dinsdag 19 november 2019

Hersteltraining van de hersteltraining

Het is een gekke gewaarwording, als je 's ochtends wakker wordt met een paar zere bovenbenen, zonder dat je je bovenmatig hebt ingespannen. De benen voelden aan alsof ik eergisteren een marathon had gelopen, terwijl ik bij de Zevenheuvelenloop toch echt niet meer dan 15 kilometer afgelegd had in marathontempo.
Sterker nog, na mijn allersnelste marathon had ik geen noemenswaardige naweeën en kon ik de volgende dagen gewoon pijnloos traplopen.
Maar goed, de training van de "Krasse knarren" in de  Leidse IJshal stond op het programma,dus ik fietste gewoon naar de Vondellaan. Ik kon niet voluit trainen, maar ook op afstand, of beter gezegd op achterstand, kon ik wel alle rondjes van het peloton bijhouden, terwijl ik de bijna 20 schaatsers niet bij kon houden op deze dinsdagmorgen.
Gelukkig reden er nog een stuk of 8 losse schaatsers, dus ik voelde me niet helemaal verloren, nu ik de 125 rondjes in 20 tot 21 kilometer per uur volbracht, terwijl ik normaal in 25 tot 26 per uur haal. Bij de eerste 5 rondjes werd ik op een haar na op een rondje gereden. De toon voor de rest van de piramide was gezet.
Zelfs bij de 5 kilometer, die ik op kop zou rijden, werd ik op een paar rondjes achterstand gereden. Wie doet me dat na?
Desondanks reed ik met zere bovenbenen en kon ik simpelweg niet harder. Een schrale troost is, dat ik 40 jaar geleden, toen ik voor het eerst in de "Ton Menken IJsbaan" schaatste, niet of nauwelijks de 20 kilometer per uur haalde.
Nu wordt er wel gezegd, dat de Tour in bed wordt gewonnenDonderdag en vrijdag heb ik grotendeels in bed liggend doorgebracht, maar veel resultaat heeft het niet gehad.
Het wielerpeloton mag soms op een achterblijver wachten, het peloton "Krasse knarren" deed dat vandaag niet.  Maar ja, voor hen was het dan ook geen hersteltraining van een hersteltraining....

maandag 18 november 2019

Hoogmade

Van Rob Pijpers kreeg ik een aantal foto's toegestuurd, die hij gisteren gemaakt had in Hoogmade.
De treurige aanblik van de restanten van de eens zo mooie Onze Lieve Vrouw Geboortekerk spreken voor zich.
Gelukkig staat het standbeeld van de drie schaatsers, dat vervaardigd is door beeldhouwer Gerard Brouwer, nog steeds op zijn plek op de brug over de Does.
Terwijl Rob de foto's aan het maken was, kreeg hij van een oudere dorpelinge te horen, dat we het schaatsen voorlopig kunnen vergeten.
Me dunkt, dat dit een juiste conclusie is. Met enige weemoed denk ik terug aan de jaren, dat we wel de Molentocht konden schaatsen vanuit Hoogmade.
Wat opvalt is, dat de schaatsers zijn getooid met een Pietenmuts.
Door het gebruikte steen kunnen we door die mutsen  plompverloren verzeild raken in de Zwarte Pietendiscussie. Wat mij betreft is dat volstrekt overbodig.
In mijn jeugdjaren, toen ik nog bij DIOS in Nieuw-Vennep voetbalde, speelden er in het eerste elftal twee spelers, die getooid waren met de naam Piet Vastenhout. De een had zwart haar, de ander wit. Om hen uit elkaar te houden, werd de ene "Zwarte Piet" en de andere "Witte Piet" genoemd.
Bijnamen waren in die tijd in ons dorp gewoon en niet gemeen bedoeld. Zonder diep in mijn geheugen te hoeven graven kan ik uit mijn klas uit de jongensschool zo een aantal bijnamen oplepelen: "Lange", Eikel", "Aagje", "Robbus" en "Laus".
Zelf kreeg ik "Kikker" als bijnaam. Over de herkomst ervan tast ik enigszins in het duister. Het schijnt, dat een neef van me ooit ruzie had met een buurjongen. Deze neef werd toen uitgescholden: "Kikker!" Het verhaal gaat, dat sindsdien iedere Breed op de lagere school "Kikker" werd genoemd, maar daar kan ik niet voor instaan.
Bij de anderen is het weggegaan, bij mij niet. Denk niet, dat ik daar mee zat. Het was een Geuzennaam. Zolang ik in Nieuw-Vennep woonde, en onder vrienden nog steeds, noemde ik mezelf "Kikker".
Soms past een bijnaam gewoon bij je.

