dinsdag 29 november 2011

Beste Toerschaatser

Sinterklaas is weer in de Lage Landen gekomen
en heeft gehoord, dat jij al volop zit te dromen
van prachtige tochten over sloten en over meren.
Nu kan de Goedheiligman je wel veel leren
over hoe je om moet gaan met je medemensen
en hoe je kunt voorzien in hun lijst met wensen,
maar de bisschop op zijn mooie schimmelpaard
is op de smalle ijzers niet bepaald veel waard.
Maar Sinterklaas is niet voor één gat te vangen,
dus om te voorzien zin jouw diepste verlangen,
ging Sint met zijn tabberd, zijn mijter en zijn staf
op zijn paar in gestrekte draf op de boekwinkel af.
Daar trof Sint-Nicolaas naar het boek, dat je zocht:
een schaatsboek met de titel “Molen- en Merentocht”.
In dit boek tref je best veel toertochtverhalen aan,
maar de Sint zag ook een serie toertochttips staan.
Zo kun je lezen, wat je kunt drinken en kunt eten,
en het is ook nog bijzonder handig om te weten,
welke kleding je aan kunt trekken en hoe je gezwind
vaart kunt maken met mee-, maar ook met tegenwind.
Voorts kun je nog wat lezen over veiligheid op het ijs,
en met welke schaatsen je kunt rijden en hoe je dan wijs
kunt werken met vaseline en waar je dat moet smeren,
om tenslotte ook nog iets over mentale training te leren.
Kortom, mijn Zwarte Piet heeft goed gezocht,
toen hij “Molen- en Merentocht voor je kocht.
Laat Koning Winter nu maar rap het water doen bevriezen,
dan weet jij, welke hulpmiddelen je het beste uit kan kiezen
om deze winter goed beslagen ten ijs te kunnen komen
bij het rijden van al die mooie toertochten uit je dromen.

Sint-Nicolaas

zondag 27 november 2011

Kaagzicht

Het weer was totaal anders dan de afgelopen weken, toen een hogedrukgebied zorgde voor zeer rustig en regelmatig windstil weer, met mist als gevolg. Dit weekeinde overheerste de zuidwestenwind, die vaak hard was en zachte lucht en buien aanvoerde.
Vanmiddag een klein uur wezen hardlopen van huis uit. Eerst met de wind in de rug langs de rand van de Stevenshof, daarna een stuk over de Velostrada en langs de sportvelden in Voorschoten richting "Allemansgeest" voor het hoofdmenu van deze training: 2 km tegen de harde wind in lopen langs de Korte Vliet. Een uitstekende training.
Gisterenavond hadden Ada en ik een soortgelijke training, toen we met de fiets vanaf de Buitenkaag naar huis trapten. We hadden in café/restaurant "Kaagzicht" een feest ter ere van het 40 jarige huwelijk van mijn zus Trees met Cor Baars.

Het was erg gezellig, het eten was prima verzorgd en de kleinkinderen van Cor en Trees voerden een paar stukjes op.

Ik deed mijn katholieke opvoeding alle eer aan. Ik ondersteunde, zoals gebruikelijk, een kloosterorde, in dit geval de abdij in Steenbrugge. Ik offerde me op en dronk de rest van het feest Steenbrugge Abdij Bock.

Na het buffet raakte ik aan de praat met iemand, die betrokken is bij de organisatie van de "Molen- en Merentocht".

De papierwinkel is rondom het organiseren van een toertocht is de laatste jaren enorm toegenomen, vooral door het fileklûnen en de verkeerschaos rond de Molenviergangtocht in en rond Aarlanderveen in 2009.
Rond half 10 verlieten Ada en ik "Kaagzicht" voor onze fietstocht naar Leiden, waar we inderdaad de hele tijd zicht op De Kaag hadden. Zicht op winterweer hebben we tot half december in ieder geval nog niet.
In een grijs verleden was "Kaagzicht" trouwens vaak onze uitvalsbasis voor een toertocht op de Kagerplassen. Eind jaren '70 woonde ik nog in Nieuw-Vennep en mijn sportieve activiteiten waren zeer beperkt. Ik speelde in DIOS 8 in de laagste klasse van de Haarlemse Voetbalbond. Daarbij stond ik in die jaren ook nog op doel, dus je kunt veel van me zeggen, maar niet, dat ik me bovenmatig heb ingespannen.
Dat brak me toch wel een beetje op bij het schaatsen op de Kagerplassen, dat toen 2 jaar op rij kon.

