zaterdag 14 maart 2009

Taartenwedstrijd



Op vrijdag de 13e maart stond de taartenwedstrijd gepland. Zo laat in het seizoen is deze clubwedstrijd nog nooit gehouden. Het aantal deelnemers was dan ook minder dan de afgelopen jaren. Desondanks was het heel gezellig bij deze wedstrijd over 2 en 4 rondjes in de Leidse ijshal.
Toen ik aankwam bij de ijshal had de IJVL net de Andries Kwik-bokaal gewonnen. Nienke Snel, Willemijn Welvaart en Julie Straver kwamen trots hun medaille laten zien. Als eerste trainer van deze kinderen heb ik een klein beetje bij kunnen dragen aan dit succes. Succes heeft immers vele vaders....
Bij het inrijden op de binnenbaan schoot Max Blondeau mij aan. Woensdag waren de scholierenkampioenschappen geweest, en onafhankelijk van elkaar hadden twee ouders hem aangeschoten, dat de kinderen op vrijdagmiddag zo leuk les kregen! Vooral de speelse aanpak werd erg gewaardeerd. Toch leuk om te horen, dat je inzet gewaardeerd wordt. Wie wat van mijn aanpak over wil nemen: kijk in 2008 onder het kopje "Schaatsles voor beginnende schaatsers".
Bij de taartenwedstrijd kwamen de G-schaatsers het eerst aan bod. Ik heb met Nel Klinkhamer haar rondje meegereden. Vanaf de binnenbaan gaf ik de G-schaatsers nog wat aanwijzingen en vooral aanmoedigingen.
De rest van het deelnemersveld, waarbij de veteranen de grootste groep vormde, mocht daarna aantreden. Het ijs was, zoals gebruikelijk, goed. Gerard Snel (what's in a name?) reed twee clubrecords bij de masters. Dat zat er voor mij niet in. Met 48.17 en 1.34.00 bleef ik zelfs vrij ver boven mijn p.r.'s van 45.25 en 1.25.69. Omgerekend betekent dat ik rondjes 24 gereden heb. Vlak voor ik naar de ijshal ging, had ik gekeken naar de 1000 meter in Vancouver. Daar reden ze rondjes van 25 seconden. De toppers gaan dus bijna 2 keer zo snel: in één rondje zou ik nagenoeg gedubbeld worden!
En om het nog erger te maken: met mijn tijd over 2 ronden, gereden op dezelfde dag op dezelfde baan, was ik alleen bij de jongens mini's als winnaar uit de bus gekomen. Sterker nog, zelfs met mijn p.r. zou ik bij de welpen geen potten hebben kunnen breken.....
Toch heb ik best wel lekker gereden. De rechte einden liepen perfect, maar in de bochten kon ik deze snelheid niet vasthouden. De ronding is bijna uit mijn ijzers, maar er is al te veel van afgeslepen om ze nog een keer te kunnen ronden. En aan het eind van het seizoen moet je niet overstappen op nieuwe ijzers. Ik zal het er gewoon mee moeten doen dit seizoen.
Na afloop stond ik aan de bar met Martin Langbroek en Frank Damen te genieten van de laatste Palm van het schaatsseizoen en vooral van de laatste ritten van de 5 kilometer in Vancouver. Vooral de rit van Enrico Fabris en Trevor Marsicano was van een ongeëvenaarde schoonheid. De 19-jarige Amerikaan won met 12 honderdste van een seconde. Ook Havard Bokko kwam dichter bij wereldkampioen Sven Kramer dan ooit, dus de komende jaren gaat deze Fries geduchte concurrentie krijgen. We gaan mooie jaren tegemoet bij het schaatsen.
Ook van het aandeel van de IJVL daarin, want twee weken na het behalen van het goud bij het wereldkampioenschap junioren door Roxanne van Hemert kwam Laurine van Riessen op de 1500 meter op de 6e plaats op het WK afstanden. De eerste Olympische nominatie is binnen.
Zo ver zal ik het nooit schoppen. Op mijn niveau is er de traditionele taart, waar elke deelnemer een stuk van kreeg, en deze was erg lekker!

