zaterdag 13 september 2014

Rondje 't Vogelhoff

Met het oog op de Halve marathon van Katwijk was het toch wel een goed idee om nog eenmaal een langere afstand te lopen. Ik koos ervoor om een rondje "'t Vogelhoff" te gaan doen.
Na de 16 kilometer van vorige week vrijdag, de droogtraining van maandag, de 10 kilometer van donderdag was dit een mooi sluitstuk van een heerlijke trainingsweek, met op zondag, dinsdag, woensdag en vrijdag skeeleren. Als het droog blijft, voeg ik daar morgen ook aan toe.
Vanaf huis liep ik naar de Korte Vliet, achter de sportvelden bij zwembad "De Vliet" langs en over de Lammebrug naar de Oostvlietweg. Daar zag ik een ijskar staan.

Ja, en je bent lid van IJssport Vereniging Leiden, of je bent het niet....

Met een hoorntje met 2 bolletjes ijs wandelde ik langs de door veel fietsers bevolkte Oostvlietweg naar de ingang van "'t Vogelhoff".

Zodra het ijs op was, hervond ik mijn ritme en liep ik langs de A4 naar de Vlietlanden om langs de ijsbaan van Voorschoten dwars door Noord-Hofland weer op huis aan te lopen. In anderhalf uur had ik 15 kilometer hardlopen en 1 kilometer wandelen volbracht. Met het duurvermogen zit het wel goed.

vrijdag 12 september 2014

Münsterland


Rond een uur of half 5 moesten Ada en ik naar het toilet. Dat kon helaas niet, want er werd schoongemaakt. We werden doorverwezen naar andere toiletgebouw: "Links, rechts und immer geradeaus."
Nu is het probleem op de camping, dat er veel paden overheen lopen, dus wij liepen in het donker te dolen. Na diverse opgingen vonden we het gebouw. Normaal gesproken had ik allang een boom opgezocht, maar dit keer wilde ik voorkomen, dat andere campinggasten "Scheisse" moesten zeggen, als ze ergens in getrapt waren.
Tijdens onze speurtocht zagen we wel tientallen konijnen op de camping rondhuppelen.

Om kwart voor 7 werden we voor de tweede keer wakker. Ada wilde om 8 uur op de fiets zitten. In alle stilte pakten we de ditmaal minder natte tent in en ontbeten op de bank bij de receptie. Zodra de deur open ging, leverde ik tentnummer 36 in, broodjes en haalde de bestelde en croissants en vertrokken we vanaf de camping naar het fietspad langs de Werse.

Op weg er naar toe zagen we een vogelveer, die stil hing in de lucht. Onvoorstelbaar, het leek wel iets uit een Harry Potterfilm.

Het fietspad, dat we wilden nemen, was "gesperrt". Een bewoner, die daar net stond, vertelde, dat dit het gevolg was van een zeer zware onweersbui, waarvan we krantenfoto's hadden gezien op "Campingplatz Münster".


We moesten het pad aan de andere kant van de Werse nemen. Deze liep pal langs de camping!
Na de R1 gevonden te hebben bij Pleisermühle, reden we Münster binnen. De tocht door het centrum van deze Domstadt ging goed. We kwamen aardig wat hardlopers tegen. Door het ontbreken van een R1-bordje reden we mis. Terug naar het laatste bordje en we zaten weer op de route.
Het was lange tijd immer geradeaus, daar we geen bordjes meer zagen met een fiets en een rode pijl. Ik had net mijn twijfel uitgesproken tegen Ada, toen we er een zagen. Daarna volgden er een paar tot het bord Roxel als aanduiding kwam, naar links én naar rechts!
We zaten verkeerd, maar via Roxel konden we de R1 wel weer oppikken bij Burg Hülshoff. Hetgeen geschiedde.

In het bos erna reden we bijna weer verkeerd. Een richtingbord was door het dichte bladerdek, waarachter het schuilging, vanaf de rijrichting niet te zien. Een attente Duitser, die van de andere kant af kwam, zei: "Nach links!"
Bij Herkentrup kozen we een stukje van de 100 Schlösser Route naar Havixbeck, waar we in het centrum bij een bakker Milchkaffee, Kakao en 2 heerlijke notenkoeken namen.

