woensdag 9 januari 2013

Een gebroken nacht

De nacht van maandag op dinsdag was een gebroken nacht. Siebe en Ana zouden thuis komen van hun Kerstvakantie in Asturias.

Ada en ik gingen om half 11 naar bed, maar de slaap wilde niet meteen komen. Om 12 uur werden we wakker van de bel. Snel de kleren aangetrokken en met de eerste woorden "Feliz año nuevo" openden we de deur. De auto werd uitgeladen, de pizza werd opgewarmd, we kletsten even bij en om een uur of 1 zochten we de slaapkamer weer op. Alleen de slaap had dat nog niet in de gaten.
En dan ga je liggen malen over van alles en nog wat. Allereerst over een opmerking van Ada, die voor intern gebruik is, maar die mij voor de zoveelste keer bevestigde, dat mijn vrouw een hart van goud heeft.

Dat is één van de vele redenen, waarom in na al die jaren nog steeds gek op haar ben.

Maar er was nog iets, wat me door het hoofd spookte, ook toen ik om half 6 wakker werd van de krant, die in de brievenbus werd gegooid.
Twee klassieke winterkaarten: een massieve blokkade op de Atlantische Oceaan, gevolgd door een Groenlandhoog met een uitloper via IJsland naar Scandinavië.
Op grond van deze kaarten zouden we mogelijk eind volgende week wel eens op de Vogelplas kunnen schaatsen.

Er was echter een klein probleempje: ik had donderdag 17 januari een studiedag voor OR-leden over zelfroosteren in Utrecht. En daar ik zowel OR-lid als roostermaker ben, kon ik het niet maken, om niet naar deze voor bibliotheekbegrippen vrij dure cursusdag te gaan.
Ik had me er al bij neergelegd, dat ik mogelijk een dag op natuurijs zou moeten missen, toen ik om half 4 een telefoontje kreeg op mijn werk. De cursus "Zelfroosteren" ging niet door. Er waren te weinig deelnemers. Ik ga niet beweren, dat ik er qua timing rouwig om ben. Het dilemma werd voor mij opgelost.
En zoals zo vaak in het leven: vaak maak je je druk voor niets.

maandag 7 januari 2013

Bas Schijff

Ieder jaar keek ik uit naar de weersvoorspellingen voor het hele jaar van Bas Schijff. Aanvankelijk stonden deze in lokale bladen in Katwijk, maar met de komst van internet waren ze te vinden op www.weerbericht.nu.
In de loop van het afgelopen jaar was deze doorgelinkt naar de site van de lokale radio in Rijnsburg, de woonplaats van Bas Schijff.

In de bibliotheek van Katwijk heb ik een jaar of 10 geleden een lezing georganiseerd rond het Vogezensysteem, waarmee deze weerman werkte. Hij was op dit idee gekomen, toen hij op vakantie op het fenomeen stuitte, dat herders of boeren tussen Kerstmis en Driekoningen op de top van de hoogste bergen in de Vogezen het weer van deze dagen in kaart brachten.
Het weer op Tweede Kerstdag stond voor het weer in januari en zo iedere verdere dag voor de volgende maand, tot en met Driekoningen voor december. Vooral de weersomslagen werden op deze manier in kaart gebracht: wanneer is het droog, wanneer komt er neerslag, hoeveel en hoe langdurig, en vooral: uit welke hoek komt de wind.
Nu is het natuurlijk geen pretje om op winterdagen op de top van een berg te bivakkeren. Maar dit werd al eeuwenlang gedaan.
"Waarom zouden ze dit al eeuwenlang doen, als je er niets aan hebt?", vroeg de Rijnsburgse weerman zich af: "Dat doe je niet voor je lol." Zodoende hij ontwikkelde voor de Lage Landen het Vogezensysteem.
Daarvoor moet je uitgaan van de windrichting in de bovenlucht. In de Vogezen zaten ze immers op de top van de hoogste berg.
Daar de gegevens van dit jaar nog nergens gepubliceerd waren, waagde ik een mailtje aan Bas Schijff. In het verleden heb ik regelmatig contact met hem gehad. In de jaren, dat niemand nog een cent gaf voor de kans op schaatsijs, stak hij zijn nek uit om in de herfst al natuurijsperiodes aan te kondigen. Zoals dit bericht van 15 december 2008.
Ook al werd het geen lange winter, een paar weken later schaatsten we voor het eerst in 12 jaar weer op de Kaag.

