donderdag 6 juni 2013

Tom Sharpe

Op de site van de NOS stond te lezen, dat de Britse schrijver Tom Sharpe was overleden.
De Britse schrijver Tom Sharpe is op 85-jarige leeftijd overleden. Hij werd in Nederland bekend door satirische romans als 'Jong Geleerd' en de boekenreeks Wilt.
Sharpe werd geboren in Londen in 1928 en overleed in het Spaanse plaatsje Llafranc in het noordoosten van Spanje. Een groot deel van zijn leven woonde hij in Zuid-Afrika.

Een van de bekendste boeken van Sharpe is "Jong Geleerd" uit 1974. Het verhaal gaat over een directeur die een ouderwets college in Cambridge wil reorganiseren. De directeur stuit daarbij op veel verzet.
Zijn laatste boek schreef Sharpe in 2010.

Tom Sharpe was mijn favoriete humoristische schrijver. Tom, rust in vrede. Je laat ons een prachtig oeuvre na.

woensdag 5 juni 2013

Sprinttraining

Vanavond fietste ik voor het eerst dit jaar weer naar de skeelerbaan van Leiderdorp. Het was zonnig en het was een van de eerste keren, dat we 's avonds buiten gegeten hadden. Het beloofde dus een mooie sportavond te worden.
Ik trok de skeelers aan en om half 8 konden we in gaan rijden. De bochten vielen nog wel tegen.
Tjeerd Wierdsma gaf de training en de eerste oefening was twee rondjes dronkemanspas: overstappen naar links en meteen overstappen naar rechts enzovoorts. Aansluitend moesten we een paar rondjes achtereen de kleine bocht lopen. En het gekke was: het ging nog ook!

De dronkemanspas bleek een prima voorbereiding op de bocht.
De volgende oefening drukte ik me: we kregen een sprinttraining. Normaal zou ik daar aan mee gedaan hebben, maar met de marathon van vorige week in het achterhoofd leek het me net even te risicovol. Ik deed 5 Steigerungen van 100 meter en aansluitend de 2 rondjes technisch skeeleren.
Daarbij zag ik Jante hannesen met het remmen. Ik deed het voor en de schaatstrainer in mij kwam naar boven. Het bleek, dat dit één van de eerste keren was, dat ze op skeelers reed. Geleende skeelers nog wel. Mijke Hartendorp hielp zo iemand over de drempel.
En ik hielp haar verder op weg. Nadat Jante de rem aardig onder de knie had, leerde ik haar de zijwaartse afzet onder het motto "Je moet niet wegtrappen, maar wegduwen" en het langer doorrollen, waardoor er veel meer rust in haar slag kwam. Als je er zelf jaren over gedaan hebt om deze techniek aan te leren, weet je precies, welke instructies werken en welke niet.
Aan de tweede en derde serie van 5 sprintjes over 100 meter kwamen we zodoende niet toe. U begrijpt, hoe jammer deze stayer dat vond....

Daar stond tegenover, dat de privé-les, die ik illegaal gaf, zijn uitwerking niet miste. Jante Vernhout kreeg de slag al aardig te pakken. En vermoedelijk de smaak ook.
Aan het eind van de training kregen we van Tjeerd nog een serie slalomoefeningen op. Tweebenig slalommen is een stuk makkelijker dan eenbenig met het andere been hangend met het voorste wiel op het asfalt. Je hebt dan het idee, dat je alle kanten op gestuurd wordt.
Om 9 uur zat de eerste sprinttraining van 2013 er op. In aangepaste vorm, dat wel. Dat krijg je met die marathonlopers.

dinsdag 4 juni 2013

De vos

Op de lagere school heb ik bij biologie geleerd, dat de reiger een schuw beest is. Toen klopte dat, nu niet meer. Deze vogels hebben zich helemaal aangepast aan de uitdijende steden. Tegenwoordig kun je ook in de drukke delen van de stad blauwe reigers vinden. Als het water maar niet te diep is, zodat ze staand een prooi kunnen verschalken.
Ook vossen golden lang als schuwe, maar slimme dieren. Een prachtig boek over dit dier is geschreven door Roald Dahl: "De fantastische meneer Vos".

