donderdag 7 oktober 2010

Schaatstechniek

Het was een frisse morgen, maar het beloofde een prachtige dag te worden. In het nieuws werd gewaarschuwd voor mist, maar daar was hier niets van te merken. Na nog even een paar boodschappen gedaan te hebben fietste ik naar de Vondellaan om voor het eerst sinds maart weer met de krasse knarren te gaan schaatsen.
De opkomst was niet bijster groot. We waren met zijn zevenen, waarvan twee personen door blessures de afgelopen zomer nauwelijks aan trainen toe gekomen waren. En dan zie je het grote voordeel van een goede techniek: ondanks de achterstand in conditie konden ze gewoon meerijden met de groep.
Zelf was ik ook druk bezig met de techniek. Bij het inrijden complimenteerde Arthur van Winsen me met mijn sterk verbeterde techniek, alleen mijn linkerbeen moest in de bocht nog beter. Met wat aanwijzingen lukte dit ook. De verbeteringen zijn een combinatie van technische aanwijzingen op 3 plekken. Bij de droogtraining onder leiding van Pieter Smit maakten we veel schaats- en bochtstappen in elastieken, waarbij je goed leerde "hangen".

Daarnaast heb ik regelmatig geskeelerd. Jos Drabbels leerde ons daarbij "terug te sturen" met de skeelers. Door dit te combineren met de valbeweging in de elastieken heb ik een veel betere heupinzet en daardoor ook een betere valbeweging gekregen.
Met de opmerking van Arthur, dat ik meer druk moest houden op mijn standbeen en die van Wierd Wagenmakers, die het simpel maar zeer raak verwoordde met "Je moet duwen, niet trappen", kon ik een flinke verbetering in mijn techniek bewerkstelligen.
En nu moet ik proberen deze verbetering vast te houden. In het begin van het seizoen ben je nog zeer geconcentreerd met je techniek bezig, maar het gevaar bestaat, dat je op een gegeven moment te veel met je snelheid bezig bent, waardoor je het schaatsen af gaat raffelen. "Harken" noemde Gerrie Kneteman dit ooit.
De echte verhoging van de snelheid komt bij deze prachtige sport meestal gewoon door het verbeteren van je schaatstechniek. En dat is ook meteen ook het leuke ervan: bij welke andere sport kun je op 55-jarige leeftijd nog zeggen, dat je jezelf nog flink kunt verbeteren?

woensdag 6 oktober 2010

The times they are a changing

In de jaren '60 zong Bob Dylan het al: "The times they are a changing". Destijds was het een ultiem protestlied. De jeugd zou de wereld wel eens gaan verbeteren.

Met het aanstaande aantreden van het kabinet-Wilders, pardon, het kabinet-Rutte met Wilders als de poppenspeler, is het in ons land definitief gedaan met het idealisme uit de jaren '60 en '70.

Als natuurliefhebber en milieu-activist (ik heb mijn vrouw bij de blokkade van Doodewaard leren kennen), gaat mij het volgende, gezien het regeerakkoord, toch wel aan het hart. De natuur en het milieu zullen het kind van de rekening gaan worden met dit kabinet. Het CDA heeft altijd er de mond van vol, dat we de volgende generatie niet op mogen zadelen met onbetaalde rekeningen. Dus mag iedereen vanaf jaargang 1955, waartoe ik ook behoor, na jaren meebetaald te hebben aan de VUT, nog een jaar langer doorwerken voor ze AOW krijgen. Maar als het gaat om een schoon milieu hoor je het CDA ineens niet meer over rentmeesterschap. Je mag je (klein)kinderen dus wel een viezer milieu nalaten....