vrijdag 13 maart 2009

Uitbollen





Donderdagochtend was de laatste trainingsochtend van het seizoen 2008/2009 van de krasse knarren in de Leidse IJshal. Voor deze gelegenheid had ik een speciaal trainingsschema opgesteld. Beginnend met 12 ronden, daarna 11 en zo aflopend tot 1, tesamen uitkomend op 78 ronden. Met tussen elk blokje 2 ronden rust, in totaal dus 22 ronden, kom je met dit schema uit op precies 100 rondjes.
Het ging, naarmate het aantal rondjes kleiner werd, steeds harder. Hoezo uitbollen?
De laatste ronde mocht Kobus Turk, die met de Special Olympics een zilveren medaille gewonnen had, op kop rijden.
Na afloop gingen we met de hele groep naar de kantine, waar ijsmeester Steef en Dries en Hermien, de vrijwilligers van kassa, door ons werden bedankt. Het was met koffie, warme chocolademelk met slagroom en boterkoek erg gezellig. Zo lieten we de buik een beetje uitbollen....

woensdag 11 maart 2009

Roald Dahl


Op de laatste dinsdagavond van het seizoen was het behoorlijk druk op de ijsbaan. Met Hans Boers een paar blokjes van 10 minuten tot een kwartier getraind voor de run-skate-run van a.s. zondag. Het ene blokje op snelheid, het andere op techniek.
Op de ijsbaan reed ook een heer rond, die veel weg heeft van Roald Dahl. Dezelfde karakteristieke kop, hetzelfde lange, slungelachtige lijf. De Roald Dahl look-a-like heeft trouwens best een goede techniek. Het is een mooi gezicht, als je hem zijn lange benen uit ziet slaan. Hij zou het alleen met wat meer kracht mogen doen, dan zou hij veel aan snelheid winnen. Nu "aait" hij het ijs een beetje te veel.
Nu zal de echte Roald Dahl waarschijnlijk niet of nauwelijks geschaatst hebben. Wales is nou niet bepaald een oord, waar de schaatstalenten voor het oprapen liggen.
Ja, en als we het over Roald Dahl hebben, dan hebben we het natuurlijk wel over de grootmeester van de onverwachte wendingen in de veelal geestige verhalen. Als bibliothecaris kan ik zijn complete werk aanbevelen. En als mij gevraagd wordt, om uit dat werk toch een keuze te maken, dan valt mijn keus op "Boy" en "Mijn jaar". Het betreft het kattekwaad, wat hij zelf in zijn jeugdjaren heeft uitgehaald en hoe zich dat soms tegen hem keerde in de tijd, dat lijfstraffen op school nog tot de pedagogische aanpak behoorden.
Nu het schaatsseizoen is afgelopen, heeft u vast meer tijd om te lezen, en dan is het geen straf om de tijd door te brengen met bovenstaande boeken van Roald Dahl.

maandag 9 maart 2009

Roxanne


Op het eind van het seizoen zijn er altijd de clubwedstrijden. Hier doe ik meestal aan mee, omdat ik dan als niet-licentiehouder een keer een paar afstanden kan rijden. Nu zijn het meestal niet mijn geliefde afstanden: de 500 en de 1500 meter, terwijl ik het moet hebben van het duurvermogen. Ik kom derhalve vaak als drager van de rode lantaarn uit de strijd.
Wie dat niet heeft, is Roxanne van Hemert. Dit IJVL-lid, dat op de Havo een jaar met mijn kunstschaatsende dochter in de klas zat, is vorige week in Zakopane wereldkampioene allround geworden bij de junioren. Voorafgaand aan de clubwedstrijden werd ze gehuldigd door IJVL-voorzitter Sjaak Stuyt en PvdA-wethouder Marc Witteman, die zich actief in wil zetten voor een nieuwe ijsbaan in of vlak bij Leiden. Het is te hopen, dat hij deze week niet struikelt over de Stadsgehoorzaal.
Met Hen van den Haak, Jos Drabbels, Andrea Landman en Paul Verkerk brachten we de tijd voor onze 500 meter door in de kantine van de Uithof. Zowel de 500 meter als de schaatsmijl moest ik aantreden tegen Jens Postma. Over de sprint kan ik kort zijn. Ik bleef met 59.86 maar net onder de minuut, daar ik mee wilde gaan met Jens. Ik bleef daardoor te veel harken en kwam niet lekker in mijn slag.
Voor de 1500 meter nam ik me voor om gewoon lekker op techniek te gaan rijden. Het liep best wel lekker en met 2.52.45 bleef ik 0,14 seconden onder mijn oude persoonlijke record. "Een sluwe verbetering" zei Paul Verkerk. "Je gebruikt de Boebka-methode: iedere keer het record met een heel klein stukje verbeteren. Dat is veel slimmer, dan in één keer een heel stuk van het record af halen." De mentale coach haal je er zo uit!
Met mijn 10e plaats in een veld van 12 veteranen, pardon, masters, had ik dit jaar voor de verandering een keer niet de rode lantaarn.
"Roxanne, you don't have to put on the red light..."

