Posts tonen met het label Wintertriatlon. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Wintertriatlon. Alle posts tonen

maandag 11 mei 2026

Maandag wasdag

In onze jeugdjaren was het een vast gegeven. De vrouwenemancipatie en de komst van de wasmachine hebben dit vastgeroeste gegeven voorgoed veranderd. 

Dat betekent natuurlijk niet, dat er op maandag geen was meer gedraaid wordt.

Zoals vandaag. Na de marathon en de trainingen van de afgelopen week zat er aardig wat sportwas in de wasmand, dus een was met sportkleding was geen overbodige luxe. Een paar uur later hing ik deze was op in de doucheruimte en in het trapgat.


Nu we het toch over het trapgat hebben: traplopen is vandaag geen favoriete bezigheid van me. Na de wintertriatlon had ik zware bovenbenen, na de Bert Grotenhuis Bokaal en het baanrecord van 200 kilometer schaatsen in IJshal De Vliet had ik nergens last van.
De laatste keer, waarop mijn benen hetzelfde aanvoelden was na de Leiden Marathon van vorig jaar. Nu heeft elk nadeel zijn voordeel. Ik weet in ieder geval, dat ik gisteren nergens wat heb laten liggen.

Nog een voordeel van duursporten is, dat je bloeddruk erdoor omlaag gaat. Waar die gisterenochtend 128 om 71 was, was die vanmorgen 116 om 64.

donderdag 9 april 2026

Hartritmestoornissen

Dinsdag stond er een tamelijk alarmerend artikel op de site van de NOS onder de titel "35-plusser die jaren intensief sport, loopt groter risico op hart- en vaatziekten".

Mensen van 35 jaar of ouder die jarenlang intensief sporten, lopen een grotere kans op specifieke hart- en vaatziekten. Dat blijkt uit nieuw internationaal onderzoek waar het Radboudumc aan heeft meegewerkt.
Bij sporters wordt vaak niet gedacht aan hart- en vaatziekten, zegt onderzoeker Thijs Eijsvogels. Dat is onterecht, blijkt nu. Bij heel fanatieke sporters komen hartritmestoornissen en verkalking van de kransslagaders juist vaker voor.

Het gaat dan wel over heel intensief sporten, zegt Eijsvogels. "Sport waarbij je hartslag en ademhaling flink omhoog gaan, waarbij je niet meer een fatsoenlijk gesprek kunt voeren." Ook gaat het niet over eenmalig intensief sporten, maar ten minste vijf tot tien jaar.
"Sporten is in principe gezond", benadrukt Eijsvogels. "Het verlaagt het risico op vroegtijdige sterfte en op tal van chronische ziekten."

De meeste gezondheidswinst valt te behalen als iemand die niet sport actief wordt. Het voorschrift van de Gezondheidsraad is om ten minste 150 minuten per week matig intensief te bewegen. "Als je tussen de drie en vijf uur per week sport, zit je aan je maximale gezondheidswinst", zegt Eijsvogels. "Daarboven levert het niet zo veel meer op."

Vanaf een bepaalde hoeveelheid en intensiteit sporten ontstaan er dus juist extra risico's, zegt de onderzoeker. "Maar waar dat omslagpunt precies ligt, weten we nog niet." Ook is nog niet bekend waarom fanatieke sporters vaker kampen met hartritmestoornissen en verkalking van de kransslagaders.
Wel is duidelijk dat hart- en vaatziekten bij fanatieke sporters anders tot uiting komen dan bij mensen die normaal of niet hebben gesport. Zij kunnen dit merken aan een plotseling prestatieverlies tijdens het sporten, zegt Eijsvogels. "Als je bijvoorbeeld niet meer het tempo kan fietsen wat je daarvoor deed en op je sporthorloge ziet dat het samenvalt met een tijdelijke verstoring van het hartritme."
De onderzoekers hebben nieuwe richtlijnen opgesteld om sporters met hart- en vaatziekten beter te begeleiden en behandelen. Maar het is natuurlijk nog beter om te voorkomen dat je deze ziekten ontwikkelt, zegt Eijsvogels.
Een verhoogde bloeddruk of verhoogd cholesterolgehalte bij een fanatieke sporter werd tot nu toe vaak niet serieus genomen. "Er wordt vaak gedacht: maar je bent een sporter, je zit iedere week op de fiets, je bent in voorbereiding op een marathon. Je compenseert dat wel je met je gezonde leefstijl."
Er is een omslag in denken nodig, vindt Eijsvogels. Hij adviseert fanatieke sporters van 35 jaar of ouder om eens in de vijf jaar te laten kijken naar risicofactoren als bloeddruk, cholesterol en bloedsuikers. "En als ze verhoogd zijn, doe er dan wat mee en steek niet je kop in het zand."
Voor mij is de uitkomst van dit medisch onderzoek niet helemaal nieuw. Het komt namelijk overeen met een levensverwachtingsonderzoek, dat gestart is na de Elfstedentocht van 1956.

