staal en ondergetekende ondergingen dit huldeblijk. Het was voor ons dan ook een verdienstelijk jubileumfeest!
Vanmiddag was de uitvaart van Pieter, waarbij we veel verhalen op deze goedmoedige familieman te horen kregen. Hij was een goede zeiler en bouwde zelf zijn zeilboten, waarmee hij het ruime sop koos.
Dat beperkte zich niet tot de binnenwateren, maar ook de Waddenzee en de Noordzee werden door hem bevaren.
Op dit vlak was de tocht van een nieuwe zeilboot van Amerika via het Caraïbisch gebied en de Atlantische Oceaan naar Leiden met onderweg een passerende orkaan het absolute hoogtepunt. Van zijn zoon Sebastiaan, jarenlang trainingsmaat van me bij de droogtraining, hoorde ik dat de oncoloog de zeereis van 3 maanden had afgeraden, daar zijn bloedwaarden te laag waren. Pieter ging toch. Bij terugkomst bleken de bloedwaarden juist sterk verbeterd!
Afgezien van de orkaan heb je op zee veel minder stress en zoals bekend heeft stress vaak een negatief effect op je lichaam.
Doordat Sebastiaan op schaatsen ging en ook de vroege wedstrijden ging rijden, werd Pieter met zijn tweede liefhebberij betrokken bij de IJVL. Hij begon zijn eerste stappen in het stille maar onontbeerlijke werk op de achtergrond in de commissie Wedstrijden.
Nu zijn Mia en Sam, de kinderen van Sebastiaan ook gaan schaatsen. En wie zien we in de commissie Wedstrijden van de IHCL?
De appel valt niet ver van de boom....
De door Pieter ingezette traditie krijgt hiermee een vervolg. De cirkel is daarmee rond, maar dat wist de wiskundig zeer goed onderlegde technicus allang.
Pieter, bedankt voor alles. Rust zacht op de kalme zee.
zondag 12 april 2026
Liselotte Roeloffs
Een paar jaar geleden leerde ik deze voormalige politieagente met de Haagse Schilderswijk als werkgebied kennen bij de schaatslessen in IJshal De Vliet.
Jaap Kroes noemde haar "een lachebekkie" en daar is geen woord bij gelogen, want regelmatig hoorde je haar schaterlach over de 250-meterbaan schallen. Deze goedlachse vrouw zette anderhalf jaar geleden haar eerste stappen op het gebied van schaatstrainer worden en zij had het in zich om een goede trainster te worden.
Met haar ervaring als politieagente had ze een natuurlijk gezag over de groepen kinderen, waar ze schaatsles aan gaf. Aanvankelijk bij het vakantieschaatsen, waar ze zich met enthousiasme op stortte. Later nam ze veel kinderpartijtjes voor haar rekening en begon ze als trainster bij de Schaatsschool en bij de IJVL.
Ik geef het niet gauw toe, maar vorig jaar overtrof ze mij met een speelse schaatsles rond Halloween. In een toepasselijke outfit zorgde Liselotte voor een griezellige schaatstraining.


Bij de koffie en thee na afloop van de trainingen was ze ook duidelijk aanwezig met gezellig gelach. We waren dan ook stomverbaasd, dat ze eind vorig jaar plotsteling stopte met alle trainingen.
"Te veel hooi op haar vork genomen", dacht ik.
Er was echter wat anders aan de hand. Haar lichaam werd stukje bij beetje gesloopt. Vrijdag blies Liselotte haar laatste adem uit.
Liselotte, rust zacht. Al vermoed ik, dat vanaf nu jouw schaterlach regelmatig tussen de hemelgewelven zal weerklinken.
IJVL 40 jaar!

Een maand geleden kregen we deze uitnodiging. Op 11 april 1986 werd IJssport Vereniging Leiden opgericht. Dit was noodzakelijk, daar Leiden wel in IHCL over een shorttrackvereniging beschikte, maar niet over een langebaanvereniging. De gemeente Leiden was, na 10 jaar lang geen cent subsidie aan de Ton Menken IJsbaan te geven, om daar toe over te gaan, MITS er een eigen Leidse schaatsclub zou zijn.
In de enige regenbui van de dag reed ik in regenkleding naar IJshal De Vliet, waar zo'n 100 IJVL-ers bijeenkwamen voor een gezellig feest voor jong en oud.