Daarna volgde een verraderlijk punt. Bij een poort stond de R1 naar links en naar rechts. We kozen voor rechts, maar die ging terug naar Münster terug. Via een tussendoorstraatje fietsten we naar de andere kant. Na een paar kilometer meldde Ada, dat we verkeerd verkeerd zaten. Enkele krachttermen mijnerzijds volgden.

We schenen, ondanks dat we de borden gevolgd hadden, toch weer op de route naar Münster. We konden niets anders doen dan de R1 verlaten en gewoon via de borden naar Billerbeck te fietsen. Over de 145 meter hoge Baumberge reden we op Billerbeck af, waar we besloten om de geplande route te wijzigen. We zouden via Darfeld naar Twente fietsen en in Enschede de trein naar de Randstad nemen. Nu we zo zuidelijk waren uitgekomen, veranderden we ons plan. Winterswijk werd nu ons doel.

Vanaf de Ludgerusdom fietten we via Hamern naar de R1 terug, die we in de buurt van Osterwick terugvonden. Dor de bossen van Schloss Varlar vonden we bij het Ehemaligen Jagdschlösschen een onderkomen van een scoutinggroep. Op een bank voor het houten gebouw lunchten we.
Met een paar inkortingen van de R1, waar Jaap de Gorter tevreden mee zou zijn, reden we via Büren en Almsick naar Stadtlohn. Hier kwamen we langs de camping, die in 2010 geen camping bleek te zijn, maar alleen toegankelijk was voor campers en caravans. Die hebben een chemisch toilet en dan hoef je geen toiletgebouw schoon te houden....
Onder Vreden reden we om af te kicken nog eenmaal over een onverhard, hobbelig bospad van 3 kilometer, waarna we Nederland inreden bij Huppel.

Door de anders mooie Achterhoek trapten we naar Winterswijk. Daar hadden we de trein naar Arnhem en wisten we, dat we weer in Nederland waren: een hangjongere met een vreselijk grote bek wist de sfeer in de coupé flink te verzieken. We waren blij, dat hij in Terborg opdonderde.

In Arnhem stapten we over op de trein naar Den Helder. Ter hoogte van Veenendaal barstte een flinke bui los. Bij mij deedhet dat in Utrecht, want na in de Domstad uitgestapt te zijn, bleken er nauwelijks treinen te rijden. Als we waren blijven zitten tot Amsterdam....
Nu moesten we de trein naar Rotterdam nemen en in Woerden overstappen. We volgden dit advies op en reden mee met de extra trein naar Rotterdam. Veiligheidshalve vroeg ik aan de conductrice, aan welke kant we in Woerden over moesten stappen. Dit met het oog op het keren van de fiets. Met de zware achterkant is het lastig uitstappen met een hoge afstap.
Helaas reed de trein, nadat ik de fiets met veel moeite had weten te keren in de kleine instapruimte, Woerden gewoon voorbij!
In Gouda stopte de extra trein pas. Hier stapten we over op de trein naar Den Haag Centraal. Nauwelijks zaten we in deze andere extra trein, of deze reed weg naar de Residentie, waar we de gewone intercity naar Leiden namen.

Zo waren we om kwart over 7 na ruim 105 kilometer fietsen terug in eigen huis. Het record van 1732 kilometer in 3 weken fietsen werd verpulverd. Het staat nu op 1903,5 kilometer.

Eikels op de weg

We zitten in een periode met prachtig nazomerweer. Aan de overkant van de Atlantische Oceaan noemen ze het "Indian summer".

Desondanks zijn de eerste tekenen van de herfst al zichtbaar. 's Ochtends zie je dat de dauw is neergeslagen op de fietsen, de avonden worden al een stuk korter en frisser, maar het beste kun je dat zien aan de eerste bladeren, de takjes en de kastanjes en eikels op de weg.

Bij het rondje Horstlaan en Nordheyweg van ruim 20 kilometer was het op sommige plekken dus oppassen geblazen. Extra oppassen, want met skeeleren moet je altijd geconcentreerd blijven rijden.
Maar met een matige noordoostenwind en in het nazomerzonnetje, een woord dat bij Scrabble veel punten waard is, was het heerlijk skeeleren. Het was dus een pleziertochtje ondanks de eikels op de weg.

donderdag 11 september 2014

Onderschatting en overschatting

Het Nederlands elftal heeft een fantastisch WK voetbal gespeeld in Brazilië. Ongeslagen werd de derde plaats bereikt, waarbij zowel regerend wereldkampioen Spanje en gastland Brazilië helemaal van de mat werden gespeeld.
Tussendoor zaten we wedstrijden, waarbij we niet mochten klagen, als we bij de rust al op achterstand zouden zijn gezet, maar ronde na ronde kwam Oranje verder. En zo ontstond het gevoel van "We zijn er al!". In topsport een dodelijk gevoel, want je bent er namelijk nooit. Er is altijd weer een volgende wedstrijd, altijd weer een nieuwe tegenstander.
Zo moest Oranje afgelopen donderdag tegen het op het WK in de poulefase al uitgeschakelde Italië spelen. De "kenners" wisten het al voor de wedstrijd: "Italië heeft niet beste generatie".