De groep wedstrijdrijders, de toertochtrijders en de Nederlandse bevolking werden in 3 groepen verdeeld. Dit leidde tot een verrassende conclusie. De toertochtschaatsers leefden gemiddeld langer dan de Nederlandse bevolking. Maar waar je zou verwachten, dat de wedstrijdrijders nog beter zouden scoren, daar gebeurde juist het omgekeerde. Zij leefden gemiddeld niet alleen korter dan de toerrijders, maar ook korter dan de gemiddelde Nederlander!
Mijn vroegere huisarts zei altijd: "Topsport begint, waar gezondheid eindigt!"

Nu heb ik de naam, dat ik een fanatiek sporter ben. Dit is vooral ingegeven door het feit, dat ik een enorm duurvermogen heb opgebouwd in de loop van jaren. Er zijn niet veel schaatsers, die 200 kilometer op kop rijden in zich hebben. Dit is mogelijk, doordat ik een zeer gelijkmatig heb, dat ik héél lang vol kan houden. Een soort ingebouwde cruisecontrol. Zo'n Alternatieve Elfstedentocht rij ik meestal maar 1 of 2 keer per jaar en dat geldt ook voor de marathon, die voor mij steevast de Leiden Marathon is. Ik neem rustig de tijd om met bekenden langs de kant even bij te praten. Hoeveel marathonlopers gaan rustig in een tuin op een tuinstoel zitten?

Feitelijk wordt de marathon zo viermaal een 10 kilometer lopen met 5 tot 10 minuten rust tussendoor. En dat is voor een fitte 70-jarige duursporter prima te doen.
Ik train wel veel, maar ik ga zelden echt diep. En als trainer weet ik, dat een inspanning leveren prima is, zolang je je lichaam maar tijd gunt om te herstellen. Ik ben nog nooit overtraind geweest en door de nadruk op gedoseerd duurwerk zie ik dat ook niet zo gauw gebeuren. Een plotseling prestatieverlies tijdens het sporten kan namelijk ook een gevolg zijn van zowel te veel als te weinig trainen als van onderliggende lichamelijke klachten.

Voor wat betreft het advies om eens in de vijf jaar te laten kijken naar risicofactoren als bloeddruk, cholesterol en bloedsuikers: nadat in 2017 een veel te hoge bloeddruk bij mij is vastgesteld, doe ik dit veelal jaarlijks.

Denk echter niet, dat ik zo arrogant ben, dat ik denk, dat hartritmestoornissen mij niet zou kunnen overkomen. Ik ken diverse sporters, die last hebben van hartritmestoornissen en leef lang genoeg om te weten, dat we als mensen allemaal kwetsbaar zijn.

Naschrift:

Assistent-professor Rutger Middelburg van het LUMC is niet te spreken over een artikel van de NOS dat suggereert dat intensief sporten na je 35ste de kans op hart- en vaatziekten vergroot. Volgens hem is het artikel te stellig en mist het belangrijke nuance.
Middelburg uitte zijn kritiek dinsdag op LinkedIn, waar hij het NOS-artikel omschreef als ’extreem schadelijk’. Zijn bericht kreeg veel bijval en duizenden likes. „Ik schrok toen ik het artikel las”, zegt hij. „Ik sport veel en ben boven de 35. Daarom ben ik de bronnen gaan controleren.”
Volgens Middelburg heeft de NOS het onderzoek van het Radboudumc niet goed geïnterpreteerd. ,,De onderzoekers waarschuwen dat fanatieke sporters zeker niet immuun zijn voor hart- en vaatziekten. Tegelijkertijd worden de sporters, doordat ze er gezond uitzien, minder vaak getest op risicofactoren zoals een verhoogde bloeddruk en cholesterol, dan bijvoorbeeld mensen met overgewicht.”
Dat levert een risico op onderschatting op. Maar het betekent niét dat intensief sporten na je 35ste slecht voor je hart is. De risicofactoren voor hart- en vaatziekten blijven bij fanatieke sporters volgens Middelburg vaker onopgemerkt, maar komen niet vaker voor zoals de kop van het NOS-artikel suggereert.
Het advies van het Radboudumc is vooral aan artsen gericht, om onderbehandeling te voorkomen. Cardiovasculaire problemen kunnen zich bij intensieve sporters vaak anders presenteren. Zo kunnen sporters bijvoorbeeld na inspanning flauwvallen, in plaats van de klassieke druk op de borst vlak voor een hartaanval.
Sommige vormen van hart- en vaatziekten komen volgens Middelburg juist eerder aan het licht bij fanatieke sporters, zoals hartritmestoornissen. „Sporters met een hartritmestoornis ontdekken dat vaak tijdens hun trainingen, omdat ze hun hartslag beter in de gaten houden.”
Marathon
Middelburg wijst op een statement van cardiologen, waaruit blijkt dat sommige intensieve sporters een stijvere kransslagader kunnen hebben, een risicofactor voor bijvoorbeeld een hartaanval.
„Bij fanatieke sporters en mensen met overgewicht komt dat doordat het hart harder moet werken,” zegt Middelburg. „Maar bij sporters blijft, in tegenstelling tot bij mensen met overgewicht, de doorbloeding van de kransslagaders over het algemeen goed.”
Middelburg nuanceert ook het risico op hartproblemen tijdens intensieve inspanning, zoals marathons. „Het klopt dat tijdens een marathon de kans op een hartaanval tijdelijk iets hoger is. Maar het feit dat je in staat bent een marathon te lopen, betekent juist dat je algehele risico op hart- en vaatziekten veel lager is.”
Hij maakt zich daarnaast zorgen over de impact van berichtgeving zoals die van de NOS. „Ik werk mee aan de Health Hub in Den Haag, waar we mensen juist stimuleren om gezonder te leven en meer te bewegen. Dan helpt dit soort berichtgeving niet mee. Het kan mensen onnodig afschrikken.”

Bron: Leidsch Dagblad

vrijdag 20 maart 2026

Trouwdag


Teneinde dit soort taferelen te voorkomen, had ik met mijn vrouw overlegd, toen bekend werd dat de Bert Grotenhuis Bokaal op onze trouwdag verreden zou gaan worden.

Het was geen probleem. In het verleden heb ik ook wel eens aan de wintertriatlon meegedaan op onze trouwdag. Maar om Ada te laten weten dat dit trainingsbeest haar zeer waardeerde, had hij een Dwarsligger gevonden met de welluidende titel "Alle beesten".

Om 6 uur verliet ik de echtelijke sponde om mijn sportkleding aan te trekken en een ontbijt met veel fruit te nuttigen. Om 7 uur werd ik opgehaald door "Krasse knar" Dennis Groeneveld. Samen reden we naar de IJsbaan van Haarlem, waar we zoveel rondjes als mogelijk zouden gaan rijden. Dennis zou volgens plan op 253 rondjes uitkomen.

Via de toeristische route door de Bollenstreek reden we er naar toe. We waren precies op tijd klaar om met zo'n 50 schaatsers van start te gaan bij de Bert Grotenhuis Bokaal. Er waren weer een hoop bekenden, die ook al jaren meedoen met dit schaatsfestijn aan het slot van het seizoen.