Eeuwenlang stond dit dier al bekend om zijn listen en lagen. Denk daarbij aan het klassieke lijstboek "Van den Vos Reynaerde" uit de Middeleeuwen.

Nu verliest een vos wel zijn haren, maar niet zijn streken. Maar toch wel zijn schuwheid.

Daarvan waren Hen van den Haak en ik gisteren getuige. We waren op onze racefiets in de duinen aan het trainen, toen we vlak bij de kazerne bij de Waalsdorper vlakte op een meter afstand een vos doodgemoedereerd zagen sjokken. Vroeger zou dit roofdier beslist weggevlucht zijn.

De vos zagen we, toen we ongeveer op het verste punt van onze fietstraining waren. De rest van de IJVL-droogtrainingsgroep werkte een strandtraining af. Normaal gesproken zou ik deze gegeven hebben, maar het kwam voor mij net te kort op de marathon van Leiden van vorige week zondag.

De honneurs werden waargenomen door Jaap de Gorter, die mijn trainingsschema afwerkte. Van sommigen kreeg ik achteraf te horen, dat ik ze aardig af heb laten beulen.
Maar dat was behoorlijk achteraf, want na 38 km fietsen door de duinen met een harde noordwestenwind op de terugweg vanaf Scheveningen, zaten Hen en ik in "Het Wantveld" te wachten.

"Dat is wel een erg lange training geworden", zeiden we tegen elkaar.
Terwijl de zon al aardig begon te zakken, kwam er een achttal IJVL-ers naar beneden. Ze hadden champagne gedronken op het parkeerterrein.

Jante was getrouwd en trakteerde de afgebeulde trainingsgroep hierop.

Voordat we in het schemerduister zonder licht naar huis fietsten, hadden ook de twee wielrenners de bruid gefeliciteerd.

maandag 3 juni 2013

Vrede van Utrecht

Wie deze dagen het centrum van Utrecht betreedt, kan er niet omheen: alles staat in het teken van 300 jaar Vrede van Utrecht.

Hoewel de Nederlanden relatief gezien de meeste verliezen hadden geleden en onder Willem III veertig jaar hadden gestreden om de Franse macht in te perken, mocht de Republiek slechts de kruimels opeten. Het Nederlandse overwicht op zee werd ten gunste van Engeland beëindigd en ook kreeg het niet de Zuidelijke Nederlanden toegewezen, waarop gehoopt werd; die gingen naar Oostenrijk. De Republiek kreeg de vestingstad Venlo toegewezen.
Feitelijk betekende dit dus het definitieve einde van de Republiek der Nederlanden als grootmacht, vooral op zee. Maar zoals onze nationale filosoof Johan Cruijff ons voorhield: "Elk nadeel heb zijn voordeel!"
Doordat we zo klein waren, bleven we buiten de meeste continentale oorlogen, met de Eerste Wereldoorlog als meest gruwelijke voorbeeld. Dus achteraf zijn we er niet zo slecht vanaf gekomen.
Daarnaast wordt de inlijving van Venlo een kruimel genoemd. Deze Leidse schaatser kijkt er een tikkeltje anders tegenaan.
Allereerst zouden we zonder Venlo als Nederlandse stad nooit Jos Arts als voorzitter van de Leidse IJshal hebben gekregen.
Onder zijn leiding heeft de IJshal een aardige opknapbeurt gehad, terwijl hij een uiterst succesvolle lobby richting Leidse gemeenteraad succesvol wist af te ronden, zodat er 4 miljoen euro beschikbaar kwam voor een grondige renovatie van het technische gedeelte van de 200-meterbaan.
Daarnaast komt het evenement "de 1000 rondjes van Leiden" uit zijn koker.

Kortom, dit is al één reden om blij te zijn met Venlo als Nederlandse stad.
De tweede reden is iemand uit de ommelanden van Venlo: Jos Drabbels.

Met deze blijmoedige Limburger heb ik zeer veel gezellige en sportieve uren doorgebracht, zowel bij de droogtraining van de IJVL, bij allerlei duurlopen, maar vooral bij het schaatsen, zowel op kunstijs als op natuurijs.
Daarbij is Jos ook nog eens een begenadigd fotograaf, zodat op dit blog zeer veel mooie foto's van zijn hand te vinden zijn.