Nou, dat hebben we geweten!
Maar als kenner laat je je natuurlijk niet kennen. Zodoende konden we een paar dagen later op de site van de NOS lezen en zien: "Tsjechië is niet meer wat het was".

Ook dat hebben we geweten.

De blunder van Daryl Janmaat was wat dat aangaat symptomatisch: het Nederlands elftal overschatte zichzelf en onderschatte de tegenstander. Dit is allemaal terug te voeren op het Braziliaanse brons. Bij Janmaat pakte het risicovolle verdedigen verkeerd uit, maar een kwartier eerder deed Stefan de Vrij exact hetzelfde, toen hij met de borst de bal terugspeelde op Jasper Cillessen.

Hetzelfde gebeurde 40 jaar geleden. Na het WK in West-Duitsland in 1974 ging Wim Rijsbergen, die een fantastisch toernooi had gespeeld, zich ook te buiten aan frivoliteiten in de verdediging. Het kwam hem te staan op een uitbrander van Johan Cruijff, die niet gediend was van dit soort fratsen. Het zijn sterke benen, die weelde kunnen dragen!
Wat dat aangaat kunnen Nederlanders nog een hoop leren van hun buitenlandse collega's. Denken jullie, dat een Italiaanse, Duitse, Portugese of Spaanse verdediger het in de laatste minuten met een punt in een uitwedstrijd op zak "mooi" op wil lossen. Welnee, de bal wordt gewoon de tribune in gerost!
Even ter herinnering: de statistieken van Oranje tegen Italië en de iets gunstiger statistieken tegen Tsjechië.

"We" zijn gewoon niet zo goed als je uit de derde plaats op het WK zou vermoeden. Oranje is gewoon een modaal elftal met 1 sterspeler: Arjan Robben, die in beide verloren wedstrijden door een blessure ontbrak. Als de voetbalspelers dat gaan beseffen, dan zijn we al een heel stuk verder.

Ik het volledig eens met Bondscoach Guus Hiddink: "Een groot team verliest niet twee keer!"

Vochtverlies

Het was vanmorgen uitgelezen weer voor een rondje skeeleren. Desondanks koos ik er voor om te gaan lopen. Over ruim 2 weken staat de Halve marathon van Katwijk immers op het programma.

Om half 10 vertrok ik van huis uit om via de rand van de Stevenshof, een half rondje door Ter Wadding, de Korte Vliet, langs de Keerhoeve en de sportvelden van Voorschoten '97 over de Velostrada weer over het fietspad langs de Stevenshof naar huis te lopen. In 59 minuten had ik de 11,5 kilometer volbracht.
Nu had ik me voor en na de trainingsloop gewogen. Vooraf woog ik 67 kilo, erna 66.

Denk nu niet, dat je van een uur hardlopen een kilo lichter wordt. Verreweg het grootste deel is gewoon vochtverlies. Want dan ga je foutief extrapoleren.
Met mijn nieuwe fiets heb ik in een half jaar tijd 6.125 kilometer gereden. Omgerekend zou ik dus uitkomen op 12.250 kilometer per jaar. Dit klopt niet, want er zit een fietsvakantie naar Praag in van 1.900 kilometer! Dat vertekent de boel ietwat....
Ik had bij het rondje Noord-Hofland wel een flesje water bij me in mijn heuptas, maar er niets uit gedronken. Ook als training. Bij wedstrijden heb je het ook wel eens, dat je verwacht, dat er een drinkpost is, maar dat deze er niet blijkt te zijn. Dan moet je ook door!
Nu is het wel zaak, om te veel vochtverlies te voorkomen. Bij een paar procent gewichtsverlies door transpireren lopen de sportprestaties drastisch terug! Je moet dus wel op tijd drinken.

