Aanvankelijk was het de bedoeling, dat Ada zou gaan zwemmen in het Valkenburgse meer en dat ik daar dan een droogtraining zou doen. Het regende echter behoorlijk, toen wij ontwaakten, dus wij zagen er vanaf. Later vanmorgen kregen wij onze portie regen volop. Toen wij naar de Leidse binnenstad fietsten om boodschappen te doen op de Boerenmarkt en bij de Oogstwinkel en "De Helianth" kwam de regen met bakken uit de hemel vallen.
KNMI-meetpunt Voorschoten was met afstand de natste van het land. Als je iets doet, moet je het goed doen! Gelukkig hadden we onze regenkleding aangetrokken. Voor we naar de stad vertrokken, moest ik zoeken naar mijn regenbroek. Die kon ik niet vinden. Deze bleek in de grote fietstas met de tent te zitten. De laatste keer, dat ik die broek gedragen had, was 4 weken geleden op weg naar Zwolle.
Na de koffie en thee vertrok Ada naar de volkstuin. Ik zou de lunchpakketten klaarmaken, zodat we op de tuin konden eten. Zodoende kon ik kijken naar de slak, die met een slakkengangetje een spoor trok op het gisteren gezeemde raam.
Na de lunch brak de zon af en toe door de bewolking heen en werd het aangenaam weer om in te werken.
We wilden het compostvat leegmaken, omdat we vermoedden, dat een rat mogelijk een plek gevonden had onder het vat. Dat er af en toe een rat op je tuin komt, dat kan gebeuren. Maar een nest onder het compostvat is weer een heel ander verhaal....
Het gat door de bodem van het vat sprak boekdelen.
We schepten het vat leeg in emmers, die we elders op de tuin stalden.

De rat zat niet in het vat.

Het lichten van de bodem van het vat was dus spannend. We waren benieuwd, wat we aan zouden treffen.
Het was een anticlimax, maar dat vonden we helemaal niet erg. Geen groot gangenstelsel of een nest, maar gewoon een klein gegraven gangetje naar het gat in de bodem.

En wat regenwormen, die het groente- en fruitafval verwerkten tot compost.

Met een kruiwagen haalde ik elders op de tuin bij een medetuinder een paar grote tegels.

We egaliseerden de grond en zetten de tegels op de afscheiding rechtop en waterpas.

De tegelvloer lag eveneens waterpas.

De bodem daardoor ook.

Het vat kon geplaatst worden.

Op de lagere school leerden we het al: holle vaten klinken het hardst.
We deden dus droge plantenresten op de bodem om het geluid te dempen.

Een viertal emmers met halfverteerd groente- en fruitafval werd hier bovenop gedeponeerd, waarna bladgroen deze laag weer afdekte.

De klus was geklaard.




Maar liever dit dan een rat in het vat....

Geen opmerkingen:
Een reactie posten