Posts tonen met het label Mergellandroute. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Mergellandroute. Alle posts tonen

zaterdag 17 juli 2021

Watersnoodramp

Het zal niemand ontgaan zijn, dat Limburg afgelopen week getroffen is door een watersnoodramp.

Het is een onwezenlijk beeld als je zag, dat het water aan alle kanten naar beneden kwam zetten.


Zoals gebruikelijk waren er creatievelingen, die zich uitleefden op deze beelden.

Zelf ben ik heel wat keren in Limburg geweest om te fietsen en te wandelen. Het Mergelland is en blijft prachtig. Maar nu even niet.

Het is dus volkomen terecht, dat het Rode Kruis giro 777 heeft ingezet om geld in te zamelen voor de getroffen Limburgers. Natuurlijk is het een druppel op een gloeiende plaat, ook al is de vergelijking in dit geval niet helemaal juist, maar ik roep iedereen op om royaal te geven.

Het is een kwestie van solidariteit. Wat nu in Valkenburg aan de Geul geschiedt, zou ook in Valkenburg aan den Rijn kunnen geschieden en dan hopen wij, dat anderen ook klaarstaan om ons te helpen!
Het waren dan ook bizarre weerkaarten deze week.

Aan de westkust is geen druppel gevallen. Extreem weer derhalve. De klimaatopwarming laat zich voelen.


Een paar weken geleden 50 graden Celsius in Noord-Canada, nu overstromingen in Limburg.

En dan te bedenken, dat het noodweer in België en Duitsland nog harder toesloeg. Bij onze Zuiderburen zijn tot nu toe 27 doden geteld, bij onze Oosterburen 133, terwijl er nog honderden mensen vermist zijn.

Tijdens onze fietsvakanties in en om de Eifel zijn we door zwaar getroffen gebieden gereden, zoals over de mooie Ahr Radweg. Ook Erftstadt en Euskirchen behoorden tot de zwaar getroffen plaatsen.

Bij het stuwmeer van de Rursee was men bang, dat de dam instabiel zou worden. Dan zou de ramp niet te overzien zijn geweest.

Kortom, al ver voor de watersnoodramp waren wij al ramptoeristen.....

woensdag 30 juni 2021

De kletsnatte aardbeienplukker

Net als bij de vorige prik viel de reactie van de tweede bij mij vrij mild uit. Dat gold ook voor de regen. Die kwam langdurig mild naar beneden.

Gisteren was daar in zowel het noordwesten als in het zuidoosten geen sprake van.

Vooral in Zuid-Limburg was het flink raak!

In regenpak gehuld fietste ik naar de volkstuin toe om aardbeien te plukken. Vooral onder het aardbeiennet was dat een kletsnatte bedoening. 

Zodra je het net aanraakte, kwamen alle eraan hangende druppels naar beneden. En daar je in gebukte houding vooruit stapte, geschiedde dat op een behoorlijk groot oppervlak van het lichaam. Gelukkig had ik een goed regenpak aan!

De frambozen waren daarna aan de beurt, zodat de oogst van de laatste dag van juni uit twee bakjes zomerfruit bestond.

Aansluitend kon ik me gaan richten op de slakken. Niet om als escargots dienst te doen bij de maaltijd, doch om ze af te voeren. Ik deed ze in een emmer en wandelde ermee naar een bomenrij buiten de volkstuinen, waar ik de slakken de vrijheid gaf. Daar kunnen ze onze groente en fruit niet oppeuzelen.


Daarna fietste ik door naar "Odin" in Voorschoten om nog wat fruit en melk te halen. Bij thuiskomst kwam de kilometerteller van de kletsnatte aardbeienplukker in juni op 1184 kilometer uit. Daarmee werd de totaalstand van de eerste helft van dit jaar 5414 kilometer.