zondag 17 november 2019

Hersteltraining van een lopend patiënt

Vrijdag had ik er een hard hoofd in, of ik vandaag wel af zou reizen naar Nijmegen om de Zevenheuvelenloop te gaan lopen.
Het grote voordeel van een goed getraind lichaam is, dat je snel herstelt. Gisteren waren de eerste tekenen daarvan al daar, en nadat ik gisterenavond gekeken had hoe Oranje zich in Belfast voor het eerst sinds 2014 weer geplaatst had voor een groot toernooi, sliep ik daarna zeer diep.
Na vanmorgen met mijn vrouw ontbeten te hebben, wandelde ik om half 10 naar station De Vink,  vanwaar ik met Marnix en Walter Boon verder zou treinen naar Nijmegen op deze koude ochtend.
De reis verliep voorspoedig. Vanaf het station van Nijmegen wandelden we naar de parkeergarage van Asita, waar ik Peter Zwart trof. Met deze neef van Tim de Beer liep ik, na me omgekleed te hebben, een kilometer in.
Daar we alle vier in een ander startvak aan de 15 kilometer zouden beginnen, wandelde ik nog even terug naar de parkeergarage om een trainingsjack uit te trekken en nog even wat te eten en te drinken, voordat ik om 1 uur naar startvak Groen vertrok. Het was op de paar plekken, waar je in de zon kon staan, erg lekker.
Ruim 22 minuten, nadat de toplopers waren vertrokken, mocht ik ook van start. Daar ging het heel hart. De Afrikaanse lopers waren al halverwege, voordat ik over de startstreep was. Bij de vrouwen liep de Ethiopische Letesenbet Gidey met 44.20 een wereldrecord op de 15 kilometer.
Bij mij zat dat er niet in. Ik was allang blij, als ik de Zevenheuvelenloop überhaupt uit zou lopen. Veiligheidshalve begon ik maar in marathontempo. Waar ik in de eerste kilometers normaal gesproken veelvuldig inhaal, daar werd ik nu voornamelijk ingehaald. Zodoende kwam ik op de weg naar Groesbeek op de uiterste rechterflank terecht. Daar zul je me niet zo gauw aantreffen.
Nu liep ik langs een groep ouderen in rolstoelen langs de kant van de weg. Ik stapte op een vrouw van een jaar of 90 af, schudde haar de hand en zij, wijzend op het lange, kleurrijke peloton: "U heeft het langer volgehouden dan alle lopers, die hier langskomen!"
In het peloton liep echter wel een Molukker van 72 jaar mee, met wij op de wandeling vanaf het station naar de parkeergarage aan de praat waren geraakt. Wat is het toch een voorrecht, als je dit op die leeftijd nog kunt!
De eerste 5 kilometer passeerde ik met ruim 50 minuten op de klok. Ik had er 28 minuten over gedaan. Dat viel me niet eens tegen.
Op de smalle weg naar de Zevenheuvelenweg had ik aan de rechterzijde een prachtig uitzicht op het Reichswald in de verte. Vanaf de linkerzijde kijk ik normaliter tegen de andere lopers aan. Dat krijg je, als je niet zo groot bent.
Op de Zevenheuvelenweg pakte ik wat winst bij de afdalingen, maar ook de tweede 5 kilometer ging in 28 minuten. De oorzaak: in deze 5 kilometer zijn 2 drinkposten. Drinken is voor een loper onontbeerlijk.
Na 10 kilometer voelde ik mijn bovenbenen. Maar ja, met zo'n slechte voorbereiding als ik de laatste week gehad heb, verbaasde me dat niet echt. Ik raakte onder het lopen nog even in gesprek met een jonge loopster over mijn Fryslân-klep. Even wat afleiding van de pijn in mijn benen.