De jongste was 6 jaar, de oudste was de 80 ruim gepasseerd ter gelegenheid van het 40-jarig jubileum.

Aan het slot sprak ik nog lang met Gerard Snel, de vader van Olympisch schaatser Tijmen en zijn zus Nienke, en ging ik op de foto met Bert Staal en Frank Damen.

Mijn complimenten voor de jubileumcommissie. Zij hebben een gezellig feest voor jong en oud georganiseerd. Tijdens de oprichting stond Falco op de eerste plaats in de Top-40 met "Jeanny".
Gisteren stond de IJVL zelf op de eerste plaats in de Top-40 vanwege het 40-jarig bestaan als gezellige schaatsvereniging, die de nodige toppers heeft opgeleid.

Op weg naar huis kon ik nog genieten van een mooie zonsopgang boven de Rijn.
donderdag 9 april 2026
Hartritmestoornissen
Dinsdag stond er een tamelijk alarmerend artikel op de site van de NOS onder de titel "35-plusser die jaren intensief sport, loopt groter risico op hart- en vaatziekten".
Mensen van 35 jaar of ouder die jarenlang intensief sporten, lopen een grotere kans op specifieke hart- en vaatziekten. Dat blijkt uit nieuw internationaal onderzoek waar het Radboudumc aan heeft meegewerkt.
Bij sporters wordt vaak niet gedacht aan hart- en vaatziekten, zegt onderzoeker Thijs Eijsvogels. Dat is onterecht, blijkt nu. Bij heel fanatieke sporters komen hartritmestoornissen en verkalking van de kransslagaders juist vaker voor.
Het gaat dan wel over heel intensief sporten, zegt Eijsvogels. "Sport waarbij je hartslag en ademhaling flink omhoog gaan, waarbij je niet meer een fatsoenlijk gesprek kunt voeren." Ook gaat het niet over eenmalig intensief sporten, maar ten minste vijf tot tien jaar.
"Sporten is in principe gezond", benadrukt Eijsvogels. "Het verlaagt het risico op vroegtijdige sterfte en op tal van chronische ziekten."
De meeste gezondheidswinst valt te behalen als iemand die niet sport actief wordt. Het voorschrift van de Gezondheidsraad is om ten minste 150 minuten per week matig intensief te bewegen. "Als je tussen de drie en vijf uur per week sport, zit je aan je maximale gezondheidswinst", zegt Eijsvogels. "Daarboven levert het niet zo veel meer op."
Vanaf een bepaalde hoeveelheid en intensiteit sporten ontstaan er dus juist extra risico's, zegt de onderzoeker. "Maar waar dat omslagpunt precies ligt, weten we nog niet." Ook is nog niet bekend waarom fanatieke sporters vaker kampen met hartritmestoornissen en verkalking van de kransslagaders.
Wel is duidelijk dat hart- en vaatziekten bij fanatieke sporters anders tot uiting komen dan bij mensen die normaal of niet hebben gesport. Zij kunnen dit merken aan een plotseling prestatieverlies tijdens het sporten, zegt Eijsvogels. "Als je bijvoorbeeld niet meer het tempo kan fietsen wat je daarvoor deed en op je sporthorloge ziet dat het samenvalt met een tijdelijke verstoring van het hartritme."
De onderzoekers hebben nieuwe richtlijnen opgesteld om sporters met hart- en vaatziekten beter te begeleiden en behandelen. Maar het is natuurlijk nog beter om te voorkomen dat je deze ziekten ontwikkelt, zegt Eijsvogels.
Een verhoogde bloeddruk of verhoogd cholesterolgehalte bij een fanatieke sporter werd tot nu toe vaak niet serieus genomen. "Er wordt vaak gedacht: maar je bent een sporter, je zit iedere week op de fiets, je bent in voorbereiding op een marathon. Je compenseert dat wel je met je gezonde leefstijl."