Met Bas Warnink, Joep Kapiteyn, Tim de Beer en een aantal stamgasten van "De Hobbit" reden we naar de Buitenkaag met de oude Eend van Tim en de nieuwe Mini van Joep.
"Een Mini, Joep?" zeiden we dan: "Dat geeft niet, hoor. Dan rij je toch gewoon twee keer!"
Het verzamelpunt was "Kaagzicht". We reden over de Kagerplassen naar het Vennemeer en via de Koppoel weer terug naar de Buitenkaag. Dat was voor ons zo'n beetje de limiet. Een Molentocht van 50 km zat er voor ons niet in. Zo niet voor Dick Melman, de broer van de veel te jong overleden Peter, die met een paar "echte" schaatsers naar ons gevoel over het ijs stoof!
Daar Dick het veel langer op het ijs volhield dan wij, brachten we de wachttijd door in "Kaagzicht". Ook daar hadden we het prima naar ons zin, trouwens.
Toen we weer terug wilden naar Nieuw-Vennep, hadden we een klein technisch probleem. Het slot van de deur van de Mini was bevroren en we kregen deze met geen mogelijkheid open. Uiteindelijk ben ik bij mijn zus Trees een ketel met kokend water gaan halen, een probaat middel.

November 1979 verhuisde ik naar Leiden en werd Hoogmade mijn uitvalsbasis voor het rijden van de Molentocht. In december 1981 had ik op een zaterdagmiddag met Bas Warnink afgesproken. De week ervoor had ik in mijn eentje een Molentocht gereden, die zaterdagmiddag had ik met mijn vriend afgesproken in "Kaagzicht". We zouden samen 50 km gaan schaatsen. Het dooide die middag echter, zodat de volledige 50 km er met de zachte bovenlaag niet in zat.
De rest van de middag brachten we in "Kaagzicht" door. Het rondje over de Kagerplassen werd gevolgd door iets meer rondjes. In die tijd had je nog geen mobieltjes, dus toen ik niet op tijd thuis kwam voor het avondeten, begon Ada zich toch een klein beetje ongerust te maken. Dat ging echter vrij spoedig over. Ze leerde me wat beter te kennen....

zaterdag 26 november 2011

Warmondse IJsclub

Met een drietal tassen vertrok ik om half 9 op de fiets naar de ijsbaan van Warmond, waar onderstaande foto van kortebaanwedstrijden in 2009 gemaakt is.
Het betreft niet zo maar een wedstrijd, maar het betreft het WK.

Er wordt met inzet van alle middelen gestreden om als winnaar uit de strijd te komen bij dit WK: het Warmonds Kampioenschap.
Bij binnenkomst viel mij de enorme opkomst op. Een kleine 50 man telde ik. In de uitnodiging, die ik ontvangen had, was aangegeven, dat de ledenvergadering naar verwachting tussen kwart over 9 en half 10 afgelopen zou zijn. Het werd ietsje later.
Om kwart over 11 was het mijn beurt om van wal te steken bij een van de organiserende verenigingen van de "Molen- en Merentocht".

Dat het zo laat werd, was geen probleem. In de pauze sprak ik met diverse mensen, die ik van de Leidse IJshal ken, zoals Ruud Vermeulen, Aad Heemskerk en Bas Koster, mede auteur van "Vier eeuwen schaatsen in Oegstgeest".
Nu is het leuke, dat je door de boekpresentaties te houden bij ledenvergaderingen, je ook een beetje zicht krijgt in het reilen en zeilen van verschillende ijsclubs.
En mijn eerste voorzichtige conclusie: bij alle ijsclubs spelen dezelfde problemen en doen zich dezelfde kansen voor.
Maar goed, twee uur later dan gepland, kwam ik aan het woord. Bij vroegere vorstenhuizen was het gevleugelde gezegde: "Hoe later op de avond, hoe schoner het volk!"

