Vanmiddag fietste ik om 1 uur vanaf mijn werk linea recta naar de Leidse IJshal. Ik zou net als de laatste 7 seizoenen helpen bij het spuiten van water om de ijsvloer langzaam maar zeker te laten aangroeien.
Tot mijn stomme verbazing lag er al een aardig laagje ijs, terwijl Jan van Rijn en Piet van de Harskamp gisterenmiddag pas begonnen waren met de brandslang. In tegenstelling tot andere jaren was er gewoon doorgegaan met spuiten, waar voorheen een pauze werd gehouden om het water te laten bevriezen. Dat werkte dus goed.
Een tweede verandering was, dat de Zamboni het ijs op gereden werd door Piet. Ging het spuiten al sneller dan vroeger, een rondje met de dweilmachine leverde net zo veel water op het ijs op als 2 spuitbeurten.
Alleen het ijs langs de boarding werd niet meegenomen door de Zamboni. Hier moesten we nog een laagje leggen met behulp van de brandspuit.
Doordat we twee keer zoveel water op het ijs kregen, waren we om half 5 al klaar. Het was een hele schok, toen we naar buiten gingen. In het nazomerzonnetje was het daar twee keer zo warm....
Het was comfortabel ontwaken in "Wetherspoon Hotel". We ruimden de tent netjes in en haalden het droge gras zoveel mogelijk van het tapijt af. We besloten £ 7,- te besparen door in onze Familyroom te ontbijten.
We bekeken het weer op de televisie. In Noord-Engeland en Schotland veel regen en in het noorden van Schotland zelfs kans op vorst aan de grond vannacht. In het zuiden was het veel beter met weinig kans op regen en meer kans op zon.
Na ons eigen breakfast braken we op. We reden de fietsen uit Room 101 en verlieten "Wetherspoon Hotel" door de voordeur, die open stond omdat er geschilderd werd.
We fietsten de winkelstraat in om fruit te kopen. Met 2 appels en 2 bananen gingen we om half 9 op pad.
Langs de kerk vlak achter het hotel pikten we de fietsroute weer op. Zo reden we over een smal paadje Camborne uit. Via Barripper en Cornhell Green tuften we via Gwinear naar Hayle toe.
De zeearm, waaraan dit leuke kuststadje gelegen is, lag bijna helemaal droog, waardoor een kilometerslang Waddengebied zich landinwaarts uitstrekte.
We fietsten rustig door dit plaatsje en na een flinke klim bij St. Erth reden we redelijk vlak naar Marazion, waar we afdaalden naar de kust.
Hier vandaan kon je naar St. Michael's Mount wandelen over een laag dijkje van grote keien. We stalden de fietsen bij een parkeerplaats en wandelden over het strand naar "the causeway" toe.
Het was een minuut of 10 wandelen naar dit eiland, dat bij eb geen eiland is.
Naar de klok kijkend hadden we een half uur om op de evenknie van Mont Saint-Michel rond te kijken. Dat deden we dan ook.
Voor een bezoek aan het kasteel op de top van St. Michaels Mount hadden we geen tijd, maar er waren genoeg leuke plekjes te vinden aan de onderzijde van dit rotseiland.
De legende is hetzelfde als bij Mont Saint-Michel. De aartsengel Michaël verscheen en droeg de mensen op er een kerk te bouwen.
Deze kerk zou een groot aantal pelgrims trekken en in onze tijd een hoop toeristen.
Beide droogvallende eilanden gewijd aan Sint-Michaël heb ik nu bezocht, net als Skellig Michael voor de Ierse kust.
Daar kun je echter niet naar toe lopen, maar ben je aangewezen op een vissersboot vanaf the Ring of Kerry.
Volgens een Ier, die we gesproken hebben, was er ook een Fries Waddeneiland, dat een verbinding had met deze Michaëls eilanden. Ik opperde Schiermonnikoog, maar hij zei, dat het een andere was. Ik zei toen: "Skylge". De Friese naam voor Terschelling lijkt inderdaad erg veel op Skellig.