Het was dus een prima test om het lichaam een beetje te harden. Maar probeer het bij een wedstrijd niet. Dan loop je al snel 1 tot 2 kilometer per uur harder en dan kun je een inzinking door vochtverlies missen als kiespijn.

Duurwerk

Ik ben een groot liefhebber van duurwerk. En dan bedoel ik niet het peperdure werk van Damien Hirst.

Mijn voorliefde betreft de ouderwetse duursporten in deze tijd, waarin het zapgedrag op de televisie er toe leidt, dat sprintafstanden zwaar worden overgewaardeerd ten koste van het allround sporten.

Symptomatisch voor deze verschuiving is de status van zevenkampster Dafne Schippers, die van vrijwel iedereen het advies krijgt om zich, na de 2 gouden medailles op de sprintafstanden bij het Europees Kampioenschap atletiek, hierop toe te gaan leggen. Er is veel meer geld mee te verdienen. Persoonlijk vind ik het veel knapper als je 7 verschillende atletiekonderdelen dermate goed beheerst, dat je daarin een topper bent. Dat zou het meeste op moeten leveren!
Hetzelfde zie je nu bij het schaatsen: straks wordt dankzij de bobo's van de ISU, het Europees kampioenschap allround met 500, 1000, 1500 en 3000 meter een veredeld sprintkampioenschap. Stayers als Sven Kramer en Martina Sablikova kunnen deze titel alvast op hun buik schrijven. Het wezenskenmerk van het allroundkampioenschap is immers, dat je zowel moet kunnen sprinten als stayeren.
Het zou hetzelfde zijn, als de leiding van de Tour de France alle bergetappes eruit zou gooien, omdat anders een sprinter de Ronde van Frankrijk nooit zou kunnen winnen. Maar dit terzijde.
De Nederlandse dominantie op de lange afstanden bij het schaatsen komt, omdat de andere schaatslanden zich zijn gaan richten op de korte en middenafstanden en zodoende hun duurwerk hebben laten versloffen. Het is onmogelijk, dat een stayer ooit een sprinter kan worden, omgekeerd kan een sprinter wel degelijk een goede allrounder worden met veel duurtraining. Kijk naar Hein Vergeer en in iets mindere mate Erben Wennemars.


Tjeerd Wierdsma had het dus goed begrepen, toen hij gisteren aankondigde, dat we een paar blokken duurwerk zouden krijgen op de skeelerbaan van Leiderdorp.
Na 6 rondjes inrijden hadden we eerst een zestal Steigerungen van 100, 200 en 300 meter om warm te worden én om op de techniek te gaan skeeleren, waarna een blok van 7 minuten volgde. Ik nam de langzaamste groep op sleeptouw door al het kopwerk te doen.
Daarna volgde een aantal ronden zeer langzaam rijden, op zo'n 10% van je kunnen. Dit gaf me de gelegenheid om Irene en Roos technische aanwijzingen te geven, die ze goed oppikten. Als schaatstrainer doet het me deugd, als ik zie, hoe snel sommigen progressie boeken door een paar kleine doch essentiële wijzigingen in de techniek, zoals achterop zitten, zijwaarts afzetten en weg te duwen in plaats van te trappen.
Voordat we de avond besloten met een aantal slalomoefeningen, hadden we nog een blok van 7 minuten duurwerk, waarbij het kopwerk mijn deel was. Daarbij let ik er altijd op, dat het tempo gelijkmatig is. Dat dit gewaardeerd werd, bleek uit de opmerking van Irene: "Wat rij jij toch een prettig tempo."
Dat klopt. Maar ik heb dan ook zeer veel getraind op duurwerk.
De avond besloten we trouwens onder het licht van een oranje maan.
Je kunt wel merken, dat Willem-Alexander van Buren, een alom erkend liefhebber van duurwerk, het inmiddels tot koning heeft geschopt.

dinsdag 9 september 2014

Schönes Wochenende

Het was een vrij korte nacht met hanewaken. Om kwart voor 10 gingen we naar bed, om 10 over 11 werd ik wakker van een meid met een giechellach. Ada had al die tijd wakker gelegen. De slaap kwam terug en was vast, tot ik om 10 over 4 wakker werd. Heel stilletjes sloop ik naar de w.c. om Ada niet wakker te maken. Daarna lag ik te hanewaken tot half 6, het moment, dat we hadden afgesproken om op te staan. Als ik in slaap zou vallen, zou dat zeker zeer diep zijn.
Op de afgesproken tijd wekte ik mijn vrouw. We gingen naar het toiletgebouw, waarna we heel stilletjes de kletsnatte tent opruimden. Om half 7 verlieten we "Campingplatz Ostrauer Mühle" en fietsten we naar Bahnhof Bad Schandau.
Op het station kwam, terwijl wij zaten te ontbijten, een andere fietser aan. Deze Duitse reiziger vertelde ons, hoe het zou gaan met overstappen, de fietscoupé's en dergelijke.
De treinreis langs de Elbe was voor ons een feest van herkenning met tal van mooie plekken, waar we langs gefietst waren.