zaterdag 7 maart 2009

Keus genoeg


Het ligt eraan hoe ruim je het begrip sport neemt, of je biljarten als een sport ziet. Conditioneel hoef je er niet echt veel voor te doen. Maar biljarten heeft wel iets, wat ook bij het schaatsen van belang is: je moet je goed kunnen concentreren. Een milimeter naar links of rechts kan al uitmaken, of een bal raak is of mis. Diezelfde precisie moet je met schaatsen ook aan de dag leggen.
Na jarenlang een paar keer per jaar met mijn vriendengroep van "De la Salle" gebiljart te hebben in café "Maaldrift", moesten we noodgedwongen een ander onderkomen zoeken.
De keus viel op Grand-café "De bulls" in mijn geboorteplaats Nieuw-Vennep, een groot snookercentrum met 3 gewone biljarttafels, dat gevestigd is in de voormalige garage van Lexmond. Het was op deze vrijdagavond gezellig druk, maar er waren keus genoeg. Als er biljarten op de televisie is, is het altijd muisstil met een fluisterende commentator, hier stond voornamelijk Nederlandstalige muziek aan van o.a. Guus Meeuwis. Niet echt biljartmuziek.....
Na bijna een jaar niet gebiljart te hebben, viel het in het begin niet mee. Tim de Beer, Joep Kapiteyn, Bas Warnink en Rob Ammerlaan (niet verwarren met de uitgever met dezelfde naam) namen allemaal een voorsprong op me. Bijna de volle twee uur was ik de drager van de rode lantaarn. En toen was ik ook nog zo stom om als eerste een bitterbal in mijn mond te stoppen. Als je de lachers op je hand wilt hebben, moet je dit doen: succes gegarandeerd!
Nadat na diverse grimassen deze gloeiend hete bitterbal eindelijk weggeslikt was en ik mijn mond met wat bier kon koelen, begon het biljarten beter te lopen. Ik kon me beter concentreren en er kwam iets als een "finishing touch". Bas werd met 25 caramboles onbedreigd winnaar, maar ik werd tot mijn verrassing toch nog 2e met 20 caramboles, net voor Tim, Rob en Joep. Het was een gezellige avond geweest, waarbij we veel hebben gelachen (en daar gaat het bij ons biljartspel vooral om) bij de concentratiesport biljarten.

vrijdag 6 maart 2009

Voorjaar


Eind februari ging de temperatuur flink omhoog en schoten de krokussen uit de grond. Vanaf begin januari stonden er al aardig wat sneeuwklokjes in onze tuin in bloei, zodat de tuin paars, wit en groen gekleurd is.