Een jaar later was hij nog veel vroeger met zijn aankondiging. In november zette ik zijn verwachting voor de taaie winter van 2010 op mijn blog. Deze verwachting was toen al een maand oud!

Vandaag kreeg ik een mailtje terug met daarin de volgende zinsnede: "Waarschijnlijk heb je het nog niet gehoord, maar er zullen geen weerberichten of andere weersvoorspellingen meer komen, Bas is in mei 2012 overleden."
Daar werd ik even koud van.
Bas, rust in vrede.

Met de mij bekende feiten probeerde ik zelf voor de wintermaanden te kijken, wat het Vogezensysteem voor ons in petto zou hebben.
De meeste weergegevens zijn vrij simpel te vinden op de site van het KNMI, maar de meest cruciale, namelijk de windrichting in de bovenlucht, die anders is dan die aan de grond, heb ik nog niet kunnen ontdekken.
Ik kan er niet zo veel van maken dus. Desondanks wil ik een poging wagen. Het enige wat ik dus kan doen is goed kijken naar de andere, wel bekende weersgegevens van meetpunt vliegveld Valkenburg.
Tweede Kerstdag, dus januari, was wisselvallig. Zonneschijn en buien wisselden elkaar die dag af. Dit zal vermoedelijk het beeld van deze maand worden. Zonnige perioden in de winter leveren vaak vorst op. Daarnaast zijn er periodes met neerslag. In koude periodes kan dit in de vorm van sneeuw zijn.
Een dag later, 27 december, dus februari, was het wel droger, maar met weinig zonneschijn. Bewolking zal deze maand dus domineren. Meestal niet bevorderlijk voor natuurijs.
Driekoningen gaf veel zon bij een nauwelijks bewolkte hemel, weinig wind en geen neerslag. Dit zou voor december goed nieuws betekenen. Een wintermaand met korte dagen, met weinig bewolking en weinig wind levert immers vaak kale vorst op!

Ik garandeer u niets, maar ik zou er graag voor tekenen!

zondag 6 januari 2013

Meerhorstloop of "De derde vrouw"

Om half 11 stapte ik op deze zonnige Driekoningen op de fiets, met in mijn fietstas aan de ene kant de kerstboom en aan de andere kant de schaatsen van Hans Boers. Op mijn rug had ik nog een kleine rugzak. Ik was dus redelijk beladen.
Over de Velostrada reed ik naar Voorschoten. Hier haalde ik bij de tennisbanen een zestal lopers in, waaronder een drietal trainingsmaten van me: Wim en Frits van Huis en Richard Dieke.
Na even gepraat te hebben, gingen de lopers linksaf en de fietser met kerstboom rechtsaf richting kasteel Duivenvoorden, waar de spar werd neergezet om opnieuw geplant te worden. Met meer dan honderd andere kerstbomen was het niet bepaald een "lonesome tree".

Ik fietste door naar Leidschendam, waar ik de geslepen schaatsen van Hans Boers bij de rechtmatige eigenaar terug bezorgde, alvorens ik via de Kniplaan langs de Vogelplas naar Stompwijk fietste, waar ik me naar de kantine van de lokale voetbalclub begaf. Hier schreef ik me, net als vorig jaar, in voor de 10 km van de Meerhorstloop.
Met startnummer 192 begaf ik me naar het begin van het parcours. Hier kwam ik de IJVL-ers Kobus Turk en Jordi Snelders tegen.
Om 12 uur ging de 5 km van start, 5 minuten later mochten de deelnemers aan de 10 km vertrekken.