Bij de IJshal aangekomen bemerkten we nog een voorbeeld van "The times they are a changing". Waar we al meer dan 30 jaar lang om 8 uur het ijs op konden, kon dit nu pas om kwart over 8. Dat was even wennen. Met een stuk of 20 vaste hardrijders stonden we in de hal te wachten. Het leek wel een soort nieuwjaarsreceptie. De tweede verandering was de dweilpauze om kwart voor 10 op de binnenbaan. Je moet dan nu de buitenbaan ook verlaten. Na een klein kwartier mag je dan wel tot 11 uur doorschaatsen, maar dat geloofde ik wel. Misschien dat ik dat wel een keer doe, als ik op donderdag niet kan.
In ieder geval is het wel even wennen om na 31 jaar 2 uur aan één stuk geschaatst te hebben, dit "slechts" anderhalf uur te kunnen doen. Waaruit maar weer eens blijkt: "The times they are a changing".

maandag 4 oktober 2010

Koraalmuziek


De wekker ging op deze vrije dag om kwart voor 7. Daar 3 oktober dit jaar op zondag viel, werd het op 4 oktober gevierd. Ada en ik gingen naar de koraalmuziek in het Van der Werfpark onder leiding van Wim de Ru. Tijdens een normale 3 oktober zou er geen haar op mijn hoofd zijn, die daar aan zou denken. Als je midden in de nacht thuiskomt na een optreden van The Shoes, staat je hoofd er niet naar om om 7 uur al uit de veren te zijn.
Toen de kinderen nog klein waren, zijn we een paar keer met hen naar de koraalmuziek geweest. In die jaren zat 's avonds "stappen" niet in het programma. Nu dus wel en om even over half 8 zaten we op de fiets. Ondanks de rode ochtendlucht beloofde het een mooie dag te worden.
Bij het Van der Werfpark kwamen we Mieke Vogels tegen. Gedrieën voegen we ons in het koor van minstens 500 personen, dat om 8 uur een serie vaderlandse liederen ten gehore bracht, die zijdelings of rechtstreeks met het Leids ontzet te maken hadden.

En voor het eerst in mijn nu 55-jarige leven kreeg ik te horen: "Wat heb jij een mooie zangstem!" Mieke Vogels heeft duidelijk aanleg voor talentherkenning.
Na het "Wilhelmus" konden we naar Lammenschans fietsen, waar we om 3 minuten voor 9 de trein naar Veenendaal-West namen. Bij het uitchecken van onze ov-chipkaart schrokken we van de prijs: € 12,70 voor een enkele reis. Ondanks dat we maar een paar minuten voor 9 waren ingestapt, was onze 40% korting volledig vervallen. Met een papieren kaartje hadden we een enkeltje tot Alphen genomen en een enkeltje met korting vanaf Alphen. Dit scheelt meer dan € 4,- p.p.
Met het oog op een Buijzenweekend in 2011 wilden we een vijftal groepsaccomodaties op de Utrechtse Heuvelrug bekijken. Met de eerste waren we snel klaar. De camping met de veelbelovende naam "De bokkensprong" bestond niet meer. We fietsten door naar Scherpenzeel, waar we de omgeving van een boerderij, die we eerder bezocht hadden, eens wat grondiger verkenden.
Inmiddels liep het tegen twaalven, dus werd het tijd om de inwendige mens te versterken. In het Boshotel trakteerden we onszelf op cappucinno en warme chocomel, met daarbij een "knoest", een overheerlijke krentenbol, die met room gevuld was.

Vanaf het Boshotel bij Achterberg reden we dwars door de prachtige, glooiende bossen, met op schaduwrijke plekken de paddestoelen in alle soorten en maten, naar Amerongen, waar we een vrijstaande groepsaccomodatie konden bekijken, voordat we in dit prachtige plaatsje inkopen deden voor de lunch, die we op een bank bij de slotgracht van kasteel Amerongen nuttigden. Volgens mij zou je op de slotgracht snel moeten kunnen schaatsen: breed, ondiep water, dat door de diepe ligging veel schaduw heeft en in de luwte ligt.
Vanuit Amerongen fietsten we door naar Elst, waar we nog even langs reden bij de Tabaksschuur, waar we in de zomer gekampeerd hadden op mijn verjaardag, en langs de Stayokay.

