dinsdag 10 maart 2026

Bruggen bouwen

Mijn vrouw had afgesproken om met een vriendin te gaan wandelen en stapte om 6 uur het bed. Ik vond dat een goed plan, alleen een uur later. Ik ontbeet in mijn eentje en fietste naar IJshal De Vliet. Bij de Korte Vliet begon het te regenen, zodat ik niet helemaal droog aankwam.
Het was behoorlijk druk op de baan. Meestal loopt de belangstelling in de loop van maart wat terug, maar de dinsdaggroep van de Schaatsschool was juist groter dan in de rest van het seizoen. Van de "Krasse knarren" kon ik dat niet zeggen, maar met een peloton van 15 man hoor je mij niet klagen.

Dat laat ik over aan degenen, die hun auto vol moeten tanken met prijzen boven de € 2,50 per liter. 

Dit alles met dank aan het zelfverklaarde genie, die denkt, dat de wereld om hem draait.

En die denkt, dat je de Nobelprijs voor de Vrede kunt winnen, door telkens weer een ander land binnen te vallen.

Het gevolg hiervan is, dat de gasprijzen inmiddels ook in rap tempo stijgen. Toen we tijdens de piramide van 100 rondjes op de 250-meterbaan net de snelste rondjes afgeraffeld hadden, reed ik naar degene, die het hoogste tempo ontwikkelde: "Jij dacht zeker, het gas wordt snel duurder, dus laat ik nu maar gas geven?"

Voor de rest was het een vrij gebruikelijke training. De ene kopman is nu eenmaal sneller dan de andere. Ik durf te stellen, dat ik hersteld ben van de Wintertriatlon. Een rondje van 33,9 zat er vorige week écht niet in.

Na de koffie en thee aan de Stammtisch deed ik boodschappen bij "De Helianth", waarna ik een grote hijskraan vlak bij huis zag. Ik trok mijn hardloopschoenen aan en liep een rondje van 2 kilometer.




Er werd een stevige brug over een boerensloot gelegd.


Dit is iets, waar het zelfverklaarde genie geen enkel benul van heeft. Wil je de Nobelprijs voor de Vrede verdienen, dan moet je bruggen bouwen!




Weer thuis maakte ik eerst de toiletten schoon, waarna ik me douchte. Om 2 uur lunchte ik om daarna wat spullen naar de volkstuin te brengen.

Tijdens deze fietsrit zag ik een viertal hazen in een weiland en even later de eerste dotterbloemen van 2026.


Op de terugweg zag ik in een ander weiland de eerste grutto's!

Het voorjaar is echt begonnen!

maandag 9 maart 2026

Wintervacht

We werden vanmorgen om 7 uur wakker. We hadden dus een prima nacht achter de rug. Ik trok mijn schaatskleding aan, ontbeet met Ada en vertrok naar IJshal De Vliet. Het was kouder dan ik had verwacht.

Op klomphoogte vroor het zelfs licht.

Ik was zonder handschoenen van huis vertrokken, daar ik een paar in de IJshal had liggen. Gelukkig had ik mijn wielerhandschoenen in mijn stuurtas, zodat het grootste deel van mijn handen warm bleef.
In de trainerskleedkamer hadden we het nog over de Tulpenmarathon van gisteren, voordat we ons op het ijs begaven. Daar had ik de beginnersgroep van de Schaatsschool. Het vaste vijftal van de afgelopen weken was er, dus we konden rustig voortbouwen op de oefeningen van de afgelopen weken.
De nadruk lag op het boven de schaats komen, het zijwaarts afzetten en daaraan gekoppeld het terugsturen. Genoeg oefenstof voor een uur schaatsplezier. We sloten af met het in een peloton schaatsen met meewind en met tegenwind. De gebruikelijke 60 rondjes hadden we weer gehaald.
Op weg naar huis zag ik, hoe toepasselijk, maartse viooltjes staan.


Na thuis met Ada geluncht te hebben, fietsten we samen naar Katwijk, waar we onze wintervacht enigszins lieten kortwieken. We waren eind oktober voor het laatst naar Edwin Minnee gegaan. Mijn kapsel zag er weer ongeveer uit zoals toen.
We reden zonder wintervacht naar de volkstuin toe. Ada ging daar aan de slag. Ik reed eerder naar huis. Het ooievaarsnest was inmiddels bewoond.

