woensdag 18 mei 2011

Otweg

Op de eerste dinsdagavond na een marathon ga ik altijd een stuk fietsen. De droogtraining is dan te zwaar voor mijn spieren. Als je me dan trap ziet lopen, weet je wel waarom.
Samen met Jos Drabbels fietste ik naar "De Bult", waar we op de normale tijd verzamelden. Terwijl de rest van de droogtrainingsgroep naar Cronesteyn vertrok voor een gevarieerde training, fietste ik met Hen van den Haak op deze tamelijk frisse avond over de Rijndijk naar Alphen aan den Rijn.

Via een fietspad tussen de weilanden en enkele stille weggetjes, waarbij we een paar groepen skeeleraars tegenkwamen, reden we naar Boskoop. Aardig wat struiken stonden in bloei bij de kwekerijen, dus het was bepaald geen onaangename tocht.
Vlak voor we bij het station van Boskoop kwamen, reden we langs de ijsbaan van IJsclub Otweg. Een voor een schaatsvereniging intrigerende naam, die bij deze bibliothecaris associaties oproept met een tweetal boeken. Allereerst met "Ot en Sien" van Jan Ligthart en Hendricus Scheepstra, met tekeningen van Cornelis Jetses.

En natuurlijk ook met "Otje", een van die onvergetelijke kinderboeken voor alle leeftijden van de deze week 100 jaar geleden geboren Annie M.G. Schmidt.

Via Benthuizen reden we terug naar Zoeterwoude, waar het aanmerkelijk rustiger was dan afgelopen zondag.
Onderweg hadden we het op de fiets uiteraard ook nog even over Dominique Strauss-Kahn, de topman van het IMF, die net als de toplui van het bankwezen denkt, dat hij zich alles kan permitteren.

Via Cronesteyn, dat door de droogtrainingsgroep inmiddels was verlaten, reden we naar de kantine van Swift, waar de kilometerteller aangaf, dat we een kleine 40 km gefietst hadden. Met de rit naar en van mijn werk en van mijn huis naar "De Bult" en terug kwam mijn dagtotaal op 67. Vergeleken met vorig jaar was dat vrij weinig. In de kantine van Swift konden we genoeglijk praten over de milde training.

zondag 15 mei 2011

Schubert Breedhovens 9e

Halverwege de jaren '70 heb ik een schooljaar doorgebracht in de eerste klas van de Pedagogische Academie. In die tijd bestond Inholland nog niet en kon je nog gewoon het dringende advies krijgen om maar met de studie te stoppen, omdat het toch niks zou worden.

Dat advies heb ik in juni 1975 opgevolgd, net voor ik aan mijn kaken werd geopereerd.
Veel mensen zullen dit "Een verloren jaar" noemen, maar zo denk ik er absoluut niet over. Een jaar Pedagogische Academie is sowieso zeer vormend. Je komt met allerlei vakken in aanraking, die je op de gewone middelbare school niet krijgt. Ook de creativiteit krijgt alle ruimte. In die jaren was macramé erg hip....

Daarnaast kreeg je op Pedagogische Academie "De la Salle" erg veel muziek. Een van de muziekdocenten was Cees Thissen. Op 19-jarige leeftijd leerde hij me blokfluiten aan, het begin van een glanzende muzikale carrière.

Halverwege het jaar moesten we een compositie van minimaal 8 maten schrijven. Bescheiden als ik ben, ondertekende ik het met Schubert Breedhoven.


Nu was dit trouwens niet geheel een eigen vondst. Mijn vriend Bas zat op "De la Salle" een jaar boven mij, en hij ondertekende zijn composities steevast met Bach Warnink.

