Onze reis naar Asturias kende 2 grote hoogtepunten. De eerste was bij aankomst, toen Siebe ons opgehaald had en wij onze kleindochter in onze armen konden sluiten. Dit zouden wij in die 2 weken heel regelmatig doen.
Ze was al flink gegroeid sinds wij haar in november voor het laatst gezien hadden. En tijdens ons verblijf zagen we, dat ze steeds meer contact met ons maakte. We genoten met volle teugen van ons kleinkind.
Het tweede hoogtepunt volgde op de voorlaatste dag, toen de Rotterdammers arriveerden. Een uniek moment. Voor het eerst hadden we al onze kleinkinderen bij ons!
De jongens moesten na met hun kleine nichtje geknuffeld te hebben, hun energie kwijt. Dat konden ze na wat gedronken te hebben in het speeltuintje bij het dorpshuis. Vooral de kabelbaan was favoriet.
Het genoegen om alle kleinkinderen bij ons te hebben konden we de volgende om 10 over 5 al ervaren. Onze jongste kleinzoon was wakker en om te voorkomen, dat de overige huisgenoten dat ook zouden worden, namen we deze vroege vogel tussen ons in.
Bij Ada en mij kwam de slaap niet meer, bij de jongere broer wel toen zijn grote broer, gewekt door de regen die op het dek kletterde, ook bij opa en oma in bed kroop.
Rond een uur of 8 trok ik mijn hardloopkleren aan en liep in een droog maar vrij bewolkt weer naar Nava, waar ik bij de panaderia een integral, een chapata en een campesino kocht.

Via de hoge kant van Nava liep ik terug naar huis, waar ik me douchte. Om half 10 zaten we met zijn negenen aan een gezellige ontbijttafel.
Ada en ik ruimden onze rolkoffer en rugzak in. Daar ik extra kleding had meegenomen, die ik in Asturias achter kon laten voor de volgende reizen, was mijn rugzak veel lichter dan bij andere reizen.

Ik bracht het glas weg en bij terugkomst speelde ik verstoppertje en voetbal met de jongens. Aansluitend stond er een biologieles op het programma met een aardhommel, een muurhagedis en een grote roofvogel, die een buizerd, een zwarte of een rode wouw of een bruine kiekendief zou kunnen zijn.





Oma ging met de kleinzoons naar de speeltuin, opa knuffelde zijn kleindochter voordat we naar Quintana wandelden, waar we bij "La Venta" een menu del dia zouden nemen. Ana en ik duwden de kinderwagen, de jongens reden op een tweetal kinderfietsen.
De eerste gang was een Asturiaanse bonenschotel of een salade, de tweede gang rijst met een gebakken ei of kipfilet. Voor de jongens was er patat en een magnum als toetje.
Na het eten en het afscheid van onze kleinkinderen bracht Siebe ons naar het busstation in Oviedo.
vrijdag 15 mei 2026
Kleinkinderen
Dat vele wegen naar Leiden leiden
De afgelopen maand stonden er in het Leidsch Dagblad aardig wat artikelen over hardlopen in al zijn vormen.