Door de bossen klommen we over de Dikkeberg om af te dalen naar Rhenen, waar we onder de Grebbeberg langs naar Wageningen, waar we naar Ada's broer Bas reden. Deze fietsenmaker wist tussen de bedrijven door de versnellingsnaaf van Ada's fiets weer goed af te stellen.
We brachten ook Katrin een onverwachts bezoek en namen haar uitnodiging, om te blijven eten, aan. We aten spaghetti met broccoli en yoghurt met aardbeien toe, voordat we om half 7 op de fiets naar Rhenen zaten, waar de lange klim van 7% een waardige afsluiting vormde van een prachtige dag op de Utrechtse Heuvelrug.

In het Buijzenweekend zien wij wel muziek. En dat allemaal met een mooie zangstem!

zondag 3 oktober 2010

Doggy dike

Vroeger was het voor mij geen enkel probleem om een nachtje door te halen, maar ik moet toch langzamerhand constateren, dat die tijd nu toch wel achter me ligt. Ada vond, dat ik er aan de ontbijttafel wat bleekjes uit zag. Dat klopte wel. Ondanks een verkwikkende douche voelde ik me niet bepaald okselfris.
Het zonnetje scheen en om kwart over 12 zaten we samen op de fiets naar het Gerecht, waar Doggy Dike op zou treden.

In Doggy Dike speelt onze vriend Oscar van Wijk. We werden bij het Gerecht begroet door Annelies van Wijk, de vrouw van Oscar.
Het was nog niet bepaald druk te noemen op het plein, waar de folkgroep Ierse liederen ten gehore bracht. Leiden sliep zijn roes nog uit.
Het was gezellig en als publiek konden we regelmatig meezingen bij evergreens als "The wild rover".

En de prachtige meedeiner "Whiskey in the jar".

Na 3 kwartier gespeeld te hebben, werd Doggy Dike afgelost door de volgende groep. Terwijl zij speelden, zaten we bij een temperatuur van een graad of 20, uitzonderlijk voor oktober, met Oscar en Annelies gezellig op een zonovergoten terras. Het brakke gevoel begon gelukkig weg te trekken. We hadden nog een mooie zondagmiddag voor de boeg.

De tweeling

Rond de viering van het Leids ontzet is een hele serie tradities ontstaan, zoals de taptoe, uitreiking van haring en wittebrood, koraalmuziek en de optocht. Eén van die stokoude tradities is het optreden van The Shoes op 2 oktober. Wim van Huis en Theo van Es traden op met de tweeling.
Nu heeft Tessa de Loo een prachtig boek geschreven met de titel "De tweeling" dat ook verfilmd is.

De bejaarde Anna Grosalie zoekt toenadering tot de even oude Lotte Goudriaan in een kuuroord in Spa, in het Thermaal Instituut. Lotte is door het luidruchtige gedrag van de Duitse vrouw, Anna, geïrriteerd en probeert haar te mijden. Al snel blijkt dat Anna en Lotte tweelingzussen zijn, die in 1922 op zesjarige leeftijd van elkaar gescheiden werden. Ze vertellen allebei over hun verleden, waarin de Tweede Wereldoorlog centraal staat.
Wij mogen blij zijn, dat dit met de tweeling Henk en Jan Versteegen niet gebeurd is, want dan hadden we veel mooie muziek en gezellige optredens gemist. Vroeger zag je de twee vrijwel altijd samen, de laatste jaren is dat door de botenbouw van Henk wat minder. Maar met natuurijs en de optredens van The Shoes zijn ze wel altijd samen.
Terwijl wij thuis met 2 dochters hutspot zaten te eten, stroomde de dakgoot over. Het regende keihard. Gelukkig was het om kwart over 10 een stuk droger. Een miezerregentje begeleidde mijn fietstocht naar het huis van Jaap de Gorter, waar ik mijn rijwiel veilig stalde en daarna door het gezellig drukke centrum van Leiden naar "La Bota" wandelde, waar om 11 uur het jaarlijkse optreden van The Shoes plaatsvond in de Herensteeg.
Het was afgeladen vol in de Herensteeg. Uiteraard kom je dan ook diverse bekenden tegen, zoals Piet Breebaart, met wie ik een aantal jaren geleden op vrijdagmiddag een paar seizoenen schaatsles gaf op vrijdagmiddag.