Maar goed, vandaag ging het niet over compositieleer, maar wel over tempo en cadans. De marathon van Leiden stond op het programma. Mijn 9e alweer!
Om 6 uur was ik al wakker en dan ga je liggen hanewaken. Ada sliep rustig door. Om half 8 verlieten we de echtelijke sponde, terwijl het buiten een beetje spetterde.
De sportkleding werd aangetrokken, de tepels en de schuurplekken in het kruis werden met vaseline ingesmeerd. Uiteindelijk zou ik bij de marathon toch twee bloedende tepels oplopen.
Beneden gingen gingen we samen ontbijten. Om een uur of 9 fietste ik over een gedeelte van het parcours naar het huis van Carl Flaman, mijn speciale verzorgingspost voor de tweede ronde. Kobus Turk kwam net vanaf Zoeterwoude aangefietst. Met Kobus reed ik naar het centrum van Leiden, waar ik richting Jaap de Gorter reed.
Om 5 over 10 wandelden we naar de Breestraat, waar we in het startvak veel verder naar achteren stonden, dan we gedacht hadden. Het startschot of een soortgelijk sein om te vertrekken hadden we niet gehoord. Vooraan kennelijk wel, want op een gegeven moment kwam er ruimte voor ons. Daar we toch die kant op moesten, zijn we ook maar gaan lopen.

Het begin van de marathon gebruik ik altijd om in te lopen. Alle energie, die je hiermee uit kunt sparen, kun je op de laatste kilometers prima gebruiken. Jaap liep de halve marathon, dus 100 meter voorbij de start liep hij al van mij weg. Op de Breestraat werd ik al aangemoedigd door mijn oudste zus An.
Daar we behoorlijk ver naar achteren gestart waren, kon de inhaalrace gaan beginnen. Op de Lammenschansweg was er genoeg ruimte om in te halen, op de Vrouwenweg was dat al wat minder. Toch achterhaalde ik hier de pacers van 4.10, zodat ik op schema lag voor een tijd rond de 4 uur.
In Zoeterwoude zag ik twee trainingsmaten tussen het publiek: Boy van Dijk en Sjaak Stuijt, terwijl bij eerste drinkpost Bas Koster de derde was. Aan het eind van de eerste ronde kon ik het kwartet pas volmaken, toen ik Mart Moraal mij aan hoorde moedigen. Vanaf Zoeterwoude liep het parcours over een vrij smal weggetje. Ik zat net achter de pacers van 2 uur, dus inhalen was hier uitgesloten.
Een Hagenees dacht hier anders over. Hij riep: "Opzij!", maar er was geen plek om dat te kunnen doen. Dus haalde de haastige Hagenaar met blote benen door de brandnetels langs ons.

Nu moet je voor het lopen van de marathon een beetje masochistisch zijn, maar je kunt het ook overdrijven....
Bij de Vlietlanden kwam ik voor de pacers van 4 uur te lopen, dus het ging vooralsnog prima. Vlak voor de ijsbaan van Voorschoten stond Ada klaar met een paar krentenbollen en een flesje energiedrank. Het eerste kwart zat er bijna op. Langs de Korte Vliet en de rand van de Stevenshof hadden we de wind tegen, maar in een grote groep kun je regelmatig wat beschutting zoeken. Het was met wisselende bewolking en 15 graden trouwens erg lekker weer om hard te lopen.
In het Morskwartier begon ik mijn rechterkuit een beetje te voelen. Ietsje temporiseren en ontspannen lopen en gewoon door gaan. Een paar kilometer verder kwam je in de meest swingende straat: de Jacob Catslaan. Hier is de doorkomst van de marathon een heus volksfeest.

De eerste ronde ging in een brutotijd van 2.00.42. Ik schatte, dat ik op een nettotijd van 1.56 zat. Onder toeziend oog van speaker Teun de Reede kon ik gaan beginnen aan de tweede ronde. Het was ineens veel stiller, nu de grote groep van de halve marathon gefinisht was.

Enkelingen en kleine groepjes liepen over de parallelbaan van de Lammenschansweg. Bij het begin van de Vrouwenweg kreeg een vrouw, met wie ik opliep, te horen: "Je bent de 10e vrouw!" Dat hield tevens in, dat mijn klassering ook niet zo slecht kon zijn. Maar ik leverde al snel een paar minuten in. Eerst door een praatje te maken met Carl Flaman, terwijl ik het blikje cafeïnedrank leegdronk, een kilometer verder voor mijn enige plaspauze.
Inmiddels was de groep, die met de pacers van 4 uur meeliep, behoorlijk op mij ingelopen.