Er waren zoals gebruikelijk schaatsers, die er meteen in vlogen. Deze Diesel moet altijd even op gang komen, maar als de motor is warmgedraaid kan hij blijven gaan. Ik was al een paar keer gelapt voor ik in ronde 9 voor het eerst onder de minuut dook. Het eerste uur had ik meestal een paar schaatsers achter me.
Het eerste uur reed ik 62 rondjes, het uur erop ging met 60 rondjes voortvarender. Dat klink tegenstrijdig, doch dat is het niet. De dweilpauze van 8 minuten zorgde ervoor, dat het uur effectief 52 minuten duurde. Tijdens deze serie reed ik met 51,7 mijn snelste rondje van de dag. Het derde uur ging met 56 rondjes niet veel langzamer.

Door de laagstaande zon, die op het gladde ijs weerkaatst werd, reed ik vanaf deze serie met mijn nieuwe zonnebril op.
Op de baan was het nu een stuk drukker. Er reden diverse trainingsgroepen, zodat je af en toe gepasseerd werd door een langgerekt peloton. Er reden diverse IJVL-ers mee, waaronder Elfstedenmaat Andrea Landman.

Op een gegeven moment reden er 2 Leidse tandartsen op kop van dat peloton: Wouter van Riessen en Arthur van Winsen. Het tempo ging omhoog. Laat ik het zo zeggen: zij trokken er flink aan.
Tijdens de daarop volgende pauze met praatte ik een tijdje met Arthur.
Ondanks dat ik gemiddeld rondjes 55 reed, had ik weinig schaatsers achter me aan. Maar tegen mijn voormalige tandarts zei ik: "Ach Arthur, het is net als met jouw beroep. Vroeger of later komen ze vanzelf naar je toe."

Het was inmiddels warmer geworden. Ik had mijn IJsstrijd-trainingsjack uitgetrokken en reed in het Jumbo-shirt, dat ik van Tijmen Snel had gekregen.
"Je rijdt nu in de gele trui", zei de immer enthousiaste Ageeth Bosma tegen me.
Ik nam een meisje van ijsclub "Nut en Vermaak" uit Leimuiden, de club van stayers pur sang Bob de Jong en Esmee Visser, op sleeptouw en schakelde daardoor aan het eind van het vierde uur over op rondjes van net onder of op de minuut.

Voor een deel kwam dat door een botte plek op één van mijn ijzers. Het grote voordeel van kluunschaatsen bleek maar weer eens. Ik had een reservepaar meegenomen, zodat ik met scherpe ijzers verder kon schaatsen.

De totaalstand was inmiddels opgelopen naar 233 omlopen van 400 meter. Het was nog maar een klein stukje naar het 250e rondje. Altijd een magisch moment. Vanaf daar kun je af gaan tellen.
Het vijfde uur begon ik vrij rustig, maar gaandeweg versnelde ik met een aardige sliert achter me aan. Het was rustiger op de baan , zodat ik mijn specialiteit ten volle kon benutten: een brede slag. Met 286 rondjes op de teller zag het er naar uit, dat ik volgens mijn schema de 200 kilometer kon volbrengen. Bij het van de baan afgaan voor de Zamboni kwam een man naar mij toe: "Wat bent u ontzettend sterk!"

De zesde serie had ik als vanouds het grootste deel van de deelnemers achter me aan met gemiddeld rondjes 55. Het totaal kwam uit op 401 omlopen, dus ik hoefde er nog maar 99 af te leggen.

Het 8e uur ging net zo snel als het uur ervoor met eveneens een aardig lange stoet in mijn kielzog. Met 456 rondjes hoefde ik het laatste uur nog maar 44 omlopen af te leggen. Ik reed wat rustiger om vooral de jeugdige schaatsers op weg naar de finish te helpen bij dit leuke duursportevenement. Uit ervaring wet ik, dat dit  het zwaarste stuk kan zijn. Het gezegde luidt niet voor niets: De laatste loodjes wegen het zwaarst!

Tijdens het 500e rondje ging ik hand in hand over de finish met Bert Grotenhuis, de naamgever en bedenker van dit duursportevenement. Ik had nog tijd genoeg over om 12 rondjes te rijden, zodat ik om 5 uur 512 rondjes op de teller had staan. Exact het aantal van vorig jaar, de dag waarop mijn zus Leny was overleden.