Laat ik me daar maar aan vastklampen.
De korte lezing over toertochttips verliep prima. Ik had de lachers op mijn hand en de boekverkoop verliep boven verwachting.
Tijdens de verloting kwam ik naast Fer Vergeer te zitten, die bevriend is met mijn broer Leo. Zo zie je maar, de wereld is soms klein!
Tijdens de loterij wist de lokale slager, die een aantal worsten ter beschikking had gesteld, tot grote hilariteit van iedereen, zelf tot 2 keer toe een worst te winnen.
Na de verloting bleef ik nog met een paar leden van de WIJC praten. Om half 2 was ik weer thuis, na weer een gezellige avond.
Maar dat wist ik natuurlijk allang: schaatsen en gezelligheid gaan hand in hand.

vrijdag 25 november 2011

Dobbelsteen

Onlangs hoorde ik, dat Paula van Hoek wel eens een dobbelsteen gebruikt in de lessen. Kinderen moeten dan iets raden, en is het fout, dan moeten ze met de dobbelsteen gooien en net zoveel rondjes schaatsen als er ogen zijn gegooid.
Een dobbelsteen! Dat ik daar zelf niet op gekomen ben!!!

Met een grote dobbelsteen vertrok ik naar de Leidse IJshal. Onderweg haalde ik een vader in, die tegen zijn fietsende zoontje zei: "Twee handen aan het stuur!"
Zelf gaf hij het goede voorbeeld, want al fietsend verzond hij een sms-je vanaf zijn I-pad....
De kinderen van de buitenschoolse sport keken verbaasd op, toen ik het ijs op kwam met een dobbelsteen.

Om beurten mochten ze gooien. Het aantal ogen bepaalde, hoe vaak ze de oefening moesten doen, die ik in gedachten had. De les werd nog speelser dan anders en zowel de kinderen als de trainer hadden het prima naar hun zin.
De plastic dobbelsteen iets minder, want er zat een grote scheur in.
Aansluitend was er de schaatsles van de IJVL. Met een complete nieuwe trainersstaf. Nadat Sjaak en Monica geblesseerd hadden afgemeld, kwam daar woensdagavond Bert de Boer bij met een familieweekend. Je zou bijna denken, dat niemand met mij wil werken....
Maar met Wil Verbeij, Jaap de Gorter en Jos Drabbels begaf ik me op de binnenbaan, waar de dobbelsteen in twee delen uiteenviel.
Stagiaire Marieke kreeg haar eerste klus. Met plakband de dobbelsteen provisorisch repareren. De rest van de les was super: de dobbelsteen bepaalde het aantal keren, dat de oefening uitgevoerd moest worden en aan het eind waren er zoveel geheime tikkers, als dat de dobbelsteen mij vertelde. De kinderen wisten het niet, dus het gevaar loerde van alle kanten: de ene keer met slecht 1 tikker, maar ook een keer met 5.
Eén ding is zeker: die dobbelsteen hou ik erin!

donderdag 24 november 2011

De verschrikkelijke ijsman

Afgelopen dinsdag zijn de schellen van mijn ogen gevallen: de "Krasse knarren" konden dus wel ordelijk en gedisciplineerd in een rustig tempo schaatsen. En dan kun je als trainer maar tot 1 conclusie komen: "Het ligt aan mij!"
Ik moest dus aan de slag met de didactiek en zo stuitte ik op het ideale boek, als je streng wilt zijn: "De verschrikkelijke schoolmeester" van Dolf Verroen.

Nu werkt strengheid alleen, als je een voorbeeld kunt stellen. Dat is met Wim van Huis in de gelederen geen enkel probleem.

En zoals met iedere bekering, geschiedde het ook met mij: een bekeerling is Roomser dan de Paus!