Her en der zag je, dat het voorjaar in de lucht was/



De wintervacht is eraf, laat de lente maar komen!

Tulpenmarathon

Het is niet mijn gewoonte om op zondagmorgen om 6 uur op te staan, maar gisteren was zo'n zondag, waarop ik dat wel deed. Ik moest, pardon, ik mocht op kop rijden van het langzame peloton bij de Tulpenmarathon in IJshal De Vliet. Na in mijn eentje ontbeten te hebben reed ik in de mist naar de Marie Diebenplaats.

Daar kreeg ik startnummer 119 uitgereikt, waarna ik naar de trainerskleedkamer wandelde om mijn schaatsen en duidelijk herkenbaar bovenkleding aan te trekken. Dat deed ik, terwijl ik gezellig bijpraatte met Jos Fugers.

Ik klikte mijn ijzers onder mijn langlaufschoenen en begaf me op het gladde ijs van de 250-meterbaan.
Na een rondje of 5 inrijden kreeg ik een tweede transponder om. Zo zou ik kunnen controleren of mijn linkerbeen sneller was dan mijn rechterbeen of omgekeerd.

Al spoedig bleek, dat die controle onmogelijk was, doordat het rondetijdenbord net als bij de Oliebollenmarathon alleen de rondetijden van de snelste groep lieten zien. Een frustrerende gang van zaken, vooral als je als gangmaker op kop geacht wordt om een bepaalde snelheid aan te houden, maar je niet echt kunt controleren, of je dat ook daadwerkelijk doet. Iedere keer moest je naar de kant seinen, dat je je rondetijd wilde horen. Waar ik rondjes 40 zou moeten rijden volgde zodoende een jojoschema van een rondje 42 gevolgd door een rondje 39 en omgekeerd.

Na 75 rondjes was onze groep als eerste klaar. Na een rondje rust gingen we verder tot we de 100 rondjes volbracht hadden. We gaven 10 rondjes toe op het middelste peloton, dat de rondjes in 36 seconden moest volbrengen. Zij stopten, maar het langzame peloton ging na een rondje rust gewoon door naar de 125 rondjes. Het snelle peloton, dat rondjes 32 moest rijden, reed vaak 30 blank en soms 29, maar ging de laatste rondjes helemaal tekeer.

 Aldert Prast, die vorige week 5e was geworden bij de Wintertriatlon, legde de slotronde van de 150 rondjes in 22,8 seconden af. Wij deden dat bij deze 25 rondjes extra in rondjes 41. Hand in hand gingen we over de finish van de Tulpenmarathon.

Hiermee plaatsten we ons in de Schaatshistorie. Zo kwamen de winnaars van de Elfstedentocht van 1956 ook samen over de finishlijn.

Zoek de 7 verschillen!
Na een half kopje warme chocolade en een tijdje napraten met een aantal schaatsers van het langzame peloton fietste ik naar huis toe voor een warme douche. Mijn vrouw stond op het punt om met een zus naar Amsterdam te vertrekken voor de demonstratie voor vrouwenrechten op deze Vrouwendag.

Zelf had ik die aandrang niet zo om mee te gaan. Met 8 zussen boven me was het in mijn jonge jaren iedere dag vrouwendag....




Daarnaast was er de ontknoping van het superspannende Wereldkampioenschap Allround in "Thialf". Ragne Wiklund werd de eerste Noorse wereldkampioene sinds 1938, Sander Eitrem de eerste Noorse wereldkampioen sinds 1994, toen Johann Olav Koss onverslaanbaar was.

Bijzonder waren de 1500- en 10.000-meterritten, die Olympische kampioenen Jordan Stolz en Sander Eitrem met elkaar uitvochten. Op de schaatsmijl had de Amerikaan voor de eerste bocht de Scandinaviër al op een flinke achterstand gezet, maar veel verder kwam hij niet. Op de slotafstand zette de stayer de supersprinter op meer dan een ronde achterstand. Hoe dan ook, het was het mooiste WK allround in vele jaren!