Er is een omslag in denken nodig, vindt Eijsvogels. Hij adviseert fanatieke sporters van 35 jaar of ouder om eens in de vijf jaar te laten kijken naar risicofactoren als bloeddruk, cholesterol en bloedsuikers. "En als ze verhoogd zijn, doe er dan wat mee en steek niet je kop in het zand."
Voor mij is de uitkomst van dit medisch onderzoek niet helemaal nieuw. Het komt namelijk overeen met een levensverwachtingsonderzoek, dat gestart is na de Elfstedentocht van 1956. 
De groep wedstrijdrijders, de toertochtrijders en de Nederlandse bevolking werden in 3 groepen verdeeld. Dit leidde tot een verrassende conclusie. De toertochtschaatsers leefden gemiddeld langer dan de Nederlandse bevolking. Maar waar je zou verwachten, dat de wedstrijdrijders nog beter zouden scoren, daar gebeurde juist het omgekeerde. Zij leefden gemiddeld niet alleen korter dan de toerrijders, maar ook korter dan de gemiddelde Nederlander!
Mijn vroegere huisarts zei altijd: "Topsport begint, waar gezondheid eindigt!"
Nu heb ik de naam, dat ik een fanatiek sporter ben. Dit is vooral ingegeven door het feit, dat ik een enorm duurvermogen heb opgebouwd in de loop van jaren. Er zijn niet veel schaatsers, die 200 kilometer op kop rijden in zich hebben. Dit is mogelijk, doordat ik een zeer gelijkmatig heb, dat ik héél lang vol kan houden. Een soort ingebouwde cruisecontrol. Zo'n Alternatieve Elfstedentocht rij ik meestal maar 1 of 2 keer per jaar en dat geldt ook voor de marathon, die voor mij steevast de Leiden Marathon is. Ik neem rustig de tijd om met bekenden langs de kant even bij te praten. Hoeveel marathonlopers gaan rustig in een tuin op een tuinstoel zitten?
Feitelijk wordt de marathon zo viermaal een 10 kilometer lopen met 5 tot 10 minuten rust tussendoor. En dat is voor een fitte 70-jarige duursporter prima te doen.
Ik train wel veel, maar ik ga zelden echt diep. En als trainer weet ik, dat een inspanning leveren prima is, zolang je je lichaam maar tijd gunt om te herstellen. Ik ben nog nooit overtraind geweest en door de nadruk op gedoseerd duurwerk zie ik dat ook niet zo gauw gebeuren. Een plotseling prestatieverlies tijdens het sporten kan namelijk ook een gevolg zijn van zowel te veel als te weinig trainen als van onderliggende lichamelijke klachten.
Voor wat betreft het advies om eens in de vijf jaar te laten kijken naar risicofactoren als bloeddruk, cholesterol en bloedsuikers: nadat in 2017 een veel te hoge bloeddruk bij mij is vastgesteld, doe ik dit veelal jaarlijks.
Denk echter niet, dat ik zo arrogant ben, dat ik denk, dat hartritmestoornissen mij niet zou kunnen overkomen. Ik ken diverse sporters, die last hebben van hartritmestoornissen en leef lang genoeg om te weten, dat we als mensen allemaal kwetsbaar zijn.
Naschrift:
Assistent-professor Rutger Middelburg van het LUMC is niet te spreken over een artikel van de NOS dat suggereert dat intensief sporten na je 35ste de kans op hart- en vaatziekten vergroot. Volgens hem is het artikel te stellig en mist het belangrijke nuance.
Middelburg uitte zijn kritiek dinsdag op LinkedIn, waar hij het NOS-artikel omschreef als ’extreem schadelijk’. Zijn bericht kreeg veel bijval en duizenden likes. „Ik schrok toen ik het artikel las”, zegt hij. „Ik sport veel en ben boven de 35. Daarom ben ik de bronnen gaan controleren.”