In Dresden verlieten we de trein met zeer ruime fietsruimten om over te stappen op de trein naar Leipzig. De fietsruimte was hier zoveel beperkter, dat we een deel van de fietstassen eraf haalden.
We staken de Elbe over naar Radebeul en hadden een prachtig uitzicht op de fraaie binnenstad van Dresden.

Ook de heuvels met de wijnvelden kregen we nogmaals te zien. In Leipzig moesten we overstappen, nadat we onderweg door plaatsen als Riesa waren gekomen.

Een Duits echtpaar, dat de Weser-Radweg ging fietsen, hielp ons om het diep gelegen Gleis 2 te vinden. Het geluk lachte ons toe. We hadden een trein eerder, een stoptrein weliswaar, maar we hadden zodoende meer tijd om van het ene perron op het andere te komen in Halle. Dat kwam goed uit, want van het perron, waarop we aankwamen, was de lift buiten gebruik. Vanaf Halle was het een rit van bijna 3 uur naar Kassel-Wilhelmshöhe.

In die tijd las ik "Kenau" van Theun de Vries uit, terwijl Ada hetzelfde deed met "Vliegende krijtjes", een door Ton van Reen samengestelde bundel schoolverhalen.

Dat boek nam ik van mijn vrouw over, die begon aan "Verbroken zwijgen" van J. Bernlef.

Tussendoor genoten we ook van het landschap vanaf de stad met de prachtige naam Eisleben!

We reden ten zuiden van de Harz om via de Werra naar Hann. Münden te treinen, het beginpunt van de Weser, ons wel bekend.

Via Fulda bereikten we Kassel, waar we op het station een uur moesten wachten op de aansluitende trein naar Münster. We konden een kwartier voor vertrek al in de trein stappen. Wat een luxe.
In deze trein zaten we met 2 jongeren, die met een groep van 20 reisden. Voor hen was het Schönes Wochenende supergoedkoop. Het kwam neer op € 8,- per persoon. Wel waren ze er achter gekomen, dat het reizen naar de Saale in Oost-Duitsland op zondag 2 uur langer kostte dan dezelfde afstand op zaterdag. Op zondag rijden er minder treinen en is de aansluiting slechter.
De route kwam door ons bekend terrein. Allereerst de noordrand van het Rothaargebirge bij Warburg.

Verder de zuidrand van het Teutoburger Woud bij Paderborn en het Lippetal bij Lippstadt en Hamm.

Tenslotte kwamen we in het Münsterland, waar we op weg naar Münster 3 jaar geleden al eens gefietst hadden.

Tegen zessen kwamen we aan in deze bisschopsstad. Ada ging bij de fietsenstalling even kijken voor een goede kaart van Münsterland met de fietsroutes naar Nederland en deed onderweg naar de camping boodschappen bij een supermarkt, waar we langskwamen. Om half 7 waren we op de camping, waar we in 2010 en 2011 ook al gestaan hadden.
De drijfnatte tent werd opgezet. We kwamen er achter, dat we 1 haring misten. Deze lag waarschijnlijk nog in Bad Schandau.
Na met 12 fietskilometers heel Duitsland doorkruist te hebben, gingen we eten op het terras van het restaurant op de camping. Het was heerlijk om na dag treinen buiten te kunnen eten. Ada had een tomatensoep en een paar soorten visfilet, ik hield het bij uiensoep en een Schnitzel met spiegelei.
We hadden een paar dagen geleden niet kunnen denken, dat we al in Münster zouden zitten. Alles zat mee vandaag. Alles? Nee, op het terras werd geen ijs meer geserveerd na 9 uur 's avonds.

Desondanks wist mijn goedgeefse vrouw deze slechte bediening nog te belonen met meer dan 2 euro fooi....