Kortom: het is voorjaar. Het schaatsseizoen loopt ten einde. Dinsdagavond was dat te merken: het was beduidend minder druk in de Leidse IJshal. Zelf voelde ik de naweeën van de 150 km schaatsen in Haarlem. Het liep niet lekker, omdat de spieren niet wilden. Toen om een uur of 9 de meeste hardrijders van het ijs gingen, ging ik rijden in de slag van Wierd Wagenmakers. Hij heeft een heel mooie slag en terwijl ik probeerde zijn slag te imiteren, voelde ik, dat de techniek weer terugkwam.
Donderdagochtend was de groep wat kleiner dan de afgelopen weken, maar het schaatsen ging gewoon lekker. Met de groep werd een pittig tempo gedraaid, maar ik kon het moeiteloos volgen. Ik was dus snel hersteld van de 405 rondjes op de 400-meterbaan in Haarlem. Volgende week is het alweer de laatste week van het schaatsseizoen in Leiden. Dan kunnen we weer meer gaan lopen en fietsen om te gaan werken aan de conditie voor het schaatsseizoen 2009/2010.

Want wat hebben we genoten van de afgelopen winter!
Maar eerst gaan we genieten van het voorjaar.

zondag 1 maart 2009

"Locker bleiben"

Donderdag liep het schaatsen op kunstijs voor het eerst helemaal lekker. Daarvoor liep of de bocht niet goed, of het rechte eind was niet helemaal naar mijn zin. Maar ineens was het gevoel er weer. Ik kon langer diep blijven, kon de druk goed achterop houden en de valbeweging ging ook weer lekker.
De dag erna was de laatste les, zowel bij de buitenschoolse sport als bij de IJVL. Bij de buitenschoolse sport heb ik ruim 25 rondjes gereden op de buitenbaan met Andries, die een maand geleden pas achter het rekje vandaan was. Heel losjes zijn hand vasthoudend reed hij zo 5 km. Zijn ogen glansden helemaal! Hier doe je het als trainer allemaal voor.
Zaterdagochtend nog even een kleine 10 km gelopen met het oog op de run-skate-run, waarbij ik Wim van Huis en Jan Versteegen tegenkwam, die op de racefiets aan het trainen waren.
's Middags op internet gekeken en wat ik al vermoedde, werd bewaarheid: de 5 km-baan in Biddinghuizen was gesloten. Alleen de 400-meterbaan was open. Het had dus geen zin om morgen naar Flevonice af te reizen voor de Nierstichting Elfstedentocht. De keuze ging nu tussen Haarlem en Den Haag. In Den Haag reed het complete TNT-team van Henk Angenent. Ik zou daar eigenlijk heen moeten om Joost Juffermans te bedanken, aan wie ik mijn TNT-schaatskleding te danken heb. Maar Haarlem is een veel gezelligere ijsbaan met ook nog eens beter ijs.
De keuze werd me makkelijk gemaakt, toen ik zondagochtend nog even naar de openingstijden keek. Den Haag ging pas om 10 uur open, Haarlem al om 7 uur i.v.m. de Lastige lijven toertocht. Om 7 uur was ik bij station Leiden. De bewaakte fietsenstalling was nog dicht. Ik besloot mijn fiets mee te nemen in de trein. Helaas ging de eerste trein pas om half 8. Op het station ontbeten en om half 9 kon ik na de dweilpauze in Haarlem beginnen aan mijn geplande 100 km.
Na een rondje of 10 werd ik ingehaald door een groep van een man of 20, die rondjes 49 reden. Ik sloot aan in de staart van dit peloton en bij de volgende dweilpauze stond de teller op 67 rondes. Daarna ging het nog harder: rondjes 47/48. De halve Jobo-trein, waar ik dinsdagavond in Leiden mee rijd, was er ook en ook diverse IJVL-ers, zoals Martin Langbroek, Bert Hoogeveen, Jan Zwetsloot, Ingrid Heijnsbroek en de familie Messemaker. Met 147 rondjes werden we naar de kant gestuurd voor de rondjes van de Zamboni. Het dweilorkest was inmiddels gearriveerd, alsmede een shantykoor uit De Zilk. Kortom, de stemming zat er goed in.
De temperatuur begon voorjaarsachtig te worden, dus mijn fleece ging uit. In het lentezonnetje was het een genoegen om op het spiegelgladde ijs te schaatsen. Je moest wel geconcentreerd blijven, want het was enorm druk en er waren diverse valpartijen, ook een paar keer vlak voor mijn neus. Ik koos er bewust voor om in een iets langzamere groep te rijden, met veelal rondjes 51. Met 216 rondes op de teller oftewel 80 km begon ik om kwart voor 12 aan de officiële Nierstichting Elfstedentocht.