Als kroon op het werk was Jos ook nog eens een van de IJVL-leden, waarmee ik de Elfstedentocht op 11 februari 2012 heb volbracht. Al schaatsend maakte hij achterwaarts deze prachtige foto.

Maar bovenal, omdat hij een vriend is!
Nee, zo gek vind ik de uitkomst van de Vrede van Utrecht niet.

zondag 2 juni 2013

Retourtje Mariahoeve


Nadat ik dinsdagavond had geconstateerd, dat de Velostrada in Leidschendam doorliep tot vlak bij station Mariahoeve, had ik me voorgenomen om dit fietspad op de skeelers uit te testen, zodra de gelegenheid zich voor zou doen. Donderdagochtend had ik een klein blokje om de Stevenshof geskeelerd, vandaag leek me een geschikte dag voor een retourtje Mariahoeve.

Langs het park reed ik naar station De Vink, waar ik afsloeg richting Voorschoten. Tot de tunnel onder het spoor door ging alles lekker. Ondanks dat het heel druk was met fietsers, reed ik zo veel mogelijk op techniek. Ik concentreerde me vooral op de bijhaal.
Voor het eerst weer een hellingproef uitvoeren in een tunnel is toch weer even spannend. Vooral bij de tunnel bij de Horstlaan, daar deze een bocht maakt, waardoor je tegemoetkomende auto's niet goed aan kunt zien komen. Ik daalde dus heel voorzichtig af en dat was terecht, want er kwam inderdaad een auto met tegemoet rijden. Nu had ik alle tijd om daar op te anticiperen.
Dat afremmen doe je door constant zeer korte stappen met veel tegendruk te maken. En dat afremmen ga je voelen in je kuiten als je je spieren daarop nog niet getraind hebt. Maar als je daarna weer op techniek en souplesse gaat skeeleren, gaat het daarna wel weer beter.
Ter hoogte van de afslag naar de A44 langs de Landscheidingsweg hield het skeelerasfalt op. De laatste halve kilometer naar Mariahoeve gaat over een klinkerweg. Voor mij betekende dit het verste punt. Ik ging terug op de heenweg, met als grootste verschil dat de vrij harde zijwind nu van links kwam.
In Leidschendam liggen veel verkeersdrempels. Deze zijn goed te doen, al nam ik ze voor alle zekerheid wel tweebenig.
En houd er rekening mee, dat nog niet iedere automobilist ervan doordrongen is, dat ze hier te gast zijn....

Nog steeds haalde ik veel fietsers in op deze mooie zondagmiddag, waarop veel mensen er op uit getrokken waren.
Het stuk langs de Landscheidingsweg ga ik nog een keertje uit proberen, maar deze ervaringsdeskundige kan iedere skeeleraar een retourtje Mariahoeve over de Velostrada van harte aanbevelen. Het asfalt is prima te noemen op een klein stukje bij de nieuwbouw bij station Voorschoten na en het landschap langs het spoor is afwisselend en mooi. Kortom: wat houdt u tegen?

Rhijnauwen

De familie Maaskant had elkaar de laatste jaren regelmatig gezien. Veelal betrof het begrafenissen. Om elkaar nu eens in wat vrolijker omstandigheden te zien, hadden Ada en haar zus Marja een familiereünie van de Maaskanten georganiseerd bij theehuis Rhijnauwen in Bunnik.
Deze omgeving was mij niet geheel onbekend. In mijn hippiejaren ben ik er een paar keer geweest met jongerenkoor Oktopus uit Nieuw-Vennep, waar we in juni de afsluiting hadden van een jaar zingen. We logeerden in jeugdherberg Rhijnauwen, waar door één of andere wonderlijke speling van de natuur de nachtrust altijd zeer kort bleek te zijn. Daar we de slaap daar toch niet konden vatten, feestten we maar zo lang mogelijk door....