(Klik op de afbeeldingen om de tekst te vergroten)
De opwarmer voor de Leiden Marathon, de Singelloop, kwam uiteraard ook aan bod. De essentie voor verreweg de meeste lopers is kort en bondig samengevat in een tweetal woorden: "Heel blijven!"
Daarnaast stond er nog een ander artikel, dat meer stof tot nadenken bood.
Zelf ben ik als 70-jarige inderdaad opgegroeid met het advies om links te lopen. En aangezien je een boompje moet buigen als het jong is, is dit inderdaad mijn voorkeur gebleven.
De argumenten, die Henk Jan den Ouden gebruikt, snijden op zich wel hout, maar dekken niet het hele spectrum aan mogelijkheden af. Hedendaagse technieken, die ons niet altijd veiligheid in het verkeer brachten, ontbreken in het artikel: het mobieltje en de fatbike. Als je iemand tegemoet loopt, die al fietsend op het scherm van zijn mobieltje kijkt, weet je dat je opzij moet kunnen springen. Jonge fatbikeberijders, die wheelies maken of andere stunts uithalen, heb ik liever voor me, dan achter me. De combinatie van fatbike en mobieltjestaren ben ik trouwens ook wel eens tegengekomen....
Maar ik ben ook een pragmaticus. Als het warm en zonnig is, dan kies ik graag voor de zijde met de meeste meeste schaduw. Dat doe ik ook, als je aan één zijde van de nauwelijks zichtbaar bent en aan de andere zijde wel. Veiligheid gaat voor alles.
Met dit in het achterhoofd zwalkte ik bij mijn trainingen in de heuvels van links naar rechts over de wegen. Dat had niets met dronkenschap te maken.
Op de stille slingerende wegen was je de ene keer aan de linkerkant zichtbaar en de andere keer aan de rechterkant.


U ziet het, in dit heuvelachtige gebied heb ik ervoor gekozen om iedere dag 6 tot 7 kilometer te trainen. Mijn verste afstand was dit jaar 15 kilometer. Toch heb ik de Leiden Marathon afgelopen zondag net zo makkelijk (of moeilijk) gelopen als met de klassieke opbouw van 2 of 3 keer een 30 kilometer met tussendoor eenzelfde aantal halve marathons.
En zoals ik met verschillende marathonschema's me heb voorbereid op de 42.195 meter hardlopen, zo zullen vele anderen hun eigen wijze hebben gevonden om zich klaar te stomen voor de klassieke afstand. Er zijn vele wegen, die naar Rome leiden.
Maar in het geval van de marathon in en om de Sleutelstad kan ik beter zeggen, dat vele wegen naar Leiden leiden!
donderdag 14 mei 2026
Every cloud has a silver lining
Het was vandaag een regenachtige dag met een koude start.

Ook de maximumtemperatuur was niet om over naar huis te schrijven.
Toen ik na wat huishoudelijke klussen naar het centrum van Leiden fietste, had ik mijn winterjas maar aangetrokken. Geen overbodige luxe.
De zwartgerande tuinslakken voelden zich prima bij zulk nat en koel weer. Ik fietste naar de Breestraat om bij Ekoplaza wat boodschappen voor het avondeten te kopen. Deze bracht ik naar de volkstuin, waar Ada naar toe vertrok, toen ik ook het huis verliet. Ik lunchte thuis, zij ging in de loop van de middag naar haar moeder, waar zij het avondeten zou bereiden. Om een uur of 6 ging ik er ook naar toe. Onze jongste dochter was er ook. Het was een gezellige maaltijd met zwarte bonen en spinazie.
Toen we rond 9 uur op het punt stonden om naar huis te fietsen, kregen we een klassiek voorbeeld voorgeschoteld van "Every cloud has a silver lining".
Weer terug in de Stevenshof reed ik even door naar de molen.

Zo kon ik nog even genieten van clouds with a silver lining.
"Je weet niet, wat er onder water gebeurt!", of meer meer
In het Leidsch Dagblad stond een artikel over de Vlietlanden, waarbij een deel van het grootste deel van de Benelux langzaam in de diepte verdwijnt.
Dat kwam me heel bekend voor. Vorig jaar gebeurde dat bij het Valkenburgse meer, alleen daar gebeurde het daar in één keer. Bomen verdwenen rechtstandig in het water.
(Klik op afbeelding om tekst te vergroten)
Het betekende het einde van een favoriet hardlooprondje van ruim 6 kilometer van huis uit. Uit veiligheidsoogpunt is de hoek van het meer, waar de instorting plaatsvond, afgesloten. Terecht, want je gaat niet met mensenlevens spelen.
Maar of de rest van het Valkenburgse meer wel veilig is? Geen enkele deskundige durft daar zijn hand voor in het vuur te steken. Vlak bij het strandje loopt het steil de diepte in. Een instorting zoals in de zuidhoek is gebeurd, zou zich daar kunnen herhalen. Dan wordt het echt "Swimming into deep water".
Vooralsnog zijn Ada en ik huiverig om de ochtendtraining, waarbij zij naar het Valkenburgse meer fietst om te gaan zwemmen en ik er lopend naar toe ga en op het strand een korte droogtraining doe, te hervatten.