Vanaf Berg en Dal waren de laatste 4 kilometer vooral afdalend. Dat is altijd prettig, maar nu helemaal. Met 1.40 op de klok passeerde ik de 14 kilometer. De laatste kilometer versnelde ik. Ik wilde de 15 kilometer in 1.23 versnellen. Dat lukte uitstekend. Ik kwam in een bruto tijd van 1.45.07 over de eindstreep.
De nettotijd was 1.22.54, een gemiddelde van bijna 11 kilometer per uur. Voor een lopend patiënt niet onaardig. De hersteltraining was boven verwachting verlopen.
In de parkeergarage, die ik met flinke pijn in de benen bereikte, trof ik de gebroeders Boon. Marnix had een tijd van 1.00.44 en Walter 1.06.53 gelopen, terwijl Peter Zwart in 1.13.19 binnen was. Peter had bij de tweede drinkpost een energiebolletje gekregen dat vervaardigd was van zeewier. Voor wie het Keltisch machtig is: in het Iers is zeewier dulaman.
We wandelden naar het station, waar we een kaartje kregen, waarmee we terug in de eerste klas mochten reizen.
Met zijn vieren zaten we prinsheerlijk tot Utrecht, waar we over moesten stappen. Met Walter en Marnix reisde ik verder naar Leiden, waar de trein naar De Vink niet bleek te rijden door een defecte intercity, die de wissel blokkeerde. Zodoende legde ik de weg naar de Stevenshof met de bus af.
Moe maar voldaan kwam ik om kwart over 6 thuis.

zaterdag 16 november 2019

De ijsmeesters Anno 2047

Mijn Elfstedenmaat Jaap de Gorter attendeerde mij op het volgende gedicht van Lévi Weemoedt.
Ik moest er smakelijk om lachen. Lévi Weemoedt is een grootmeester als het gaat om tragikomische verhalen en gedichten. Een lach en een traan gaan bij hem hand in hand.
Op een overdosis optimisme zul je hem niet betrappen.
Nu kunnen wij als Elfstedenschaatsers natuurlijk ook niet te optimistisch zijn over een kans op de Tocht der Tochten.
Je moet dus de kans grijpen, als die zich voordoet. Zoals in de korte maar heftige koudegolf van februari 2012, toen menige schaatser een Zelfstedentocht reed.
De kans op een koude winter is met de klimaatopwarming een stuk kleiner geworden. Maar de kans erop is nog steeds aanwezig. Eens is het zo ver!
Zeker als de warme golfstroom stilvalt, die zorgt voor een mild klimaat in West-Europa.
Denk niet, dat dit slechts een hypothetische kans is, want blijkens dit artikel uit De Volkskrant van anderhalf jaar geleden hapert de warme golfstroom al. Er zijn zelfs wetenschappers, die voorspellen, dat terwijl de wereld opwarmt, Europa wel eens af zou kunnen koelen. Gek genoeg kunnen de hittegolven van de laatste jaren  juist duiden op een afkoeling van West-Europa.
Tegen die tijd zal Lévi Weemoedt ongetwijfeld prachtige gedichten kunnen maken over de bitterkoude winters in Nederland.