Het was onder de vleugels van een hogedrukgebied met 1030 hPa compleet lenteweer. Onder het lopen zei een van de lopers: "Het is goed weer voor een zonnebril!"
Hij had groot gelijk.
Het lopen ging best wel goed. Na een behoorlijk snel begin, veroorzaakt doordat ik op de tweede startrij stond, kwam ik al snel in mijn eigen ritme.
Ik zwom op de fietspaden in de polder een beetje tussen twee groepen in. Het was dus niet zo, dat ik fluitend naar mijn voorgangers liep.
Bij de enige drinkpost ongeveer halverwege het parcours was ik heel dicht bij dit kwartet, maar zij namen niets en ik wel, dus de inhaalrace begon dus van voren af aan.
Inmiddels was ik wel bijgehaald door een andere loper en samen liepen we richting "Het Geertje", waar het al weer behoorlijk druk was op deze laatste dag van de Kerstvakantie.
Er volgde een paar afdalingen bij de dijken, zodat ik met de armen slap langs het lijf hangend zoveel extra vaart wist te maken, dat wij bij onze 4 voorgangers konden komen.
Met zijn zessen liepen we door de polder naar de provinciale weg tussen Zoeterwoude en Stompwijk. Tot de tunnel liepen we dicht bij elkaar, daarna volgden een paar demarrages, waarbij ik het antwoord schuldig moest blijven.
De laatste 2 km naar de finish liep ik goeddeels in mijn eentje. Een paar andere voorgangers wist ik in te halen. Een van hen kon aanhaken en me in de eindsprint kloppen. Waar heb ik dat meer gezien?
Over mijn tijd van 46.51 was ik dik tevreden, al wekte de speaker wel enige verwarring onder het publiek met de zinsnede: "Hier is Bert Breed", onmiddellijk gevolgd door "De derde vrouw".
Het bleek niet aan mijn schouderlange haar te liggen. De speaker nam de twijfel na een seconde of 5 weg: "Daar komt de derde vrouw van de 10 km op de finish af."
Na me in de kleedkamer wat warmer aangekleed te hebben, daar ik tegen de noordwestenwind in moest fietsen, zag ik in de kantine van Stompwijk '92 de huldiging van de 10 km bij zowel de dames als de heren. Ik werd dan ook niet naar voren geroepen.
Met deze geruststellende gedachte fietste ik via de Vlietlanden en langs de ijsbaan van Voorschoten op huis aan, waar ik om 2 uur met Ada kon lunchen.

zaterdag 5 januari 2013

Homoschaatsen in Hoorn

Denk na het lezen van de titel van dit stuk niet meteen, dat ik uit de kast ga komen. Als je er nooit ingezeten hebt, kun je er ook niet uit komen. Op de kast daarentegen....

Nee, de titel heb ik gekozen, omdat het zo'n mooi beginrijm was. De naam "Homoschaatsen" was bedacht door de Katwijkse kapper Edwin Minnee. Kappers hebben de naam, dat ze homo zijn, dus als geuzennaam doopte Edwin zijn nieuwe kluunschaatsen om in homoschaatsen.

Met mijn schaatsen in de rugzak fietste ik naar Jaap de Gorter toe, met wie ik mee zou rijden naar "De Westfries", waar we om 11 uur door de organisatoren Mijke Hartendorp, Sonja Hoogsteen, Karlien van der Wees en Jan Kant werden verwelkomd in "De Hoge Noor". We zouden een dag meedoen met het "Krasse knarren en Schone schaatsters weekeinde". Daar het het vierde lustrum van dit trainingskamp was, was er als extraatje een drietal masseurs ingehuurd om de spieren los te maken.
Een van de fysiotherapeuten vertelde, dat het voornaamste doel van de massage het krijgen van een optimale doorbloeding is.
Na de koffie, thee en warme chocolademelk gingen we om half 12 het ijs op. De 40 deelnemers werden in 3 groepen verdeeld. Ik zat in de middelste groep met Ron Kortekaas. Na het inrijden volgde een aantal oefeningen met diep zitten. Bij een ervan moest je uit de bocht vandaan zo diep mogelijk zittend op twee benen glijden tot halverwege het rechte eind en dan in deze houding tot de bocht schaatsen. Ik kan u verzekeren: de benen lopen dan behoorlijk "vol", zeker na een serie.
Wie dacht, dat we er dan al waren, had het mis. We kregen een serie met dezelfde oefening, maar nu met de bocht erbij. Nog ietsje zwaarder dus.
Het ijs werd trouwens ook zwaarder, doordat het door de hoge luchtvochtigheid op deze grauwe winterdag met lentetemperaturen aansloeg. Tel daar een hogedrukgebied van 1030 hPa bij op en nog wat oefeningen, die de benen flink belastten, zoals uit de bocht komend zo lang mogelijk op één been doorglijden en een tiental aantal Steigerungen aan het slot en het zal duidelijk zijn, dat de eerste 70 rondjes van de dag af en toe best pittig waren. Maar ja, Homoschaatsen in Hoorn is niet voor mietjes.