Na het feestgedruis bij de muziekband op het "brandnetelweggetje" gepasseerd te hebben, zaten de roze ballonnen nog maar 100 meter achter me. Bij de Vlietlanden werd ik ingerekend.
Met deze groep liep ik verder. Eigenlijk liepen ze net iets te hard voor me, maar in de luwte lopen van een groep kost minder kracht dan in je eentje tegen de wind in lopen. Desondanks kwam Ada, zoals wel vaker in mijn leven, als geroepen. Ik dronk het flesje energiedrank leeg en lag een meter of 25 achter de groep met de pacers. Zo'n gat loop je in je eentje niet meer dicht.
Het gaatje werd allengs wat groter, maar daardoor liep ik wel weer in mijn eigen tempo en forceerde ik nergens. Bij de rand van de Stevenshof haalde ik een stuk of 4 mensen uit deze groep in, die zich wel geforceerd hadden. Ada was weer eens "a blessing in disguise" geweest.
Nu moet je als sporter altijd zorgen voor een evenwichtige trainingsopbouw. Had ik de eerste ronde een beetje last van mijn rechterkuit, nu was mijn linkerkuit aan de beurt. Maar de compressiekousen deden hun werk goed. Even iets temporiseren en ontspannen lopen en het herstelt zich vrij snel.
Met nog 3 kilometer te gaan kon ik weer mensen inhalen en volgens de tussentijd bij de Jacob Catslaan zat ik nog steeds op het schema van een tijd onder de 4 uur. Het parcours ging langs de IJshal. En dan weet je, waarvoor je het allemaal doet. Vooral als je onderweg een kind langs de weg hoort zeggen: "Daar gaat mijn schaatstrainer!"
Een stukje verderop zat mijn collega Joke Prins.
Na de tunnel onder het spoor door konden we aan de laatste kilometer beginnen, allereerst langs het feestgewoel bij café "De Bijlen". Bij de finishstraat zag ik eerst Jaap de Gorter en Juul Mentink en een stukje verderop Ada en Annie. Met nog 250 meter te gaan hoorde ik, dat de groep met de pacers de marathon in een brutotijd van 4.02 gelopen had. Ik had nog de kracht om er iets, wat voor een eindsprint door moest gaan, uit te persen.

Onder elektronisch versterkte aanmoedigingen van Teun de Reede ging ik in 4.04.21 over de eindstreep.



Thuis gekomen bleek dit goed te zijn voor een nettotijd onder de 4 uur: 3.58.38. Waarmee ik met mijn 211e plaats van de 324 gefinishte marathonlopers uiteindelijk de pacers, die ik achter de eindstreep gesproken had, voorgebleven was. Zij hadden een netto eindtijd van 3.59.11. Jaap had trouwens een goede nettotijd met 1.45.24. Voor de start had hij gezegd: "Ik zou wel weer eens een tijd van 1.45 willen lopen." Waarvan akte.

Met Ada, Annie, Jaap en Juul kletste ik bij, voor Ada mijn zus naar het station ging brengen. En ja, schaatsers zijn dol op ijs, dus met een Italiaans ijsje in de hand wandelden we naar de Pieterskerk, waar ik het traditionele t-shirt kocht.
Maar het mooiste van de dag moest nog komen. Terwijl op t.v. de Chinezen Wang en Zhang met enorme balbeheersing de finale van het wereldkampioenschap tafeltennis speelden, kreeg deze Ajax-fan in het huis van Feyenoord-fan Jaap de Gorter live op de radio te horen, hoe Ajax voor de 30e keer landskampioen werd.

Beethoven wist het een kleine 2 eeuwen geleden muzikaal goed te verwoorden in het slotstuk van zijn 9e: "Ode an die Freude"!



zaterdag 14 mei 2011

235

Na 3 weken rust in verband met de meivakantie stond vandaag weer een repetitie voor "Die Schöpfung" op het programma. Alvorens naar de Lokhorstkerk te fietsen, legde ik alle spullen, die ik nodig had voor de marathon van morgen klaar. Bij de Lokhorstkerk stalde ik mijn fiets en wandelde naar de Pieterskerk om mijn startnummer op te halen. Mij was nummer 235 toebedeeld.