De prijsuitreiking was in het restaurant van de ijsbaan. Na alle sportdranken was het tijd voor een onvervalst Haarlems biertje: Jopen.

De niet volledige uitslag is af te lezen uit dit staatje. Asturias met 512 rondjes ontbreekt. Ik zou dan als 7e gefinisht zijn.

Blijkens de uitslag was ik bij de mannen als 6e geëindigd en in het totaalklassement als 8e.

Ik kon met Nathalie, die op kunstschaatsen 417 rondjes afgelegd had, meerijden tot station Heemstede, waar ik de trein naar De Vink nam. In de Stevenshof kon ik genieten van een prachtige zonsondergang.

Daarna kon ik mijn vrouw in de armen sluiten op onze trouwdag, die vorig jaar een stuk treuriger was.

maandag 9 maart 2026

Tulpenmarathon

Het is niet mijn gewoonte om op zondagmorgen om 6 uur op te staan, maar gisteren was zo'n zondag, waarop ik dat wel deed. Ik moest, pardon, ik mocht op kop rijden van het langzame peloton bij de Tulpenmarathon in IJshal De Vliet. Na in mijn eentje ontbeten te hebben reed ik in de mist naar de Marie Diebenplaats.

Daar kreeg ik startnummer 119 uitgereikt, waarna ik naar de trainerskleedkamer wandelde om mijn schaatsen en duidelijk herkenbaar bovenkleding aan te trekken. Dat deed ik, terwijl ik gezellig bijpraatte met Jos Fugers.

Ik klikte mijn ijzers onder mijn langlaufschoenen en begaf me op het gladde ijs van de 250-meterbaan.
Na een rondje of 5 inrijden kreeg ik een tweede transponder om. Zo zou ik kunnen controleren of mijn linkerbeen sneller was dan mijn rechterbeen of omgekeerd.

Al spoedig bleek, dat die controle onmogelijk was, doordat het rondetijdenbord net als bij de Oliebollenmarathon alleen de rondetijden van de snelste groep lieten zien. Een frustrerende gang van zaken, vooral als je als gangmaker op kop geacht wordt om een bepaalde snelheid aan te houden, maar je niet echt kunt controleren, of je dat ook daadwerkelijk doet. Iedere keer moest je naar de kant seinen, dat je je rondetijd wilde horen. Waar ik rondjes 40 zou moeten rijden volgde zodoende een jojoschema van een rondje 42 gevolgd door een rondje 39 en omgekeerd.

Na 75 rondjes was onze groep als eerste klaar. Na een rondje rust gingen we verder tot we de 100 rondjes volbracht hadden. We gaven 10 rondjes toe op het middelste peloton, dat de rondjes in 36 seconden moest volbrengen. Zij stopten, maar het langzame peloton ging na een rondje rust gewoon door naar de 125 rondjes. Het snelle peloton, dat rondjes 32 moest rijden, reed vaak 30 blank en soms 29, maar ging de laatste rondjes helemaal tekeer.

 Aldert Prast, die vorige week 5e was geworden bij de Wintertriatlon, legde de slotronde van de 150 rondjes in 22,8 seconden af. Wij deden dat bij deze 25 rondjes extra in rondjes 41. Hand in hand gingen we over de finish van de Tulpenmarathon.

Hiermee plaatsten we ons in de Schaatshistorie. Zo kwamen de winnaars van de Elfstedentocht van 1956 ook samen over de finishlijn.

Zoek de 7 verschillen!
Na een half kopje warme chocolade en een tijdje napraten met een aantal schaatsers van het langzame peloton fietste ik naar huis toe voor een warme douche. Mijn vrouw stond op het punt om met een zus naar Amsterdam te vertrekken voor de demonstratie voor vrouwenrechten op deze Vrouwendag.

Zelf had ik die aandrang niet zo om mee te gaan. Met 8 zussen boven me was het in mijn jonge jaren iedere dag vrouwendag....

Daarnaast was er de ontknoping van het superspannende Wereldkampioenschap Allround in "Thialf". Ragne Wiklund werd de eerste Noorse wereldkampioene sinds 1938, Sander Eitrem de eerste Noorse wereldkampioen sinds 1994, toen Johann Olav Koss onverslaanbaar was.