Het was onder de zwaar bewolkte hemel zeer gezellig, vooral als er meezingers als "Osaka" gespeeld werden.

Het was, zoals gewoonlijk, weer een goed optreden, dat echter net niet geheel vlekkeloos verliep. Bij de aanvang van de tweede set stonden Theo van Es en de tweeling al een minuut of 5 startklaar, toen Wim van Huis eindelijk aan kwam zetten. Toen moest hij nog stemmen ook.
Het zou zo maar kunnen, dat de coördinator van de krasse knarren in de Leidse IJshal op donderdagochtend hier in het komende seizoen af en toe een geintje uit weet te destilleren.
Na het optreden sprak ik nog even met de gitarist en de tweeling, alvorens ik om 3 uur in een soort file naar huis fietste.

zaterdag 2 oktober 2010

IJsclubweg

Na een fietstocht van 10 km was ik bij het huis van Hans Boers. We zouden oorspronkelijk meegaan naar de honkbalwedstrijd van Joy in Delft en daar, terwijl de honkballers aan het inwerpen waren, 10 km gaan lopen. Door de overvloedige regenval was de wedstrijd afgelast.
We liepen nu vanuit het huis van Hans in Leidschendam langs de Landscheidingsweg naar Marlot. In het zonnetje, hetgeen volgens de weersvoorspellingen niet zou kunnen, maar gelukkig gebeurde het toch.
Vanuit Marlot renden we door een park naar het Haagsche Bos, waar over een paar weken vermoedelijk het minderheidskabinet Rutte op het bordes zal staan.

We liepen door het bos, genietend van de frisse herfstlucht.
Op een gegeven moment kwamen we in Den Haag bij de IJsclubweg uit. Hier hadden we meteen de reden opgesomd, waar we voor trainden.

Onder het spoor door ging de route voor door Voorburg, langs molen "De Vlieger", voor we weer terug waren in Leidschendam. We hadden ruim anderhalf uur in het zonnetje gelopen. Een onverwachts lekkere trainingsdag.

De eerste klap

Het is altijd een van de mooiste momenten van het jaar: voor het eerst na een zomer hard trainen weer op het ijs staan met de schaatsen aan. Na een trainersvergadering van de IJVL konden we de ijzers weer onderbinden en onze eerste rondjes rijden in de Leidse IJshal. De eerste klap is immers een daalder waard.
Het gekke is nu: het eerste rondje loopt helemaal niet. Je zwabbert een beetje over de baan, doordat je even aan het zoeken bent naar het juiste drukpunt. De eerste slag is dus niet meteen de eerste klap, laat staan de eerste rake klap. Die komt pas na een paar rondjes. De eerste sneden stonden toen al in het ijs gegroefd.

Om nu te zeggen, dat de eerste groef meteen de diepste is, is ietwat overdreven. Het ijs was hard en glad, dus zo diep sneed je er niet in.
Na een paar rondjes zweefde je als het waren over het zoals bijna altijd goede ijs in de Leidse IJshal. Af en toe moesten we plaats maken voor de Zamboni. De nieuwe dweilers werden ingewerkt. Maar het ijs was daarna nóg gladder. Zo glad, dat ik op het rechte stuk bijna onderuit ging door een flinke mispeer.

Ik hou van fruit, maar de mispeer blijft hopelijk verder achterwege. Maar het kan nog wel eens gebeuren. De finetuning ontbreekt in het begin van een seizoen immers.
Aan het eind van ruim een uur schaatsen hadden Jos Drabbels, Jens Postma, Frank en Mark Damen en ik het nog over technische oefeningen en hoe je dat aan anderen over kon brengen. Onder het schaatsen door probeerde je die oefeningen zelf uit. Zeer moeizaam, maar wel heel leerzaam. Dit zouden we vaker moeten doen! Op het werk zouden we dan spreken van collegiale consultatie.
Met een afzakkertje aan de fris geschilderde bar sloten we de eerste avond in de Leidse IJshal gezellig af.
De eerste klap was inderdaad een daalder waard.