In de pauze zat ik aan tafel met Jos Fugers en Ben van Haastrecht, medewerker bij Jan van der Hoorn Schaatssport in Ter Aar. Ben kon enthousiast vertellen over dat andere deel van de schaatstechniek, zodat ook de pauze zeer leerzaam was.
Na dit theoretische onderricht konden we de schaatsen weer aandoen en inrijden, voor we les kregen van Paul van de Ven. Hij legde de nadruk meer op ontspannen en geconcentreerd schaatsen. In het treintje met o.a. Geertje van Hoek, Maria Nieuwenhuis, Rien Bakker, Edgar Hoogervorst, Rien Bakker, Jos Droogh, Jan Kant, Klaas van den Broek en Martin Langbroek moesten we op de inmiddels zeer drukke "Westfries" in een rustig tempo de schaatsen zo zuiver mogelijk plaatsen.
Net als vanmorgen ging de eerste serie in een tempo, dat als dit inrijden was, aan het eind van de middag het baanrecord eraan zou gaan. Dat moest dus over. Het ging rustiger, waardoor je inderdaad beter kon plaatsen.
Dit was de voorbereiding op de volgende oefening: op het rechte eind moest je een of twee keer een overstap maken alsof je de bocht in ging. Dit vergde inderdaad concentratie: waar doe je dat, en minstens zo belangrijk, waar had je voorganger in het treintje dit bedacht?
Je moest dus in een split second beslissen!

Nu we ons zo geconcentreerd en op souplesse over de drukke ijsbaan voortbewogen, kwam Paul met de volgende oefening op de proppen: in tweetallen moesten we zo dicht mogelijk achter elkaar aan rijden. Zo dicht, dat je de schaatsen van je voorganger niet eens kon zien. Na ieder rondje wisselde je van kop.
Daar ik bij deze oefening aan een man gekoppeld was, zou je deze oefening kunnen indelen in de categorie "Homoschaatsen voor beginners".
De opbouw in de training zat logisch in elkaar. We moesten in twee groepen een rondje of 8 rijden. Bij iedere bocht moest de laatste van dat treintje naar voren sprinten en de kop overnemen.
Ik reed op kop van de tweede groep en werd ingehaald door Martin Langbroek, die met een webcam onze verrichtingen filmde.
Bij de volgende bocht bleek, dat we de rest van onze groep in de drukte kwijt waren geraakt. Dat betekende, dat we iedere ronde een bocht hadden, waar we naar voren moesten sprinten. Ik vond alles prima, zolang Martin het maar niet zei: "Het was me een genoegen!"
Dat laatste kon in ieder geval niet gezegd worden van de volgende oefening: in tweetallen moesten we om beurten driemaal een rondje voluit rijden. Het was nadrukkelijk geen wedstrijd, maar in de praktijk werd het dat toch. Geertje van Hoek was verreweg de snelste, maar mijn maat Jan Kant was steevast tweede. En dan wil je natuurlijk niet verzaken in jouw rondje. Ik kan u verzekeren, na 130 rondjes geschaatst te hebben ga je drie keer een rondje voluit goed voelen.
Met de hele groep gingen we nog 4 rondjes uitrijden. De training was klaar met 139 rondjes op de teller. En wat doet Bert Breed dan? Inderdaad, hij schaatst door tot de 150 bereikt was. 60 km oogt immers beter dan 55,6.
Na het zweet van het lijf te hebben gespoeld begaven we ons naar "De Hoge Noor", waar we een biertje namen en ik me om 5 uur als laatste kon laten masseren. Alleen mijn kuiten, daar ik morgen 10 km ga lopen in Stompwijk. Toevalligerwijs kwam ik terecht bij de enige masseuse. Dat kwam goed uit, want het zou met de uitgekozen titel allicht tot speculaties leiden, als ik me liet masseren door een man.

Maar om nu te beweren, dat door een vrouw gemasseerd worden alleen maar aangenaam is....
Af en toe werd de pijngrens nadrukkelijk opgezocht. Maar zoals al eerder was gemeld: Homoschaatsen in Hoorn is niet voor mietjes!

vrijdag 4 januari 2013

Stamfibie


Het is vandaag exact 16 jaar geleden, dat de laatste Elfstedentocht verreden is. Sinds de eerste officiële Elfstedentocht op 2 januari 1909 is er slechts één tijdvak geweest, dat het langer geduurd heeft, voor er een nieuwe Tocht der Tochten gehouden werd.