Bijzonder waren de 1500- en 10.000-meterritten, die Olympische kampioenen Jordan Stolz en Sander Eitrem met elkaar uitvochten. Op de schaatsmijl had de Amerikaan voor de eerste bocht de Scandinaviër al op een flinke achterstand gezet, maar veel verder kwam hij niet. Op de slotafstand zette de stayer de supersprinter op meer dan een ronde achterstand. Hoe dan ook, het was het mooiste WK allround in vele jaren!

Na het avondeten keken Ada en ik naar de ruim een half uur durende uitzending van de NOS over de Vrouwendagdemonstratie in Amsterdam. Af en toe kreeg je plaatsvervangende schaamte. In 1970 begon een lerares Nederlands op MAVO "Porta Vitae" al over de ongelijke beloning voor hetzelfde werk. Na 56 jaar is deze onrechtvaardigheid nog steeds niet weggewerkt! En zo zijn er nog veel andere zaken, die niet bepaald in het voordeel van de vrouwen zijn....

Om 10 uur gingen wij naar bed. Doordat ik er om 6 uur al uit ging, hadden we wat schade in te halen.

donderdag 5 maart 2026

Koelkast

De nieuwe koelkast, die een maand geleden geleverd zou worden, was bij Hartwijk aangekomen en zou vandaag  na half 11 bezorgd worden. Hetgeen inhield, dat we na vele jaren trouwe dienst afscheid moesten nemen van onze oude koelkast.

Na het ontbijt fietste ik naar de grootste koelkast van Leiden. Bij binnenkomst zag ik op de 250-meterbaan in IJshal De Vliet pylonen op het ijs staan.

De ijsmeesters hadden geprobeerd de golven uit het ijs te krijgen. Dat was gelukt, maar doordat er meer water was gebruikt, waren er wielsporen op het ijs gekomen. Om valpartijen te voorkomen was de binnenbaan daarom met pylonen afgezet.

In Vledderveen zou men maar wat graag willen, dat de binnenbaan met pylonen op het ijs was afgezet. Of het door de pylonen kwam of door het mooie weer, druk was het niet op de ijsbaan.
Met een tiental "Krasse knarren" reden we onze 100 rondjes in piramidevorm, hetgeen inhield, dat je vaker aan bod kwam voor het kopwerk. Ook voor mij gold dat. Maar voor mij gold ook, dat de wintertriatlon nog in de benen zat. Ik moest regelmatig afhaken, doordat ik simpelweg het tempo niet bij kon houden. Mijn 5 kilometer op kop ging vlak met een aflopend schema. Tot ronde 14 waren het 38-ers, waarna na een rondje 37 het slot bestond uit louter 36-ers.
Waar ik dacht, dat het daarna beter zou gaan, daar kwam ik bedrogen uit. Mijn rondetijden bleven fluctueren. Ik kon wel snelheid maken blijkens enkele rondje 35 en een 34,5, maar deze snelheid niet vasthouden.

Na 126 rondjes verliet ik de 250-meterbaan, waar we een bijzondere valpartij hadden meegemaakt. Een deelnemer aan de cursus van de Schaatsschool had als opdracht meegekregen om pootje over naar links en naar rechts te doen. Deze oefening staat ook bekend als de dronkemanspas.

Op het rechte eind is deze oefening prima, maar om in de bocht pootje over naar rechts te doen is niet zo'n briljant idee....
Zonder thee te drinken fietste ik naar huis, waar de koelkast net bezorgd was. De werknemers van Hartwijk waren nog bezig met het verplaatsen van de deur, daar deze voor ons aan de verkeerde kant was. Ze waren er een klein half uur mee bezig.


Ook de groentelade moest verplaatst worden. De standaardinstelling van de deur rechts naar rechts is niet zo praktisch, maar uiteindelijk konden we de koelkast in gaan ruimen.

dinsdag 3 maart 2026

Hersteltraining

De bovenbenen voelden nog net zo zwaar aan als gisteren. Het was voor mij duidelijk, toen ik naar IJshal De Vliet fietste voor de training met de "Krasse knarren": dit wordt een hersteltraining.