Naschrift:
Na dit blogverhaal geschreven te hebben, zag ik een slak op onze tuindeur omhoog kruipen. Ziehier een slakkengang in beeld!




dinsdag 28 augustus 2018

Mergelland

Het was een uitstekend idee om nog een dagje te kamperen in Zuid-Limburg. Het was een stuk koeler dan de afgelopen weken, dus we hadden nog heerlijk geslapen in onze Eureka Susten 3XP.
De buitentent was niet helemaal kurkdroog. Deze hingen we te drogen over het hek, net als het grondzeil. De binnentent tilden we op en zetten die in de zon. Toen alles kurkdroog was, ruimden we de tent op, zodat we deze niet meer thuis hoefden te pakken.
Er kwam een bakker op de camping, dus tussendoor konden we in de schaduw van de appelboom rustig ontbijten.
Af en toe kwam er een appel naar beneden vallen, maar dat hoort nu eenmaal bij de natuur.
Voor het vertrek praatten we nog even met onze buren, die veel te zwaar beladen met 7 versnellingen de Ardennen in getrokken waren. Via de Vennbahn-Radweg waren ze terug gereden.
Om een uur of 9 reden we van camping "De Gastmolen" af.
We fietsten via Lemiers naar Orsbach in Duitsland. Het was een pittige klim, maar wat een prachtig uitzicht hadden we over het Mergelland met Vijlen prominent in het midden.

Klimmend en dalend slingerden we door het oostelijk deel van het Mergelland via Bochholzerheide en Simpelveld naar Heerlen toe.
Op het terras van "Het Duitse bakkertje" namen we afscheid van deze fietsvakantie met koffie, jus d'orange en een kersen-rijstvlaai en een Erdbeerschnitte.
We hadden de trein van 11.49 naar Utrecht. De trein schokte dusdanig, dat Ada's fiets omviel. Gelukkig vingen de fietstassen de klap op.
In Utrecht stapten we over op de trein naar Leiden. Daarna was het nog 4 kilometer naar huis fietsen.
We hadden in 101 uur en 16 minuten 1580 kilometer gefietst met een gemiddelde snelheid van 15.59 kilometer per uur met als hoogste piek 42.52 kilometer per uur.
We hadden een flinke Umleitung van Emmerich via de Werra naar Bayreuth en langs de Main naar Maiz. Daarbij reden we door dor Duitsland en dat maakte ons dorstig....

Quer durchs Land

Op de gebruikelijke tijd van half 6 werd ik wakker. Na het toiletbezoek wilde de slaap niet meer komen. 
De landende vliegtuigen voor Frankfurt waren daar deels debet aan, maar vooral een deze vakantie vrij onbekend verschijnsel: getik op het tentdoek. Het spetterde. In de tent klinkt het indrukwekkender dan het in werkelijkheid is.
We ruimden de tent weg zodra het gespetter gestopt was. Daarna ontbeten we. De wespen hadden ook trek in het ontbijt. Ons ontbijt nota bene.


Het veld, waarop we stonden, was behoorlijk leeg. De eerste fietser vertrok om half 6 al. Met het fietslicht aan!
De mensen, die wij gisteren uitgebreid gesproken hadden, vertrokken eerder dan wij. Als laatste spraken we onze Duitse buurman, die ver van zijn geboortestad Mainz woont en in de zomer vaak op deze camping kampeert.
Om half 9 vertrokken we van camping "Maaraue" en fietsten over de brug over de Rijn naar Mainz.


Daar reden we linea recta naar het Hauptbahnhof, waar we een Quer durchs Land-Karte kochten. Om 3 over 10 hadden we de boemeltrein naar Köln Hauptbahnhof.
Op perron 2B spraken we met 2 Nederlandse fietsers, die vanwege de aanhoudende hitte hun fietsvakantie eerder afbraken: "Dit is niet leuk meer!"
Dat was de treinreis wel. Mainz was een beginstation, dus we hadden alle ruimte en tijd om de fietsen binnen te zetten en een plekje aan de Rijnkant te kiezen.
Vooral de Romantische Rhein tussen Bingen en Koblenz was erg mooi. Wel kon je goed zien, dat het water er laag stond aan de drooggevallen platen aan de oevers en soms zelfs in het midden van de rivier.
De trein reed keurig op tijd. De Deutsche Gründlichkeit deed zijn werk. Op Köln Hauptbahnhof stapten we over op de trein naar Aachen. Na het passeren van Rothe Erde, het beginpunt van de Vennbahn-Radweg, waren we een paar minuten later in het centrum van Aken.