Na het avondeten keken Ada en ik naar de ruim een half uur durende uitzending van de NOS over de Vrouwendagdemonstratie in Amsterdam. Af en toe kreeg je plaatsvervangende schaamte. In 1970 begon een lerares Nederlands op MAVO "Porta Vitae" al over de ongelijke beloning voor hetzelfde werk. Na 56 jaar is deze onrechtvaardigheid nog steeds niet weggewerkt! En zo zijn er nog veel andere zaken, die niet bepaald in het voordeel van de vrouwen zijn....

Om 10 uur gingen wij naar bed. Doordat ik er om 6 uur al uit ging, hadden we wat schade in te halen.

zondag 8 maart 2026

Irene Schouten

Gisterenochtend was ik bij het ontbijt al helemaal in de stemming. Allereerst kwam er een bericht binnen, dat de IJVL voor de tweede keer op rij de Andries Kwik Bokaal had gewonnen.

Diverse kinderen, die meereden hebben schaatsles van mij gekregen, dus mijn speelse manier van lesgeven hoeft je in je verdere sportcarrière niet in de weg te zitten.

Daarnaast stond een groot artikel in Trouw over het frameschaatsen, waarin Jeroen Straathof een groot pormotor is en IJshal De Vliet het laboratorium.




(Klik op afbeelding om de tekst te vergroten)
Wie met eigen ogen wil zien, hoe het frameschaatsen eruit ziet: woensdag 11 maart komt de NOS in IJshal De Vliet om 11 uur filmen.

Zoals gebruikelijk haalde ik de broodbestelling op bij "De Helianth". Thuisgekomen maakte ik een lunchpakket met vers brood klaar voor mijn vrouw. Daar zij de hele dag op de volkstuin aan het werk was, bracht ik deze lunch daar naar toe, waarna ik doorfietste naar IJshal De Vliet, waar ik als trainer van de Schaatsschool zou helpen bij een clinic van drievoudig Olympisch kampioene Irene Schouten.

In de kantine boven hield deze marathonschaatsster een presentatie, waarna we met zo'n 60 schaatsers van diverse pluimage naar de 250-meterbaan gingen om schaatsles te geven op alle mogelijke niveaus, van rekjes tot redelijk goede schaatsers.

Met Jaap Kroes had ik de kinderen onder onze hoede. Paula van Hoek, Janine Waaijer, John Dolders en Bert Hoogeveen namen de volwassenen voor hun rekening. Met een jaar of 35 ervaring met beginners was dit een kolfje naar mijn hand. Onder toeziend oog van de voormalig Wereldkampioene Allround konden de meesten na een uur al stukken beter schaatsen dan aan het begin.

Na de groepsfoto met de hele groep gingen we uiteraard ook als trainers met Irene op de foto.



Na de clinic gingen we allemaal naar huis. Ik vroeg aan John, of hij op de fiets was. Dan hadden we samen naar Katwijk kunnen fietsen.
"Ik ga naar de bibliotheek van Katwijk, waar Thea Aandewiel na 40 jaar werken met pensioen gaat."
"Doe dan haar zoon Jaap de hartelijke groeten. Een goede schaatser. Ik heb hem een aantal jaren training gegeven op De Uithof."
Op de oude bibliotheek aan de Schelpendam leek het wel een reünie. Er waren heel wat oud-collega's, met wie ik een praatje maakte, maar ook de kinderen van Thea. Met Jaap praatte ik een tijd over van alles en nog wat, maar uiteraard ook over schaatsen. Tijdens de Sinterklaastraining in de Leidse IJshal hadden we vrij veel samen geschaatst.

In de schemering fietste ik naar huis. Ik dacht, dat je inmiddels weer over de Kooltuinweg naar de Stevenshof kon fietsen. Ik werd in die veronderstelling gesterkt door het rode achterlicht van een fietser voor me. We liepen echter in een fuik en keerden. Over de Tjalmaweg gingen we naar een oprit aan de Valkenburgse kant en één voor één tilden we onze fietsen over de vangrail en namen we het fietspad richting Oegstgeest. Daar scheidden de wegen van de jonge fietsster en mij ons bij Corpus en trapte ik naar huis, waar een dochter en haar vriend op bezoek waren. Met zijn vieren hadden we een gezellige maaltijd en speelden we een potje "Carcassonne" als afsluiting van de avond.