Nu was de drukte op de baan het grootst. Soms reden er wel 4 pelotons naast elkaar en het duurde soms wel 4 ronden voor je zo'n peloton gepasseerd was.
Iedere dweilpauze at en dronk ik wat. De kluunschaatsen zijn op deze dagen een uitkomst. Klik, klik en je loopt van de baan af. Klik, klik, en je kunt weer verder met de ijzers aan de andere schoen. Altijd scherpe ijzers!
Langs de kant van de baan stond een verzorgingspost met o.a. partjes mandarijn en stukjes banaan. Ik reed er naar toe, toen de vrouw achter deze post net een stukje banaan weghaalde, terwijl ze zei:"Die ziet er niet smakelijk meer uit" waarna ik niet na kon laten te zeggen:"Heb je het over de banaan of over mij?"
Om 2 uur werd de totaalstand bekend gemaakt: ruim € 18.000,- werd in Haarlem bij elkaar gereden. Met 360 rondes op de teller had ik er ruim 130 km opzitten. Daarna kregen de 20 mensen, die het meeste sponsorgeld bijeen gebracht hadden, een schaatsclinic van Yvonne van Gennip. Bijna de helft van de groep bestond uit kinderen.
Ik zat daar so wie so niet bij, daar ik ingeschreven stond bij Flevonice, maar als schaatstrainer was ik toch benieuwd, hoe zij les gaf en wat voor oefeningen. Het was toegestaan om de clinic te bekijken. Om met het oefeningen te beginnen: er zaten voor mij 2 nieuwe oefeningen bij. De eerste was om een vuist in je buik te duwen om je rug bol te krijgen. De tweede betrof de valbeweging. Je moest je knieën tegen elkaar doen en dan de valbeweging maken. Door een reflex vang je de valbeweging dan automatisch op, waarmee je je lichaamsgewicht omzet in een voorwaartse beweging.
Yvonne van Gennip gaf zeer enthousiast les. Ze heeft een enorme lichaamsbeheersing. Een klein voorbeeldje. Ze zette één keer af en reed daarna ongeveer 20 meter kaarsrecht op 1 been. Onvoorstelbaar. Maar goed, je wordt niet zomaar drievoudig Olympisch kampioene met als bijnaam de IJskoningin van Calgary!

Aan het eind konden de deelnemers aan de clinic vragen stellen. Iemand vroeg naar het lang en vrij hoog laten hangen van het rustende been van de Duitse schaatsers. "Op zich kan het prima, zolang je het maar ontspant" was het antwoord", "Dan hoorde je de trainer "Locker bleiben, locker bleiben" roepen."
Na deze zeer leerzame les op gehoorafstand aanschouwd te hebben, maakte ik mijn 405 rondjes vol. Zodoende had ik, afhankelijk van de wijze waarop je rekent, 150 of 160 km geschaatst. Als je een rondje als 400 meter telt, kom je op 160 uit, reken je de 378 van de binnenrand van de inrijbaan, dan heb je 27 rondjes voor 10 km nodig. Met 405 rondjes kom je op 150 km uit. En dat in een effectieve schaatstijd van ongeveer 6 uur: een gemiddelde van 25 km per uur!
In ieder geval zat ik zeer ver boven mijn geplande 100 km. De vorm is dus gewoon goed. Jammer, dat er dit jaar geen Elfstedentocht was. Het was een gezellige en geslaagde dag. Op de terugweg nog even langs de Clovisstraat gefietst om onverwachts bij Rob en Margriet even bij te kletsen onder het genot van een kop thee. Immers: een gast brengt altijd vreugde aan, is het niet bij het komen dan wel bij het gaan.
Thuisgekomen nog even op internet gekeken: Siebe was in zijn eerste klassieker in Spanje, de Trofeo Guerrita, 54e geworden en de beste renner van zijn Spaanse ploeg. Zoals gezegd, het was een geslaagde dag en het ging me makkelijk af: "Locker bleiben".