We fietsten richting Dom, waar we op een klein gezellig plein bij "La Liége" koffie en verse jus d'orange bestelden, terwijl er Franse muziek uit de geluidsboxen klonk.
We verlieten het pleintje om richting Vaals te fietsen, toen we hoorden roepen: "Hé, Bert en Ada."
Onze buurjongen Luka liep daar met wat familieleden. Waren we op de valreep tijdens de vakantie toch een bekende tegengekomen.
Door het mooie Westpark, waar de grote vijver half droog was, fietsten we langs de drukke doorgaande weg naar Vaals toe.
Daar vonden we een plekje op camping "De Gastmolen". Na de tent onder een oude appelboom opgezet te hebben, fietsten we naar Landal Green Parks om boodschappen te doen voor het avondeten en wat Limburgse biertjes.
Terug op "De Gastmolen" kochten we daar nog een koude appelcider. De kilometerteller stond op 1552 kilometer, hetgeen inhield, dat we vandaag 16 kilometer gefietst hadden.
Ik ging douchen om aansluitend in de schaduw het dagboek bij te werken. Ada volgde mijn schone voorbeeld.
Hoewel het niet zo heet was als gisteren, was het nog behoorlijk warm, ook al hadden we daar in de trein niet zoveel van gemerkt door de airco.
We aten gemengde groente met zoete aardappels en stukjes zalm en yoghurt toe, waarna ik de vaat deed.
Na het eten gingen we een stukje wandelen. We staken op de camping de beek over, klommen naar de weg toe en zagen, dat we in Duitsland liepen. We sloegen rechtsaf en eigenlijk konden we alleen langs de kant van de doorgaande weg lopen. Na een kilometer besloten we op deze heuvelachtige terug te lopen. Ter hoogte van de camping hoorden we een bel.
Dit herkenden we van een vorig bezoek. De ijscoman kwam langs. Hij stuurde een paar kinderen met een bel en een lepel langs om op de camping reclame te maken. Deze belhamels deden dat vol overgave.
Het resultaat mocht er wezen. Toen we aankwamen stond er een behoorlijk lange rij, die telkens van de achterkant werd aangevuld. Paul had dan ook heerlijk ijs.
Nadat we dit op hadden, gingen we bij de tent zitten lezen. Het was aanmerkelijk koeler dan de afgelopen week. Voor het eerst deden we weer een bloes met lange mouwen aan en ritsten we de pijpen aan onze afritsbroek. Het was een verademing!

zondag 31 juli 2016

Ton van der Valk en Frans Meijer

Iedere keer als je na een paar weken fietsvakantie thuis komt, ligt er een stapeltje post op je te wachten. Daar ik midden in de zomervakantie jarig ben, zitten daar ook regelmatig felicitatiekaarten bij zoals deze fraaie, die ik kreeg van oud-klasgenote Nicolet Kühnen.

Bert Breed ten voeten uit!
Maar er zit ook post bij, die je liever niet ontvangt. Tijdens onze fietsvakantie zijn twee sportvrienden me ontvallen. Allereerst Ton van der Valk, die op 10 juli plotseling is overleden. Ton was jarenlang de coördinator van het schaatsen voor de buitenschoolse sport op vrijdagmiddag. Zodoende zag ik hem met een grote regelmaat in de Leidse IJshal aan de Vondellaan.
Bijna 2 weken later overleed Frans Meijer. Toen Siebe net op wielrennen zat, was Frans een mentor voor mijn zoon en zijn eigen zoon Ronald. Zodoende zijn wij 2 jaar op rij deelnemer geweest van de Zuid-Limburgse Fietsvierdaagse. Iedere dag reden we 100 kilometer door Zuid-Limburg, maar ook door aangrenzende delen van de Eifel en de Ardennen. Overbodig om te zeggen, dat de jeugd veel sneller was dan de oude garde.