De weersvoorspellingen voor gisteren waren prima: het zou lekker weer worden. Nou, dat viel 's ochtends flink tegen. Om 10 uur zaten we op de fiets naar Leiden Centraal, waar we de trein naar Woeden zouden nemen.

Vlak voor we hier waren vroeg ik aan de conducteur, aan welke kant we eruit moesten. Deze Surinamer wist het niet, daar het in Woerden nogal eens wisselt.
"Waar moeten jullie naar toe fietsen?", vroeg hij belangstellend.
"Naar Bunnik", antwoordde ik, waarop hij zei: "Mij veel te ver. Acht kilometer fietsen vind ik al meer dan genoeg. En weer u waar dat door komt? In Nederland heb je altijd tegenwind!"

Ana had er een lot- en bondgenoot bij en wij hadden de lachstuipen!
Vanaf station Woerden volgden we de LF4a, de Midden-Nederland route, die ons slingerend over stille wegen en fietspaden voerde. Deze route vertoonde nog meer kronkels dan de Krommer Rijn.
De route kwam deels door het gebied, waar ik een paar jaar geleden de Kasteel- en Molentocht had geskeelerd. We kwamen in de krachtige noordwestenwind ook langs kasteel Haarzuilens, waar het erg druk was. Er was een of andere Middeleeuwse fair bezig.

Met een koets werden enkele edelen aangevoerd. Uit een grote tent klonk het geluid op van een dj, die een soort housemuziek ten gehore bracht.
"Dat is geen Middeleeuwse muziek", zei ik tegen een in pagekleding gehulde kaartjesverkoper bij het poortgebouw van het kasteel.
"Nee", antwoordde hij gevat: "Het is middelmatige muziek!"
Wij fietsten met zijn vieren door en alles ging goed tot Leidsche Rijn, waar de bewegwijzering van de LF4a toch wel erg vaag begon te worden. We zochten onze eigen weg en kwamen zo uit op de brug over het Amsterdam-Rijn-kanaal.
In het centrum van de Domstad stond alles in het teken van de viering van 300 jaar "Vrede van Utrecht".

Dat waren nog eens hippiejaren!
Aan de voet van de Domtoren aten we een paar stukken door Ana gebakken tortilla. Siebe ging met zijn Spaanse schone Utrecht verkennen, terwijl ik met Ada doorfietste naar Rhijnauwen. Om half 2 waren we volgens afspraak bij het theehuis.
De zon was inmiddels doorgekomen en het was meteen aangenaam weer, vooral omdat in een bos de wind altijd stukken minder is.
Nadat er wat afspraken voor de rest van de dag gemaakt waren, mochten we op het terras wachten op de rest van de familie Maaskant. Dit was niet bepaald een straf.
Vanaf 2 uur kwam de familie binnendruppelen. Tante Aat, de mater familias, kwam als eerste. Deze tweelingzus van Ada's veel te jong gestorven moeder was meegereden met haar zoon Ko, zijn vrouw en zijn kinderen.
We werden naar binnen gedirigeerd, waar we de helft van een vleugel van het theehuis tot onze beschikking hadden. Ik zat naast Eddy Smit, net als ik een verwoed schaatser en fietser. Aan gespreksstof was geen gebrek.
Om een uur of half 4 gingen we met bijna iedereen een wandeling maken over het landgoed Rhijnauwen en Oud-Amelisweerd. Onder het ons zo bekende poortgebouw door kuierden we naar de brug over de Kromme Rijn, waar het op deze heerlijke lentemiddag druk was met kano's. Het was tijdens de wandeling dus Maaskant op de Rijnkant.
Een van mijn dochters belde, dat ze eraan kwam met haar OV-fiets, toen we op de lange laan van Oud-Amelisweerd liepen. Ik bood aan om op haar te wachten, terwijl de rest van de familie een kronkelig pas in sloeg.

