Posts tonen met het label De Kaag. Alle posts tonen
Posts tonen met het label De Kaag. Alle posts tonen

vrijdag 28 augustus 2026

Trees

Na Kees, Leo en Leny is gisteren ook onze zus Trees ons ontvallen.

Trees werd geboren in augustus 1945 en was zodoende de kers op de taart in het Bevrijdingsjaar en konden we beginnen aan de 80-jarige vrede.

De keuze van haar voornaam had niets te maken met dit indertijd populaire lied.

Onze overgrootmoeder was Theresia Huijts, die in 1876 trouwde met Ente Breed. Daar komt haar naam vandaan. Opa Cornelis Breed overleed in 1960 op haar 15e verjaardag. Trees vond dat toen erg.

Ze was de 7e van 13 kinderen, ons in de Tweede Wereldoorlog overleden zusje Bets meegerekend, en daarmee de middelste van het gezin. Maar ze stond liever niet in het middelpunt van de belangstelling. Trees was bescheiden en drong zich niet aan anderen op. Ze was klein van stuk, maar had een groot hart. Als klein kind leerde ik al, dat Trees zorgzaam was.
De introductie van haar man Cor in de familie Breed ging niet onopgemerkt voorbij. Ik weet niet meer of het met Sinterklaas was of op een verjaardag, maar in een volle huiskamer aan de Hoofdweg zakte Cor met een flinke klap door zijn stoel. De Grote Vriendelijke Reus viel in goede aarde en mocht blijven. 

Op 30 november 1971 trouwden zij. Daarmee kwam er een gastvrij huis aan de Buitenkaag bij. Of je nu alleen kwam of met een groepje vrienden, je was altijd welkom bij Cor en Trees. Zoals die keer, dat ik eind jaren '70 met een groep vrienden ging schaatsen op de Kaag. Bij terugkomst was het slot van de Mini bevroren. Met een bij Trees gehaalde ketel kokend water wisten we het slot te ontdooien. U ziet het, we kregen een warm welkom!

Hun kinderen Meriam en Arjan hadden een liefdevolle moeder, hun kleinkinderen een lieve oma. Het 40-jarig huwelijksfeest werd gevierd in "Kaagzicht", waar Trees vele jaren gewerkt heeft. Het Gouden huwelijk werd op dezelfde plek gevierd, maar toen heette het "Matts".
Het leven ging echter niet over rozen. Eerst was er de overwonnen ziekte van Cor, daarna kwam ze zelf in de lappenmand. Na een val moest ze een paar keer onder het mes en langdurig revalideren. Dat gebeurde in de coronatijd in een revalidatiecentrum in Oegstgeest. Het bezoek was toen behoorlijk beperkt en soms zelfs niet mogelijk. Maar geen nood: ik stond dan voor haar raam en met de mobieltjes konden we dan praten met elkaar. Onze band was al goed, maar toen werd die nog beter. 



Ondanks de pijn, die ze toen ongetwijfeld gehad moet hebben, heb ik haar nooit horen klagen. Deze trouwe ziel haalde in die tijd een uitspraak van onze moeder aan: "Wat voor je weggelegd is, krijg je toch wel!" 
We hielden allebei van zingen en zaten allebei op een koor. Ook lazen we graag. Onze vader had elk kind een bijnaam gegeven. Die van Trees was "Bommel". Daar wist Marten Toonder wel raad mee.

Nou, het beste van Bommel hebben we wel gekregen!
Trees was mild, opgeruimd en optimistisch. Ze was een tevreden mens.

En dat was ze ook, toen ze anderhalve maand geleden te horen kreeg, dat ze kanker had en niet lang erna, dat ze niet lang meer te leven had. Die tijd hebben we kunnen benutten om elkaar nog regelmatig te zien. Tijdens één van deze bezoeken zei Tineke, wat ik zelf ook af en toe dacht: "Van ons allemaal lijk jij het meest op onze moeder!"

Een groter compliment kun je in ons gezin niet krijgen. Mama was trouwens in een droom verschenen en had haar verteld, dat Trees daarboven welkom was.
Haar grootste wens was om haar verjaardag nog eenmaal met de familie te mogen vieren. Met dank aan de wens ambulance is dat gelukt.

Zodoende konden we nog eenmaal proosten op onze goedgemutste zus, die regelmatig belde om te informeren naar ons wel en wee .

Het is beter om met een warme hand afscheid te nemen dan met een koude.

We bewaren allemaal goede herinneringen aan Trees!

Lieverd, bedankt voor alles. We houden zielsveel van je.

donderdag 6 augustus 2026

Molentocht

 
Het tweede luik van het tweeluik Molen- en Merentocht werd geopend na het ontbijt. Ik pakte de 4 paar Freeskate-ijzers en de 2 slijpstenen en reed bepakt en bezakt naar Ter Aar om bij Van der Hoorn de jaarlijkse voorbereiding op het nieuwe schaatsseizoen te beginnen. Je moet immers goed beslagen op het ijs verschijnen.