Even een kleine zijsprong naar nog een meer, dat ontstaan is door zand weg te zuigen: de Vogelplas. Iedereen denkt, dat het overal ondiep is, maar schijn bedriegt. In het midden zit ter hoogte van de vogelkijkhut een put van 2,5 meter diep. Er zijn daardoor diverse mensen, die hier een nat pak hebben opgelopen bij het schaatsen.
De oorzaak is telkens hetzelfde. Ik zal het verwoorden met de zin, die Dick Houthuys, een klasgenoot op MAVO "Porta Vitae", gebruikte om de sport, die hij beoefende, raak te typeren: "Je weet niet, wat er onder water gebeurt!"
En dat is precies, wat er bij het zandzuigen ook geschiedt. Er wordt veel meer zand opgezogen dan mag, want er is immers niemand, die het ziet.
Bij de Vogelplas kwam Vogelbescherming hier achter. Zij stapte met de bewijzen naar de rechter en nog diezelfde dag werd de zandwinning gestopt. Maar ja, die put van ruim 2 meter diep die zit er wel en zal daar tot in lengte van jaren zitten.

De hebzucht van de zandzuigondernemers, die het teveel gewonnen zand belastingvrij konden verkopen, heeft ook plaatsgevonden bij de Vlietlanden en het Valkenburgse meer en vermoedelijk ok bij andere op deze wijze ontstane recreatiemeren.
De hebzucht van "Meer, meer!" leidt zo tot meer meer.....



(Foto's Wassenaarder, Trouw en AD)
Irun
Irun was voor ons het vertrekpunt van de busreis naar Asturias en het eindpunt van de busreis op de terugweg.
Net voor de wekker werden we wakker in Hotel "Aitana" en ontbeten in het restaurant op de begane grond. Het was 6 uur. We douchten om beurten en ontbeten in het restaurant op de begane grond. Om 7 uur wandelden we langs de Bidasoa en door een mooi gedeelte van Irun naar de bushalte.


Er was een prachtige zonsopgang, zodat er veel rustieke plekjes waren om te fotograferen.




We zagen zelfs een aardbeienboom!
Na een mooie wandeling door Irun waren we op tijd bij de ALSA-bus, die om kwart over 8 vertrok.



Via San Sebastian, Bilbao en Santander reden we probleemloos naar Oviedo.
Onderweg hadden we regen, zonneschijn en halfbewolkte luchten, die elkaar op de rand van bergen en de Oceaan regelmatig afwisselden. 
Ada las, heel toepasselijk, in "Spaanse vrouwen, bewolkte luchten" van Carmen Martin Gaite en ik in "Reizen zonder John" van Geert Mak.
Om half 3 kwamen we aan bij het busstation, waar Siebe ons even later oppikte.
Twee weken later bracht Siebe ons weer naar het busstation in Oviedo, waar we de ALSA-bus van 15.30 naar Irun namen in een zwaar bewolkt Noord-Spanje. Ik las een aardig aantal stukjes in "Alle beesten" van Midas Dekkers.
Na tussenstops in Santander, Bilbao en San Sebastian kwamen we in de grensplaats aan. De helft van de reis regende het, maar in de bus zaten we droog. In Irun, waar we om 9 uur uit de bus stapten, trokken we de regenbroeken, die we de hele vakantie niet gebruikt hadden, aan.
In Hotel "Aitana", waar we kamer 302 hadden, gingen we daar niet meteen naar toe. In het restaurant namen we eerst allebei een flan, een muntthee en een alcoholvrij biertje, daar de keuken om 10 uur sloot.
Je moet wel praktisch blijven!