Toen we aan de training begonnen, waren we met een elftal schaatsers, maar dit peloton breidde zich later uit tot een man of 18. In het begin haalde ik net aan de 40 seconden per ronde, dus ik werd regelmatig eraf gereden. Gaandeweg ging het wat beter. Mijn 5 kilometer op kop ging in rondjes 38 met aan het slot een paar van 37. Niet snel, maar wel mooi vlak. De tweede helft ging het iets beter met als snelste ronde 35,7. 


Al met al was ik tevreden met deze hersteltraining. Na de koffie en thee aan de Stammtisch fietste ik naar "De Helianth" om wat boodschappen te halen. Gelukkig kun je als fietser in Leiden de meeste blokkades makkelijk omzeilen.

Dat deed ik dan ook op deze warme dag in begin maart.

Thuis gekomen douchte ik me en lunchte ik met uitzicht op de sneeuwroem.

Voordat ik naar de volkstuin zou fietsen, reed ik nog even langs het gezondheidscentrum om een afspraak te maken met de huisarts. Ik kon over een kwartier terecht. Er was iemand uitgevallen. In de spreekkamer kwam ik iemand tegen, met wie ik toen ik net in Leiden woonde, regelmatig klaverjaste in "Het Keizertje".

De huisarts verwees me door naar het LUMC, waar ik vanmiddag terecht kon voor een onderzoek. Daar was ik inclusief wachttijd ruim anderhalf uur mee zoet.

Ze waren zo tevreden met me, dat ik de komende tijd regelmatig op bezoek mag komen. Dat gaat een andersoortige hersteltraining worden....

maandag 2 maart 2026

Zware bovenbenen

Vanmorgen voelde ik bij het traplopen, dat de benen zwaar aanvoelden na de Leidse Wintertriatlon van gisteren.

Je hebt soms, dat de bovenbenen zeer gevoelig zijn en je voorzichtig de trap af loopt, maar dat was niet het geval. Maar de gebruikelijke souplesse was er nu niet. Desondanks fietste ik naar IJshal De Vliet, waar ik schaatsles gaf aan de beginnersgroep van 5 personen, waarbij ik voortbouwde op de oefenstof van vorige week.

Het steeds wat dieper zitten kwam aan bod, met zware bovenbenen niet de meest aangename oefening, maar ja, als trainer zoek je oefenstof, die het beste bij de trainingsgroep past en niet wat voor jezelf aangenaam is. De bochten kwamen aan bod met wat er gebeurt als je op je rechterbeen gaat leunen. Van hieruit werkten we toe naar het slalommen en vandaar kwamen we uit bij het terugsturen en de zijwaartse afzet.
Dit oefenden we in tweetallen. De voorste ging een boek lezend zitten en werd geduwd door de partner. Na een rondje wisselde men van plaats. Na 4 rondjes duwde de achterste de voorste weg, schaatste er achter aan en duwde de voorste weg. Eén deelneemster zei: "Dat lijkt wel op shorttrack!"
Een terechte opmerking, want deze oefening veel van weg van het gangmaken bij de relay.

We sloten de schaatsles zoals gebruikelijk af met gezamenlijk rondjes rijden, waarbij iedereen tweemaal een rondje op kop komt. Zo kwam deze beginnersgroep vandaag weer op 60 rondjes. Niet onaardig.
Na de koffie en thee fietste ik naar Leiden Centraal, waar aan de achterzijde het maandelijkse klimaatalarm was.


Er was speciale aandacht voor de Vlietlanden, waar publieke ruimte verkwanseld lijkt de worden aan projectontwikkelaars, die in dit drukke deel van de Randstad 222 recreatiewoningen willen bouwen ten koste van de bewoners van deze omgeving, die veel minder ruimte om te recreëren krijgen. Ook een stuk natuur gaat verloren.

Het is toch van de zotte, dat één gemeente een recreatiegebied van de hele omgeving kan verkwanselen!

Na 's middags in de achtertuin geluncht te hebben, deed ik thuis een aantal huishoudelijke klussen, waarna ik thee ging drinken op de volkstuin.

Op het fietspad er naar toe was een wegversmalling geplaatst.