Buitenlucht

Na 2 dagen binnengebleven te zijn, was het heerlijk om vandaag weer eens buitenlucht in te snuiven. Vooral omdat het frisse buitenlucht was na een nacht met lichte vorst aan de grond.
De fietstocht naar de markt en "De Helianth" was een prima test om te bezien, of ik überhaupt morgen naar Nijmegen af zou reizen voor de Zevenheuvelenloop. Maar gelukkig was ik voldoende opgeknapt, dat ik geen terugslag had na het fietsen in de ochtendkou.
Voor alle zekerheid knoopte ik er 's middags nog een fietsritje van 10 kilometer in de buurt van de Stevenshofpolder aan toe. Met een maximumtemperatuur van 6 graden was het nog steeds fris te noemen. Maar die temperatuur hebben we morgen ook bij de 15 kilometer in de heuvels rond Nijmegen.
Ik ben benieuwd, hoe het zal gaan. Van een ideale voorbereiding was absoluut geen sprake. Verre van dat. Hoewel het goed is om vlak voor een loop rust te nemen, valt 2 dagen voornamelijk ziek op bed te liggen hier niet bepaald onder. Het lichaam heeft het veel te druk gehad met het overwinnen van de verkoudheid.
Je doet letterlijk en figuurlijk een jasje uit. Daarnaast is mijn laatste wat langere loop 14 dagen gelden door het herfstbos van "De Horsten". Kortom, ik kan een toptijd uit mijn hoofd zetten. Ik ga morgen van start en gewoon genieten van de prachtige heuvels en bossen tussen Noviomagus en Groesbeek.
De tijd doet niet ter zake.

vrijdag 15 november 2019

Johan Cruijff

In de boekenwereld is het een gouden regel: zorg ervoor, dat er flink wat reuring komt over een boek en de verkoop van dat boek schiet omhoog. Wat dat aangaat kan "Johan Cruijff - de biografie" van Auke Kok zich naadloos in dat rijtje gaan voegen.
Toen ik 40 jaar geleden bij de Openbare Bibliotheek Leiden de eerste stappen in mijn bibliotheekloopbaan zette, stond er een theologisch boek op de eerste plaats bij de reserveringen:
"Jezus, het verhaal van een levende" van Edward Schillebeeckx.
Daar de andere godsdienstboeken voor geen meter liepen, kon dat enige verbazing wekken. De oorzaak van de hoge uitleencijfers kwamen op conto van het Vaticaan. Ere wie ere toekomt. Daar was men op het briljante idee gekomen om "Jezus, het verhaal van een levende" op de Index te zetten.
Katholieken mochten dit boek niet lezen. En zoals bekend: verboden vruchten hebben een grote aantrekkingskracht. Een betere reclame kon Edward Schillebeeckx zich niet wensen.
Datzelfde geldt voor Auke Kok. Een kort geding van de Johan Cruyff Foundation tegen hem om zijn boek "Johan Cruijff - de biografie" zorgt voor zoveel publiciteit, dat de eerste oplage van 65.000 boeken komende week vermoedelijk al zijn uitverkocht.
De rectificatie, die op internet moet worden geplaatst en als inlegvel in ieder exemplaar dient te komen, mag geen probleem zijn. Met 65.000 verkochten boeken, in Nederland bijzonder veel voor een non-fictieboek, kun je dat wel betalen.

donderdag 14 november 2019

Snipverkouden

Tot 2002 vond je het helemaal niet erg om snipverkouden te zijn.
Tegenwoordig ligt dat toch een slagje anders. Ik lig vandaag dan ook voornamelijk. Vanmorgen werd ik hoestend en proestend wakker. Dat weerhoudt me er normaal gesproken niet van om gewoon alles te doen. Maar de combinatie van met zweet op het voorhoofd wakker worden, terwijl ik het onder de wollen dekens nog niet warm had, zei me voldoende.Nu moet ik uitzieken.
De enorme hoeveelheid regen van de afgelopen weken in combinatie met vrij lage temperaturen zijn niet bepaald bevorderlijk geweest om de verkoudheid, waar ik al 2 weken mee rondloop, te overwinnen.
Dus helaas, ik heb me ziek moeten melden en me af moeten melden bij de "Krasse knarren", waarmee ik iedere donderdagmorgen in de Leidse IJshal schaats.
En nu maar hopen, dat ik zondag voldoende ben hersteld om de Zevenheuvelenloop te kunnen lopen. Maar goed, ik heb dit jaar eerder met dit bijltje gehakt en dat leverde nog een zeer verrassende uitslag op!