Het was een prima temperatuur om in te fietsen. Een groot verschil met de dagen ervoor.

Mijn vrouw vertrok naar de volkstuin, waar ze later op de dag de sirenes van de brandweer zou horen, die op weg waren naar de duinen bij Wassenaarse slag om een duinbrand te blussen.
Ik fietste via IJshal De Vliet, waar verreweg het grootste deel van het schaatsseizoen zich af zal spelen.
Over de tijdelijke brug over de Vliet reed ik naar het spoor tussen Leiden en Utrecht. Via het fietspad, dat ik maandag meestal neem bij de droogtraining, reed ik naar de Munnikenpolder. Hier begon het project van de dag: het fotograferen van alle molens, die ik tegenkwam in het gebied van de Molentochten.

Ik zeg met nadruk de meervoudsvorm, want anders dan bij de Elfstedentocht verschilde de route van een Molentocht van jaar op jaar door de wisselende ijskwaliteit en ijsdikte.
De aalscholvers op de wieken hadden een mooi uitkijkpunt ontdekt.

Zij hadden geen last van veeroosters. Wij ook niet, zolang we daar maar voorzichtig reden.

Via diverse roosters trapte ik naar Hoogmade toe.

Ik kwam langs de plek, waar mijn moeder geboren is.

Bij de brug over de Does was men nog helemaal in de Tour-sfeer.



Langs de Wijde Aa pedaleerde ik naar Woubrugge.



Langs de Braassemermeer reed ik naar Langeraar, waar aan de stok geschaatst werd.
Ik fietste langs de zuidkant van de Langeraarse plassen.
In Papenveer werd ik groots onthaald. Net als bij Jan van den Hoorn, waar een heuse stempelpost klaarstond. 

Mijn eerste vraag was, of Piet Kleine de stempelpost geopend had?

Ook hing er een foto van Olympisch kampioen Nikolaj Goeljajev, die in de jaren '90 een jaar schaatsles heeft gegeven aan studenten in de Leidse IJshal.

Terwijl ik een uur moest wachten op het ronden van de schaatsijzers en het open maken van de slijpstenen, had ik tijd om te lunchen en in Trouw een groot artikel te lezen over de film "An Inconvenient Truth" van Al Gore. Behoorlijk veel van zijn voorspellingen in 2006 zijn uitgekomen.

En ik keek even rond in de schaatswinkel.

Ik kocht het boek "Zandstra sinds 1825" van Willeke Jeeninga en Laura Jonkhoff.

En een wielerbroek van "Groene Hart Sport".

Ik vervolgde mijn weg dwars door Papenveer en de Langeraarse plassen.


Via Bilderdam reed ik over de dijk langs de Drecht naar Leimuiden.



Vandaar reed ik naar de Ringvaart toe. Tussen Leimuiderbrug en Weteringbrug haalde ik een paar Italianen in, die op fietsvakantie waren.

Ik hield hen uit de wind, maar wel met een tussenstop bij de molen aan de overzijde van de Ringvaart.
Zij maakten een selfie, waar ze de Hollandse meesterknecht ook op wilden hebben. Bij Vredenburg kozen zij voor de weg via Nieuwe Wetering naar Leiden. Ik reed door naar de Buitenkaag.

Langs de Ringvaart kwam ik diverse molens tegen. 



(Klik op de foto's om deze te vergroten)













Ik ging op bezoek bij Trees en Cor. Tineke en Johan waren er ook. Het was gezellig met deze zussen en zwagers. Toen ik wegging reed ik naar het veerpont naar Kaageiland.

Daar miste ik het aansluitende pontje naar Oud Ade, doordat de aanlegsteiger op een andere plaats lag dan vroeger. Ik moest bijna een uur wachten, maar gelukkig had ik de krant bij me.

Maar geduld werd beloond en ik kon het voetveer op met de fiets.

Pratend met een jonge vrouw, die in 2022 ook op de Kagerplassen had geschaatst gingen we nu over de vloeibare variant ervan.


We kwamen bij een luxe camping bij Zevenhuizen aan.
Na een ijsje te hebben genomen fietste ik naar de Zomersloot met  mooi uitzicht naar alle kanten.





Daarna reed ik op Oud Ade aan, bij de Leiden Marathon het hoogtepunt.


Na Huize Brugzicht sloeg ik rechtsaf en nam ik het fietspad naar de Zijl over de weilanden.









Het veerpont over de Zijl was net uit de vaart genomen, daar na 6 uur geen overvaart meer was toegestaan.

Via de Leidse binnenstad reed ik naar huis, waar ik om half 7 aankwam na ruim 4 kilometer bij de Merentocht en ruim 72 van de Molentocht. De totaalstand kwam hiermee op 77 kilometer Molen- en Merentocht.