De keerzijde van de medaille is, dat ik een nieuwe bijnaam heb gekregen van het morrende volk: de verschrikkelijke ijsman!

woensdag 23 november 2011

Lissesche IJsclub

Gisterenavond fietste ik aanvankelijk in de mist, maar vanaf Warmond in de eerste regen in de maand november naar Lisse toe. Hier zou ik het een en ander vertellen over de toertochttips en aansluitend "Molen- en Merentocht" mogen verkopen.
Na een slingerweg door de buitenwijken van Sassenheim, daar overal stond aangegeven, dat het fietspad langs de A44 was afgesloten voor de aanleg van het NS-station, kwam ik via deze omweg op het fietspad langs de molen naar Lisse.
De landijsbaan was snel gevonden. Een mooi complex trouwens.
Binnen was het behoorlijk druk. Een kleine 40 man bevolkte de ledenvergadering van de Lissesche IJsclub. Dat kon niets met mijn aanwezigheid te maken, daar ik niet op de agenda van de in de strenge winter van 1891 opgerichte schaatsvereniging stond vermeld.

Na de vergadering en voor de verloting van de prijzen, vermoedelijk wel de oorzaak van de drukte op deze ledenvergadering, mocht ik een kwartier het woord voeren. Uit reacties uit de zaal merkte ik op, dat men het leuk vond.
Na afloop heb ik met diverse leden van de LIJC staan praten over schaatsen en kon ik diverse vragen over het meegebrachte materiaal beantwoorden. Dat gedeelte liep erg goed. Dat kon niet gezegd worden van de boekverkoop. Ik verkocht slechts 1 exemplaar.

Dat is het "ondernemersrisico".
Desondanks heb ik een leuke avond gehad: een lekkere trainingsrit in de avonduren, die ik anders niet gemaakt zou hebben, ik heb diverse schaatsers gewezen op materiaal, dat een toertocht een stuk aangenamer maakt en heb met diverse andere toertochtschaatsers ervaringen uitgedeeld.

Om 1 uur lag ik eindelijk in bed voor een ietwat korte nacht, om 's ochtends in de krant te lezen, dat Ajax zich in Lyon zo goed als zeker geplaatst had voor de volgende ronde van de Champions League.

Een hele prestatie, aangezien de top van de terechte landskampioen in een paar maanden tijd is veranderd in een slangenkuil.

dinsdag 22 november 2011

Orde

Daar ik vanavond een korte lezing over toertochttips mag geven bij de Lissesche IJsclub, was het niet echt mogelijk om vanavond te gaan trainen in de IJshal. Ik zou ongeveer een half uur op het ijs kunnen staan. Derhalve had ik mijn werkschema wat aangepast. Gisteren een half uur langer gewerkt, morgen een uur langer en zo kon ik op dinsdagochtend mijn rondjes draaien bij de "Krasse knarren".
Toen ik om even voor half 9 het ijs op stapte, was er 1 schaatser bezig: Kees Borst. Deze schaatser is ooit Nederlands kampioen bij de veteranen op natuurijs geweest en als je achter hem rijdt, weet je meteen waarom: buiten veel kracht heeft hij een uitstekende techniek. En een prima manier om je eigen techniek te verbeteren is om achter zo iemand aan te rijden en de slag zo veel mogelijk te kopiëren.
Om een uur of 9 werd het druk en het druppelde daarna nog even door met nieuwkomers, zodat we om kwart over 9 in een treintje met 30 man reden.

In een rustig tempo. Zelfs mensen, die op donderdag nog wel eens op hol slaan, hielden zich hier in.
Ik kan er dus niet omheen: orde houden is niet mijn sterkste punt.
Nooit geweest trouwens. Dit was een van de redenen, waarom op de Pedagogische Academie aan mij geadviseerd werd, om een ander beroep te gaan zoeken.

Met schaatsles compenseer ik dit mindere punt met een hoop enthousiasme en een speelse aanpak.
Op donderdagochtend zou ik eigenlijk wat strenger moeten zijn. Ik ga mijn best doen, maar steng zijn ligt niet echt in mijn aard.