Volgens Middelburg heeft de NOS het onderzoek van het Radboudumc niet goed geïnterpreteerd. ,,De onderzoekers waarschuwen dat fanatieke sporters zeker niet immuun zijn voor hart- en vaatziekten. Tegelijkertijd worden de sporters, doordat ze er gezond uitzien, minder vaak getest op risicofactoren zoals een verhoogde bloeddruk en cholesterol, dan bijvoorbeeld mensen met overgewicht.”
Dat levert een risico op onderschatting op. Maar het betekent niét dat intensief sporten na je 35ste slecht voor je hart is. De risicofactoren voor hart- en vaatziekten blijven bij fanatieke sporters volgens Middelburg vaker onopgemerkt, maar komen niet vaker voor zoals de kop van het NOS-artikel suggereert.
Het advies van het Radboudumc is vooral aan artsen gericht, om onderbehandeling te voorkomen. Cardiovasculaire problemen kunnen zich bij intensieve sporters vaak anders presenteren. Zo kunnen sporters bijvoorbeeld na inspanning flauwvallen, in plaats van de klassieke druk op de borst vlak voor een hartaanval.
Sommige vormen van hart- en vaatziekten komen volgens Middelburg juist eerder aan het licht bij fanatieke sporters, zoals hartritmestoornissen. „Sporters met een hartritmestoornis ontdekken dat vaak tijdens hun trainingen, omdat ze hun hartslag beter in de gaten houden.”
Marathon
Middelburg wijst op een statement van cardiologen, waaruit blijkt dat sommige intensieve sporters een stijvere kransslagader kunnen hebben, een risicofactor voor bijvoorbeeld een hartaanval.
„Bij fanatieke sporters en mensen met overgewicht komt dat doordat het hart harder moet werken,” zegt Middelburg. „Maar bij sporters blijft, in tegenstelling tot bij mensen met overgewicht, de doorbloeding van de kransslagaders over het algemeen goed.”
Middelburg nuanceert ook het risico op hartproblemen tijdens intensieve inspanning, zoals marathons. „Het klopt dat tijdens een marathon de kans op een hartaanval tijdelijk iets hoger is. Maar het feit dat je in staat bent een marathon te lopen, betekent juist dat je algehele risico op hart- en vaatziekten veel lager is.”
Hij maakt zich daarnaast zorgen over de impact van berichtgeving zoals die van de NOS. „Ik werk mee aan de Health Hub in Den Haag, waar we mensen juist stimuleren om gezonder te leven en meer te bewegen. Dan helpt dit soort berichtgeving niet mee. Het kan mensen onnodig afschrikken.”
Bron: Leidsch Dagblad
Lepelaarsloop
Voor vanmorgen stond een trainingsloop met Aad Kleijweg in de agenda. Om kwart over 9 stapte ik op de fiets, zodat ik om half 10 bij deze trainingsmaat zou zijn. Vanaf zijn huis liepen we naar polderpark "Cronesteyn", waar we op het eerste bruggetje onze spieren oprekten.
Van de voorspelde 22 graden was echter bij lange na geen sprake, zodat ik mijn afritsbroek maar aanhield. Vanmorgen was het nog te fris om in een korte broek te gaan lopen.
Het was verder een prima temperatuur om in te lopen, want met hardlopen loopt de lichaamstemperatuur immers ook aardig op. We liepen driemaal een kilometer door deze groene long in dit deel van de Leidse regio. De eerste kilometer ging in 4.52, de tweede in 4.49 en de derde in 4.44. Een mooie aflopende reeks.
De eerste cooling down deden we rond de nog steeds bestaande slotgracht van het verdwenen kasteel "Cronesteyn".
Waar ooit de torens van het kasteel stonden, staan nu hoge bomen.
Deze groene torens werden nu bevolkt door lepelaars, die daar hun nesten hadden gemaakt.