Frans was een begenadigd verteller, die altijd smeuïge details wist op te dissen. Vaak zat er ook een leerzaam element in.
Zo hield hij ons dit voor. "Als je vindt, dat er te snel wordt gereden in jouw groep, dan moet je roepen "Kan het niet wat harder vooraan?" Gegarandeerd, dat het tempo dan zakt!"
Bij deze wil ik de nabestaanden van Ton en Frans condoleren met het verlies van hun geliefden en hen alle sterkte toewensen om dit verlies te kunnen dragen.

vrijdag 1 januari 2016

Kalenders

Nieuwjaarsdag is bij uitstek de dag, dat de nieuwe kalenders opgehangen worden. Dit jaar waren dat er in Huize Breed 2 heel verschillende.
De eerste betreft de kalender van de Waddenvereniging. Sinds ik in 1978 met een protestfietstocht tegen de vervuiling van de Waddenzee naar Esbjerg in Denemarken heb meegereden, heeft het Wad een speciaal plekje in mijn hart. Met de aankoop van deze prachtige kalender steun je het werk van de Landelijke Vereniging tot behoud van de Waddenzee.


De tweede kalender is de Gerarduskalender. Deze is gemaakt in het klooster in Wittem in Zuid-Limburg, waar ik tijdens mijn fietstochten in het Mergelland vrij geregeld langs ben gereden.

Op ons feest in oktober hadden Ada en ik deze katholieke kalender gekregen van mijn zus Annie. Maar buiten allerlei wijze spreuken bevat de Gerarduskalender iedere maand weerspreuken uit de volksmond. Die van januari wil ik u natuurlijk niet onthouden.

Vooral de laatste weerspreuk klinkt mij als muziek in de oren!

dinsdag 22 september 2015

The Cornish Way

We hadden zeer diep geslapen en werden om 20 voor 8 wakker. Ik had gedroomd, dat ik aan de Tour de France mee mocht doen met een proloog in Zuid-Limburg. Ik schatte heel realistisch in dat in de eerste etappe wegens tijdsoverschrijding uit de strijd zou worden genomen. Wel zou ik als 60-jarige de oudste deelnemer ooit worden....

Het waaide hard en af en toe kwam er een kort buitje naar beneden. De tent was nog niet echt droog, maar na het ontbijt ruimden we deze snel in, zodat we om kwart over 9 op de fiets zaten. We namen de draad van gisteren op en vervolgden the Cornish Way naar Rumsford.

De wind viel, gegeven de voorspellingen, mee. We beklommen de Bear's Down. Hier stuitte ik op een driesprong, waar ik een viersprong verwachte. We wilden naar St. Mawgan en volgden de borden Mawgan Path.
Nu zijn richtingborden in Engeland een schaars goed, dus het duurt lang voor je doorhebt, of je op de goede route zit of niet. Niet dus. Dat merkte ik op een gegeven moment een golfbaan aan mijn linkerhand zag opdoemen.

We daalden steil af naar Mawgan om in deze kustplaats weer even snel te moeten klimmen, hetgeen met een bepakte fiets niet eenvoudig is. Met alle klippen en het uitzicht op de Atlantische Oceaan, die door de harde wind de golven aardig opstuwde, was het een mooie route.

Tot aan Newquay was het constant steil afdalen en steil klimmen. Bij Watergate Beach zwoegde ik al fietsend naar boven om daar een waarschuwingsbord te zien: 16%!
Vlak voor Newquay was er een kaler stuk, waar je bijna van de weg af werd geblazen.