In de Pieterskerk kwam ik Rob van Bladel tegen, die een tweetal seizoenen meegedraaid heeft met onze droogtrainingsgroep. Een jaar of 10 geleden heb ik met hem mijn eerste Dam tot Damloop gelopen.
Terug bij de Lokhorstkerk haalde ik de voor familieleden bestemde kaartjes voor de uitvoering op vrijdag 17 juni op, waarna ik plaatsnam in de oefenruimte in de kerk. Samen met Sjaak Stuijt en André Mom zat er zodoende een compleet IJVL-trio vlak bij elkaar. Behalve heerlijk zingen werd er ook volop gelachen. Muziek en gezelligheid gaan prima samen. Dat heeft dirigent Paul Valk goed begrepen.

Vaste dirigent Wim de Ru was trouwens voor het eerst weer bij een repetitie aanwezig. Hij is gelukkig weer aan de beterende hand en hij werd met applaus ontvangen. Hij luisterde en na de pauze zong hij een paar stukken mee met de bassen. Zo zagen we Wim een keer in een heel andere rol.
Thuis gekomen na deze heerlijke repetitiemiddag maakte ik de envelop met de kaartjes open en daarbij zat nummer 235....

vrijdag 13 mei 2011

Fijnstof

Afgelopen week hoorde ik op de radio, ik meen bij Vroege vogels, een stukje over de effecten van fijnstof bij hardlopers. Ten opzichte van wandelaars ademen hardlopers 3 keer zo veel lucht in, dus ook 3 keer zoveel fijnstof. Hier moest ik aan denken, toen ik gisteren 's ochtends op marathontempo de laatste 5 kilometer lange training voor aanstaande zondag volbracht.
Ik liep naar de molen in de Stevenshof en liep vandaar langs het fietspad langs de weilanden, waar de asfaltlobby de N11-West gepland heeft.

Na een paar minuten lopen kwam ik het bord 36 km al tegen. Als het zondag ook zo makkelijk gaat....
Nu zijn de polders ten zuiden van de Stevenshof nog een groene buffer bij Leiden, Nederlands dichtstbebouwde gemeente! Voor het hardlopen is het heerlijk om langs de groene rand van de stad te lopen. Maar hoe moet dat, als er straks naast de A44 nog een snelweg ligt, die fijnstof de Stevenshof in blaast?

Ook de marathon van Leiden komt met de aanleg van de N11-West in de problemen. Het tracé wordt in Voorschoten gelijkvloers en doorkruist daar het parcours van de marathon en langs de Stevenshof mogen de marathonlopers veel meer fijnstof gaan inhaleren. En dat, terwijl veel mensen aan sport doen om gezond te blijven!
Alle deelnemers aan de marathon van Leiden zouden zich aan moeten sluiten bij het protest tegen dit idiote plan van de nieuwe Gedeputeerde Staten van de de provincie Zuid-Holland!
Alle argumenten tegen de als Rijnlandroute vermomde Rijksweg 11-West zijn te vinden op www.behoudrijnland.nl en op www.vriendenoostvlietpolder.nl.

Walk on the wild side


In mijn jeugdjaren, toen ik in "De Hobbit" in Nieuw-Vennep ieder weekeinde wel een bardienst draaide, was in dit alternatieve jongerencentrum "Walk on the wild side" van Lou Reed een veel gedraaid nummer.

Het was dus extra aanlokkelijk, toen ik dit affiche in de bibliotheek zag hangen om daar tijd voor vrij te maken.

Na thuis met Ada gegeten te hebben fietste ik voor de tweede keer naar Katwijk, dit keer om de lezing van Jolanda Linschooten bij te wonen. De bibliotheek zat met ongeveer 75 toeschouwers behoorlijk vol, toen om 8 uur de lichten uit gingen en we op een groot scherm de prachtige foto’s en filmbeelden van de fotograaf, auteur en avonturier Jolanda Linschooten kregen voorgeschoteld, die graag naar noordelijke oorden trekt, zoals Lapland en Alaska.
Maar, zei ze er bij: “Vlakbij ligt een ongerept natuurgebied: de Schotse Hooglanden”.