Na een serie foto's en een mislukte selfie werd het tijd om terug te lopen.
De bezoekers kwamen nog steeds in groten getale op het eiland afgewandeld.
Je kon zien, dat het zeewater inmiddels de stenen van the causeway had bereikt. Toen wij de overzijde hadden bereikt, beklommen we een kleine rots en konden zien, dat de laagste plekken van de dijk al onder water stonden.
We begaven ons naar een koffietent vlak achter de wandelpromenade. Naast de gebruikelijke dranken hadden we carrot-lemoncake. De Engelse keuken mag dan geen goede naam hebben, maar taart bakken kunnen ze!
We haalden onze fietsen op en zagen, dat er bootjes heen en weer vaarden tussen het vasteland en St. Michael's Mount. Er had zich een lange rij gevormd op het strand. Een viertal wandelaars liep met water tot boven de knieën naar het eiland te waden.
We reden over de wandelpromenade naar Penzance. We kwamen uit bij het station, zodat we dit even konden bekijken voor aanstaande donderdag. Bij het tegenover gelegen Tourist Information kregen we een printje van de fietstocht door London van Paddington naar Liverpool Street.
We fietsten over het coastal path van Penzance naar vissersplaats Newlyn en naar het schitterende Mousehole met zijn smalle straatjes, die steil omhoog liepen.
Auto's konden hier elkaar onmogelijk passeren. Onderling moesten de chauffeurs uitmaken, wie omhoog of omlaag ging in zijn achteruit.
Wij moesten steil omhoog. Vooruit. Dat werd met de fiets een meter of 500 de heuvel op duwen. Maar het uitzicht, dat je hier had, was Wunderbar!
Over smalle zigzagwegen klommen we naar Castellack om door een dicht bos slingerend steil omlaag te rijden naar Lamorna. We klommen naar de B 3315 en langs een paar stonecircles met menhirs vervolgden we the Cornish Way naar St. Buryan, waar we om 2 uur op camping "Tower Park" de tent op konden zetten voor £ 32,- voor 2 nachten.
We lunchten bij de tent in het zonnetje voordat we in St. Buryan boodschappen gingen doen.
De kerk was open, dus we namen een kijkje in deze eeuwenoude Normandische kerk met zijn robuuste granieten toren.
Naast houtsnijwerk en gebrandschilderde ramen waren vooral de geborduurde knielkussens opvallend.
We fietsten terug naar de camping met het fantastische uitzicht op de omringende vrij kale heuvels. Het heeft hier in dit door de wind getekende landschap toch wel iets weg van de sfeer van de Waddeneilanden.
De totaalstand van vandaag was op 46 kilometer uitgekomen op onze meest westelijke camping. We aten rijst met courgette en paprika en een yoghurttoetje. Na het eten gingen we lopen achter de camping. Via een oud hek kwamen we op het ene onbewerkte akker na het andere.
Zo daalden we heel langzaam af tot we bij een vervallen boerderij kwamen, waar in de enorme stal slechts 1 koe rondliep. De boerderij was dus bewoond. We liepen derhalve om de schuur heen en klommen over een hek naar de lange oprijlaan. Zo kwamen we aan de weg naar de camping toe.
Dachten we. De weg was veel drukker. We liepen aan de uiterste rechterkant, zodat we het tegemoetkomende verkeer aan konden zien komen. Na een kleine kilometer konden we eindelijk de drukke weg verlaten.
Een zijweg gaf aan: St. Buryan 1,5 miles. Over een rustige slingerweg kwamen we na ruim een uur wandelen terug op camping "Tower Park". Een juist gekozen naam, want de 500 meter verderop gelegen kerktoren is een markant herkenningspunt in de wijde omtrek. Dat hebben we met de avondwandeling wel ervaren!
Toen ik gisterenmiddag om 4 uur naar buiten keek, had ik de hoop om 's avonds te gaan skeeleren al opgegeven. De regen kwam met bakken naar beneden zetten. Toen ik een uur later vanaf de nieuwe bibliotheek in Valkenburg naar huis fietste, was het droog, maar nog wel zwaar bewolkt.