Een stukje verderop stond de eerste daslook al in bloei.


We liepen daarna over dezelfde route terug naar het huis van Aad, waar we na een kleine 10 kilometer lopen muntthee dronken met een stukje amandelstaaf erbij.
Ik haalde daarna wat fruit bij "De Helianth", waarna ik naar IJshal De Vliet pedaleerde. Daar kreeg ik te horen, dat het bestuur van de Stichting IJshal De Vliet had besloten, dat "Glibbers op glissen" in het najaar uit gaat komen, 50 jaar na de bouw van de Ton Menken IJsbaan, die gebouwd was voor 25 jaar en in totaal 47 jaar in bedrijf is geweest.
Op de ijshockeybaan was het Nederlands ijshockeyteam bij de vrouwen aan het trainen. Dat zijn pittige trainingen met veel korte sprintjes en draaien en keren.
Op de 250-meterbaan, waar we vorige week dinsdag voor het laatst geschaatst hadden op osmoseijs, bleek het ijs nog lang niet gesmolten.


Met het oog op eventueel schilderwerk in de zomer wilde ik kijken, hoe de verflaag eruit zou zien, maar op dit moment is daar nog geen zinnig woord over te zeggen.
Na deze inspectieronde fietste ik naar de volkstuin, waar ik met een kruiwagen stenen van onze tuin naar de bijentuin bij de ingang transporteerde. 

Daar zag ik deze buishyacint staan,
Op weg naar huis zag ik deze Nijlganzenkuikens.
U ziet het, ik maakte een flinke omweg....
En om de cirkel rond te maken, kwam ik vlak bij de Stevenshof deze lepelaar in het weiland tegen.