In Newquay gingen we op zoek naar een fietsenmaker. Deze was redelijk snel gevonden, net als de oorzaak van het niet schakelen. De kabel was gebroken. Met een nieuwe kabel was het euvel verholpen.
We moesten hartelijk lachen, toen er een oorworm uit het schakelpaneel kwam zetten. £ 15,- lichter gingen we op zoek naar een plekje voor de dagelijkse portie cappuccino en chocolademelk. Deze vonden we bij "The Coffeehouse", waar we op het terras uitzicht hadden op een huis op een rotspunt in zee, dat bereikbaar was middels een hangbrug.

Inderdaad een unieke locatie.



Het was even zoeken naar het fietspad naar het zuiden, maar de weg naar Trewerry hadden we vrij vlot te pakken. Op dit landelijk heggenweggetje passeerden we landgoed Trerice.

Op weg hier naar toe had Ada natte poten opgelopen door door een diepe ford te fietsen. Ik nam de loopbrug, die er pal naast lag.
De weg, die wij moesten hebben, was afgesloten. We vermoedden, net als op Wight, asfalteringswerkzaamheden, maar het had een andere oorzaak. Het was een échte weak bridge. De randen van de stenen brug waren afgebroken! Voor auto's was het onverantwoord, maar voor fietsers was het prima te doen.

Via St. Newlyn East en het plaatsje met de prachtige naam Fiddler's Green trapten we naar Zelah toe, waar we lunchten.
Ada bleek haar nieuwe wielerhandschoenen al weer kwijt te zijn. Onze verstrooide professor.
Alle proviand was verorberd. Wij zwoegden westwaarts op de heuvels naar Penhallow. In Callestock troffen we plotsklaps "Callestick Farm", waar we 2 scones en 2 ijsjes kochten voor we aan de zoveelste klim van de dag begonnen op weg naar Mithian.
Tot de klim over de Mithian Downs ging alles goed. Onderweg naar Blackwater kwamen we anders uit dan gepland. Over de drukke A-weg konden we deze fout snel herstellen, zodat we naast de beek naar Chasewater konden stormen. Hier begon het zoeken naar een beginpunt van the Cornish Way.

Bij Tudpool was het mountainbiken over onverharde hobbelige paden. Uiteindelijk deden we een uur over een afstand van hemelsbreed nog geen 4 kilometer voor we bij St. Day eindelijk National Cyclepath 3 vonden. Het was inmiddels al kwart over 5....
Mijn humeur was inmiddels al aardig het vriespunt aan het naderen. Kamperen werd door mij eenzijdig geschrapt. De eerstvolgende camping zouden we niet voor half 8 kunnen bereiken. Maar het vinden van een hotel of Bed & Breakfast had ook nog heel wat voeten in aarde.

We begonnen in de drizzle aan de lange klim naar Gwennap Pit. Het uitzicht was mooi, maar na een paar minuten dalen was je terug bij af. Af en toe stond de richtingaanwijzer op een totaal onlogische plaats: 200 meter uit de bocht! Rare jongens, die Britten.

Via Redruth reden we langs Brea naar Camborne, waar het zoeken naar onderdak in alle hevigheid losbarstte. We zagen geen B & B, dus we waren op hotels aangewezen om onderdak te vinden. Het eerste stond Ada niet aan, het tweede was volgeboekt. Wij trapten naar nummer 3, waar eveneens niets vrij was.

Terwijl ik in het Nederlands mijn frustraties ventileerde naar Ada, belde de receptioniste naar het "Wetherspoon Hotel".

Eindelijk, om kwart over 7, hadden we een slaapplaats. We hadden een kamer op de begane grond voor £ 92,-. We mochten onze fietsen zelfs stallen op de enorme familyroom!

Na na 76 kilometer fietsen ons gedoucht te hebben, hingen we de binnen- en de buitentent te drogen. Zoveel ruimte hadden we.
In het restaurant aten we soup of the day en gefrituurde garnalen, gevolgd door een maaltijdsalade en een gebakken zalmfilet. De eerste drankjes waren voor ons als hotelgast gratis. Met cider en ales uit Cornwall en twee ijskoude toetjes togen we om kwart over 11 naar onze kamer na een dag vol tegenwind.