Desondanks begon de bewolking te breken en om een uur of 6 kwam de zon zowaar nog door. Om 7 uur zat ik wederom op de fiets om naar de skeelerbaan van Leiderdorp te rijden.
Vorige week was ik op werkbezoek bij mijn trainingsmaat Arthur van Winsen. Gezeten op de tandartsstoel had hij me uitgenodigd om mee te komen skeeleren bij de training, die Marieke van Hoek zou geven.
Deze tandarts weet tenminste, hoe je een bezoek aan zijn praktijk zo aangenaam mogelijk moet maken! Dat gold echter niet voor alle oefeningen, die Marieke voor ons in petto had.
Het begon heel onschuldig met 4 rondjes inrijden. Aansluitend moesten we 4 rondjes rijden met de nadruk op de bocht. We dachten allemaal, dat het wel redelijk ging, maar we werden snel uit de droom geholpen door deze marathonschaatsster: "Het zijn muizenpasjes die jullie maken."
Maar daar had deze trainster wel een oefening voor. Sinds vorige week geldt er in Nederland een verbod op het laten optreden van wilde dieren in een circus.
Maar vervolgens werd een kwintet trainingsbeesten wel gedwongen aan een circusact mee te werken. Dompteur Marieke toverde een touwladder tevoorschijn. Hierin moesten we uit stilstand pootje over doen. In de vakken van het touwladder!
De eerste stappen was ik bang, dat mijn tandarts in zijn vrije tijd alsnog aan de slag zou moeten. Bij het neerzetten van de skeelers reed je of vooruit of achteruit, hetgeen niet helemaal de bedoeling was.
"Als je vooruit rijdt, dan zet je je druk te veel naar achteren, als je achteruit rijdt, ligt de druk te veel op je punten", kregen we te horen.
En inderdaad, gaandeweg vond je het juiste drukpunt en stond je stabieler. De uitnodiging om de oefening met pootje over naar rechts te doen vond ik echter nog te riskant.
Na de circusact overleefd te hebben, mochten we weer 4 rondjes rijden met wederom de nadruk op de bocht. Het ging al wat beter, maar nog niet goed genoeg. Derhalve werden we wederom onderworpen aan het touwladder, hetgeen trouwens aanmerkelijk beter ging dan in de eerste sessie.
We mochten weer een viertal ronden skeeleren met de nadruk op de bocht. Daarna bleef de touwladder achterwege. De trainster was kennelijk bang, dat we ladderzat zouden worden.
In plaats daarvan kregen we een andere moeilijke oefening. Vrijwel vanuit stilstand moesten we in de bochten versnellen. Wat is het moeilijk om je skeelers dan goed te plaatsen. Vooral je linkerbeen gaat dan te veel naar binnen.
Het werd al wat beter bij de volgende oefening: je skeelers zo lang mogelijk met 4 wieltjes op het asfalt houden op de bocht. Het gekke is, dat het dan ineens een stuk makkelijker gaat, doordat je je focus verlegt. Zo simpel kan het soms zijn!
Hierop borduurden we voort. We moesten de afzet gaan verlengen. Stukje bij beetje lukte het steeds beter. We moesten in de bochten versnellen zonder de frequentie te verhogen, maar gewoon door steeds meer druk te zetten. En zowaar, dat lukte steeds beter.
Aan het eind van de training kregen we van deze toptrainster het grootste compliment: "Het ziet er veel beter uit dan aan het begin!"
En zo voelde het ook. Ik had dat niet verwacht, toen we begonnen aan de circusact met skeelers in de touwladder.
Geboren en getogen in Nieuw-Vennep in een gezin met 12 kinderen en sinds 1979 woonachtig in Leiden. Mijn vader was de oprichter van het transportbedrijf B.Breed & Zonen in Nieuw-Vennep, dat nog steeds bestaat.
Ik ben in 1983 getrouwd en vader van 4 kinderen.
Ik train al sinds mijn verhuizing naar Leiden voor de Elfstedentocht en ben uiteraard een groot liefhebber van schaatsen op natuurijs.