woensdag 1 april 2026
Glibbers op glissen
Gisterenmiddag hadden we een afspraak over de uitgave van "Glibbers op glissen", het boek dat oorspronkelijk in oktober 2023 bij de opening van IJshal De Vliet uit zou komen.
Oorspronkelijk zou het grotendeels gaan over de 47-jarige geschiedenis van de Ton Menken IJsbaan, maar 3 jaar verder komt er uiteraard ook een deel bij van de inmiddels 3 schaatsseizoenen oude energiezuinige kunstijsbaan aan de Marie Diebenplaats.
En dat is nogal wat. Na de vele kinderziektes in het eerste jaar begint IJshal De Vliet steeds beter te draaien. Je kunt het vergelijken met een cocon, waaruit nu een prachtige vlinder tevoorschijn komt.
Er is een voorlopige offerte opgesteld, waarover het bestuur van IJshal De Vliet volgende week de knoop zal doorhakken of de uitgave er gaat komen of niet. 
De oplage is vastgesteld, er is een datum geprikt voor de presentatie van het boek en er zullen nog aanvullende hoofdstukken aan toegevoegd gaan worden. 
Kortom, ik ga me de komende maanden absoluut niet vervelen....
dinsdag 31 maart 2026
Osmoseschaatsen
Eerder deze maand was het al aangekondigd. We zouden een uitnodiging krijgen om op met osmosewater gedweild ijs te komen schaatsen. In "Thialf" werken ze er al jaren mee en de ervaringen ermee zijn zonder meer goed te noemen.
Zaterdag had ik al even kunnen schaatsen op osmoseijs, ook al ga je bij een kinderpartijtje natuurlijk niet voluit. Ik had het idee, dat ik langer doorgleed, maar vandaag kwam de echte proef op de som.
Bij osmosewater worden de mineralen en zouten uit het water gefilterd, waardoor je in theorie minder glijweerstand ondervindt. Deze functie zit ook op de "Mammoth"-dweilmachines en het slot van het schaatsseizoen was een ideaal moment om dit uit te testen. Mocht het ijs erdoor verknoeid worden, dan was er geen man overboord.
Aan dit experiment kon je je dus geen buil vallen. En als het slaagde, kon je er in het nieuwe schaatsseizoen meteen mee beginnen. Vanmorgen kwam een veertigtal veelal ervaren schaatsers een paar dagen na de officiële sluiting van de 250-meterbaan naar IJshal De Vliet om het osmoseschaatsen te kunnen ervaren. Je mocht van 9 uur tot half 11 schaatsen.
Ik zorgde ervoor, dat ik op tijd was, zodat ik ten volle van die toegift van anderhalf uur kon gaan genieten. Bij aankomst was ijsmeester Wiemer Sjoerdsma al bezig met het dweilen.
Toen ik mijn kluisje opende, bleek dat de rugzak vast zat. De rugzak kon ik er niet uit krijgen, maar de schaatsen gelukkig wel uit de rugzak.
Het had veel weg van een mislukte Houdini-act.
De rugzak was van later zorg. Ik stond als eerste op het ijs en het gleed erg makkelijk. De slagen waren langer dan anders. Na een tiental rondjes in de 40 seconden ging het steeds wat sneller, terwijl de eerste pelotonnetjes zich vormden. Na 25 rondjes dook ik in de 36 seconden en na de eerste 10 kilometer te hebben afgelegd volgden heel lang louter 35-ers met ook nog een serie 34-ers. De snelste ronde was 34,003. Pas 100 rondjes verder kwam ik structureel boven de 36 seconden uit.
Denk niet, dat ik de snelste was, want de snelste rondjes op het scorebord waren 27,8 en 28,2, zo'n 6 seconden sneller. Na 160 rondjes nam ik wat gas terug om na 40 kilometer voluit te hebben geschaatst wat uit te bollen. Dat deed ik iets meer naar binnen toe. Doordat ik bijna anderhalf uur de blauwe lijn gevolgd had, gleed het iets minder, maar dat was niet anders dan bij de reguliere trainingen van de "Krasse knarren". Op het stuk, waar ik nu reed was veel minder geschaatst en leek het wel een gedweilde baan.
Na 180 rondjes verliet ik de 250-meterbaan. Het osmoseschaatsen was wat mij betreft volledig geslaagd. De benen waren goed, maar het osmoseijs ook!
Toen Wiemer klaar was met het dweilen van de ijshockeybaan, die dit jaar weer voor zomerijs gaat zorgen, kon ik een schaar lenen om de rugzak los te kunnen knippen van de kluis..png)
In de kantine dronk ik nog een kop warme chocolademelk met Bauke Dooper en Johan van der Weij, waarna het schaatsseizoen 2025-2026 er na 8625 rondjes voor deze testrijder helemaal op zat.
maandag 30 maart 2026
Aardbeienbed
Vanavond hadden we een vergadering van de Schaatsschool in IJshal De Vliet. Zo konden we het afgelopen seizoen evalueren en kijken, wat er het komend seizoen beter kan. Daarvoor had ik aardappels met witlof en kaassaus gegeten met mijn vrouw, die ik vanmiddag geholpen had met het aardbeienbed.
Ada haalde het onkruid weg, waarna ik stro en paardenmest met een klein vorkje uitspreidde om de aardbeienplanten. Deze mest haalde ik met een kruiwagen bij de ingang van het volkstuincomplex. Bij de tweede kruiwagen brak de steel van de riek.
Denk nou niet meteen, dat dit komt door pure kracht mijnerzijds. Het kan ook aan het materiaal liggen.
Op de terugweg naar huis was een grote hijskraan bezig met werkzaamheden pal langs het fietspad langs de Schenksloot.

Naar mijn bescheiden mening kun je beter een vork van een riek breken dan een hijskraan de hefboom.
Vanmorgen ging Ada na het ontbijt boodschappen doen in de Leidse binnenstad, terwijl ik een looptraining van 6 kilometer inlaste naar het park van "Ter Wadding". Ik liep er naar toe en liep een drietal rondjes door het mooie bos in lentetooi.


Met ObsIdentify als leidraad ontdekte ik tal van voor mij nieuwe planten.

Het zomerklokje.

Gele bosanemoon.
De vingerhelmbloem.
De wilde kievitsbloem.
De stengelloze sleutelbloem.


De bostulp.
De bosanemoon.
Op de terugweg kwam ik in het Stevenspark ook nog de nodige bloemen tegen.
De brede druifhyacint.
De Spaanse aak.
Dit was mijn 1000e melding bij waarneming.nl.
Het spreekt voor zich, dat ik vandaag niet voor een toptijd ging. Maar het was wel een toptijd om de lentebloemen te bekijken.....