Hoe kronkelig het pad was, bleek niet veel later. Bij Fort Rhijnauwen, onderdeel van de Hollandse Waterlinie, stond het hek open en er stonden een paar fietsen gestald. Al kletsend werd het bordje "Geen vrije toegang" gepasseerd en het gezelschap inclusief kinderwagen, wandelde op de bunker af.
Een boswachter op de fiets kwam ons tegemoet gereden, versperde de weg en maakte duidelijk, dat dit niet helemaal de bedoeling was. Wij maakten rechtsomkeer en gingen terug naar de ingang, die nu uitgang geworden was. Het was duidelijk: de vermaning was terecht. De familie Maaskant had het rechte pad verlaten!
Nadat de verloren zonen en dochters weer op het rechte pad waren aanbeland, liepen ze linea recta naar het theehuis toe, waar op het terras witbier en andere dranken werden genuttigd voordat we aan het pannenkoekenbuffet begonnen. Ik zat bij Ko Roebers en Ada aan de kop van de tafel. Het was erg gezellig om met de gemoedelijke familie Maaskant aan tafel te zitten.
Bij het ijstoetje stak ik over en zat bij Han en Ineke Tichelaar en mijn schoonvader aan tafel, terwijl Siebe en Eddy het op de andere hoek van de tafel uitgebreid hadden over fietsen en wielrennen.
Om 8 uur vertrok iedereen in kleine clubjes, om half 9 stapten wij op de fiets voor nog een klein ommetje door Rhijnauwen en Amelisweerd naar Utrecht Centraal te fietsen. We waren net te laat voor de trein van 5 voor 9, zodat we bijna een half uur moesten wachten op het perron, voordat we naar Leiden af konden reizen.
Op mijn kilometerteller stond 50 km als dagtotaal. Siebe en Ana, die 's middags nog naar de piramide van Austerlitz waren doorgefietst, moeten minstens 70 km gereden hebben. Maar ja, het was gisterenmiddag dan ook heerlijk fietsweer!

Het jaar zonder lente

Op www.weerwoord.be las ik enige weken geleden een rake typering voor het voorjaar van 2013: het jaar zonder lente. Daar er nog een paar weken te gaan waren tot het begin van de meteorologische zomer, die op 1 juni begint, had ik deze kop al een paar weken in mijn hoofd.
Op de site van het KNMI staat een heldere terugblik op het afgelopen voorjaar onder de kop: Koudste lente in ruim veertig jaar.
Dit is ook mooi terug te zien in onderstaand temperatuurstaatje.

Ook de 7e plaats in de rij met koudste lentes sinds 1901 spreekt boekdelen. Dit krijgt nog meer cachet als je in ogenschouw neemt, dat er een aantal uitlopers van Elfstedenwinters bij zit. Wat dat aangaat was de afgelopen winter taai, maar extreme kou ontbrak vrijwel volledig.
Heel bijzonder is dit gegeven: De winter van 2007 was warmer in enkele stations van het KNMI dan de huidige lente (Den Helder 6.4°C deze lente tegen 7.2°C in W07, Vlissingen 7.0°C deze lente tegen 7.3°C in W07). Van alle hoofdstations was deze lente met 7.1°C maar net warmer dan W07 met 6.7°C. Toch wel opmerkelijk!
Kijken we naar het lijstje, dan zien we, dat in meer dan de helft van de gevallen een behoorlijk strenge winter volgde, met 1962 als absolute topper. Bij de top 10 ligt de kans op een Elfstedentocht zelfs op 40%.
Het is uiteraard veel te vroeg om hierover al te gaan speculeren. Het weer is daarvoor in onze omgeving veel te wispelturig. Het weer heeft ook geen geheugen. Maar toch lijkt de kansberekening momenteel vrij gunstig voor de natuurijsschaatsers onder ons. Vermoedelijk heeft dit te maken met de temperatuur van het zeewater, die een flink stuk lager ligt dan gewoonlijk.
Maar voor ik mijn verwachting uitspreek voor de komende winter, wil ik eerst afwachten, wat voor zomer we krijgen. Deze heeft namelijk nog heel veel invloed op de watertemperatuur.

Maar vooralsnog ga ik er van uit, dat we ook de komende winter weer op de Vogelplas zullen schaatsen. Voor de 7e winter op rij!
En gezien de ervaringen van de laatste jaren, ga ik er ook van uit, dat de natuurijsperiode ook wel weer met sneeuwval gepaard zal gaan. Maar 100 x liever dat, dan een winter zonder natuurijs!