En daar is geen woord van gelogen. Met een rugzak en een simpel tentje trok ze met of zonder haar levenspartner Frank van Zwol 10 weken door de Highlands. Vaak bleven ze een dag of 10 buiten de bewoonde wereld.
Nu zijn Ada en ik nog niet in Schotland geweest, maar als je de beelden ziet, dan krijg je, ondanks de filmpjes van lopen en kamperen in de regen, toch wel zin om te gaan. Wat is dit uniek, die leegte in ons dicht bevolkte werelddeel. En ondanks de in vergelijking met de Alpen vrij geringe hoogte is het toch zeer ruig. Desolaat.

Desondanks waren er zeer zeker punten van herkenning: de wandeling door het hoogveen, waarbij je een decimeter wegzakte in de zompige bodem riep meteen herinneringen op aan onze wandelvakantie in Dartmoor.
Behalve beelden van de prachtige natuur kregen we ook beelden en verhalen voorgeschoteld van Schotse plaatsjes, gebruiken en geschiedenis, terwijl ook de muziek niet werd vergeten. Vooral de doedelzakmuziek niet.

In de pauze kon ik het als rasechte bibliothecaris natuurlijk niet nalaten om een gesigneerd exemplaar van “Bergtochten in Schotland, Wales en Engeland” te kopen.

De bewandelde en behandelde routes en de werkelijk schitterende foto’s, die tijdens “Walk on the wild side” vertoond werden, staan in dit boekje. Ook als je nooit naar de Schotse Hooglanden zou gaan, kun je volop van dit boekje van Jolanda Linschooten genieten. Vooral met prachtige Schotse muziek op de achtergrond.

woensdag 11 mei 2011

"Wat is dit zwaar!"

De tweede dinsdagavond in mei is traditioneel het begin van de droogtraining van de IJVL. Zoals ieder jaar was het weer een weerzien van veel bekenden, en soms een nieuw gezicht. Dit jaar betrof het nieuwe gezicht Frank Steenkamp, die zich jarenlang al skeelerend voorbereidde op het schaatsseizoen en nu eens iets nieuws wilde uitproberen.
Mogelijk werd hij aangelokt, doordat onze trainer Pieter Smit zijn zoon Jaap dit voorjaar in Thialf naar een fabuleuze 13.37 op de 10 km heeft gecoacht.
We liepen op deze droge en vrij warme avond vanaf de kantine van Swift naar station Lammenschans, waar op de trappen een aantal technische oefeningen werden uitgevoerd, waar ik me overigens deels aan onttrok omdat ik zondag de marathon mag lopen. Maar debutant Frank Steenkamp onderging deze oefeningen wel en dat ontlokte aan deze toch goed getrainde sportman de verzuchting: "Wat is dit zwaar!"

Na de trappen van Lammenschans liepen we naar Cronesteyn, waar we nog een serie veldoefeningen deden, om de training te besluiten met schaatsstappen in de elastieken. Zwaar, maar het zijn geweldige oefeningen. Je krijgt, terwijl je je schaatstechniek oefent, tegelijk krachttraining. Efficiënter kun het niet krijgen! Zodoende oefen je de valbeweging, diep zitten, de heupinzet en de zijwaartse afzet tegelijk, terwijl een trainingsmaat je tegenhoudt in een stevig elastiek. Maar om een oud-voorzitter van de IJVL te citeren: "Wat is dit zwaar!"
Tja, en na zo'n zware training wil je natuurlijk zo snel mogelijk naar bed. Maar helaas. De BAM, bekend van de succesvolle marathonschaatsploeg met Bob de Jong en Bob de Vries, was net bezig het fietspad langs het clubhuis van Swift te asfalteren.
Zodoende moesten we noodgedwongen ruim een uur doorbrengen in de kantine van Swift....

dinsdag 10 mei 2011

Regenbroek


Vanochtend trok ik, voor ik naar mijn werk fietste, toch maar mijn regenbroek aan. Normaal gesproken zijn dit geen zaken, die ik in mijn weblog vermeld, maar de laatste keer, dat ik mijn regenbroek aan had is zo'n maand of 2 geleden. En dat is in Nederland toch wel heel bijzonder. Ik kan mij niet heugen om ooit zo lang zonder dit in Nederland noodzakelijke kledingstuk te hebben gefietst.
Maar ja, we hadden dan ook het droogste voorjaar sinds 1921. In Good old England zouden ze zeggen: "It could be worse!"