Na "De Hel van '63" moest er 22 jaar gewacht worden voordat "It sil heve" in februari 1985 klonk.
In 104 jaar zijn er 15 tochten georganiseerd, dus gemiddeld een keer per 7 jaar. Daarmee is de Elfstedentocht winnen veel bijzonderder dan het winnen van een gouden Olympische schaatsmedaille. Als je de laatste 50 jaar bekijkt, dan praat je over eens in de 12,5 jaar als je 1963 meetelt. Neem je 1964 als startdatum, dan kon je uit op 16 jaar.
In zo'n tijdspanne worden 4 Olympische Winterspelen georganiseerd, met alleen op de langebaan al 5 te winnen individuele gouden medailles. De kans, om zo goud te winnen is heel wat groter dan om de lauwerkrans omgehangen te krijgen na de Tocht der Tochten.

Reinier Paping, Evert van Benthem, Henk Angenent, Lenie van der Hoorn, Tineke Dijkshoorn en Klasien Seinstra weten er alles van.

Nu moet dan ook werkelijk alles meezitten, wil de Elfstedentocht georganiseerd kunnen worden.

Vorig jaar was het in principe koud genoeg, maar stevige sneeuwval vlak nadat de sloten, vaarten en meren dichtgevroren waren, gooide roet in het eten. Doordat het ijs nog te dun was, kon de eerste dagen nog niet geveegd worden.
Daar gaat verandering in komen door de uitvinding van de Stamfibie.
Gisteren stond er een groot artikel op de site van de NOS.
We hopen, dat de uitvinding van Edward Stam deze winter nog beproefd kan worden, want dan kunnen we weer op natuurijs terecht. Iedere organisator van toertochten in Nederland zal belangstelling hebben voor de Stamfibie.
Gezien de toch wel kortere ijsperiodes van na 1988 kan dit het verschil maken tussen wel of geen georganiseerde toertocht.

donderdag 3 januari 2013

Band

Zestien jaar geleden gingen om een uur of half 9 de laatste kilometers van de Elfstedentocht niet zo soepel meer. Vandaag was dat ook het geval, toen ik van mijn werk in Katwijk naar huis fietste.
Heel langzaam begon het achterwiel een klein beetje zwaarder te trappen. Dat klopte ook wel, want de band werd steeds platter.

Ter hoogte van het viaduct over de Tjalmaweg was het duidelijk: ik zou naar huis moeten lopen. Op goed geluk liep ik nog even langs de fietsenmaker, die aan de andere kant van de Tjalmaweg zit. En zowaar: deze was open tot 9 uur en ik werd nog meteen geholpen ook.
De achterband zat er al ruim een jaar op en er was zo'n 10.000 km mee gereden. De glassplinter was snel gevonden, maar een nieuwe anti-lekband was geen overbodige luxe. Binnen- en buitenband werden vervangen en een kwartier later fietste ik weer vrolijk verder naar huis. Soms heb je bij pech heel veel geluk!

Integratie

Ik had me, ondanks het lenteweer met dubbele cijfers van vandaag, voorbereid op een les rond het thema "Elfstedentocht". Dit vanwege het simpele feit, dat het vandaag 16 jaar geleden is, dat ik met Jaap de Gorter voor het eerst van mijn leven de Elfstedentocht heb uitgereden. 's Avonds was ik zelfs in het Jeugdjournaal te bewonderen.

Het liep echter wat anders. Er was in de Leidse IJshal temidden van de 178 kinderen een hele groep Marokkaanse meiden, waarvan een kleine helft met hoofddoeken rondreed. Deze groep wilde graag bij één trainer, en dat werd ik. Ze reden allemaal op gehuurde schaatsen.
Het werd dus improviseren, daar oefeningen, die de kinderen klakkeloos uitvoeren, zoals de valoefeningen, niet bij iedereen in de smaak vielen. Met meiden in de puberleeftijd ligt dit toch een slagje anders. Ongeveer een derde van de 19 meiden durfde of wilde het vallen niet oefenen.
De les ging verder vrij speels. De basisoefeningen blijven immers voor elke beginnersgroep hetzelfde.
Een hele serie passeerde de revue, waarvan ze de slalom en de slang, het elkaar vasthoudend achter elkaar rijden, favoriet waren. In ieder geval vonden ze het leuk, ook al kostte het me moeite om de aandacht van alle meiden te krijgen.
Maar de integratie begint hier. Wat is er immers Hollandser dan schaatsen?
En wanneer is de integratie voltooid? Als er een Marokkaan de Elfstedentocht weet te winnen.
Mohammed Nasr heeft een lekker lezende roman over geschreven over dit ultieme sluitstuk van de integratie.