woensdag 21 december 2011

The armed man

Het was een kortere werkdag dan anders, want om 6 uur moest ik alweer op de fiets naar Leiden zitten. Met mijn vrouw en mijn collega's Evelien Steenbeek en Janny Zierikzee zouden we mee doen met de Miniscratch van "The armed man" van Carl Jenkins.
Ook Janny's man Arnold en Ada's collega Peri Vos zouden van de partij zijn bij de repetitie in de Pieterskerk en de uitvoering op de Beestenmarkt.
In regenbroek en met de harde wind in de rug werd ik naar Leiden geblazen, waar ik mijn fiets aan een hek bij de Middeleeuwse kerk vastzette om mijn toegangskaart op te halen.
Er stonden nog behoorlijk lange rijen bij de ingang en waar ik al een klein beetje bang voor was, geschiedde: er waren geen stoelen meer. Ondanks dat ik gisterenochtend gewoon kon traplopen na de inspanningen bij de 1000 rondjes van Leiden, was dit niet iets, waar je op hoopte. Dit betekende constant staan bij de repetitie. Niet bepaald bevordelijk voor het herstel.
Om 5 uur begon de repetitie met "Sanctus".

Het ging met het zingen van dit nummer meteen al behoorlijk goed. Het is ook ontzettend gaaf om met een koor van 800 man in een Gothische kerk met een goede akoestiek te zingen. Ik stond naast Bert Staal, met wie ik de commissie Opleidingen van de IJVL vorm. We genoten van het soms kolderieke dirigeerwerk van Hans van der Toorn. Ik kende deze door mij zeer gewaardeerde manier van dirigeren van de "Carmina Burana" van Carl Orff bij de Leidse Scratchdagen.Er hoefden bij "Sanctus" slechts een paar stukken opnieuw gezongen worden, waarna we meteen doorgingen met "Agnus Deï".

Ook hier werden slechts een paar maten uitvoerig doorgenomen. Voor de rest ging het direct goed. Na "Agnus Deï" was er een kwartier pauze, waarbij ik even op een vrijgekomen stoel kon zitten, voordat we ons over het laatste nummer bogen: "Hymn before action".

De tekst van dit lied was geschreven door Rudyard Kipling, die vooral bekend geworden is van "Jungle book". Het oefenen van dit korte nummer duurde het langst, vooral omdat er bij de kopersectie wat haperingen zaten. Maar ja, een triool van 1/32e noten spelen valt niet mee.
Na de repetitie wandelde ik met Bert Staal naar de Beestenmarkt, waar we sfeer proefden bij het Glazen Huis. Het had veel weg van 2 en 3 oktober. Alles gaat zeer gemoedelijk. Langzaam maar zeker verschenen er steeds meer mensen met een oranje sjaal.
Om 8 uur was nagenoeg het hele koor aanwezig. Wij stonden vlak bij de dirigent, zodat we goed konden zien, wanneer we in moesten zetten. Dat was wel prettig, want in de open lucht vervloog het geluid toch wel wat. Zeker nadat je in de Pieterskerk verwend was geraakt met de goede akoestiek.
Voordat we aan de Miniscratch van "The armed man" begonnen, mochten we eerst meedoen met het produceren van zoveel mogelijk decibellen bij het meezingen, pardon, meebrullen van "Nobody's wife" van Anouk.

Dat lukte en leverde derhalve € 5.000,- op voor Serious Request. Daar kwam de cheque van de Miniscratch nog boven op: € 20.000,-. De dj's vielen even stil bij het horen van dit bedrag., maar een van hen herpakte zich en hij begon het "Wilhelmus" te zingen. Wij zetten met zijn allen spontaan in.
"The armed man" ging op zich redelijk, maar je hoorde alleen, wat er om je gezongen werd. Hoe het op de rest van het plein was, bleef voor ons een vraag.
Wat een rethorische vraag was, was of ik een biertje wilde. Uiteraard. De keel moest even gesmeerd worden. Zo bleven we tot 10 uur op de Beestenmarkt met Berts vrouw Wil, zijn jongste dochter en twee leden van het koor, waar Bert Staal op zit.
We wandelden naar de Pieterskerk om de fietsen op te halen, waarna ieder zijns weegs ging na deze gezellige namiddag en avond.
Twee jaar geleden speelde mijn jongste dochter in november bij jeugdorkest Viotta mee met de trompet bij de uitvoering van "The armed man". Een maand later reden we op natuurijs.

Het zou mooi zijn als dat, nu er weer een Breed meedeed met de uitvoering van dit prachtige werk van Carl Jenkins, weer het geval zou zijn...

dinsdag 20 december 2011

Het Glazen Huis

Het was een dag, die volledig in het teken van het Glazen Huis stond. Het begon al bij binenkomst in de bibliotheek, waar diverse collega's vroegen, hoe het gisteren gegaan was bij de 1000 rondjes van Leiden. In de kantine van de ging dit gewoon door.
Op dit moment is er in alle vestigingen van Bibliotheek Katwijk verkoop van afgeschreven boeken en € 100,- ervan wordt geschonken aan Serious Request.
Voor dat bedrag mag je een verzoeknummer aanvragen en dan krijg je discussie tussen diverse personen over welk nummer. Het idee van Ineke Blom, waar ik volledig achter kon staan, werd afgeserveerd, terwijl "Wuthering Heights" van Kate Bush een prachtig nummer is en tevens de titel van een van de mooiste boeken uit de wereldliteratuur.

Ik hield me daarna een beetje op de vlakte, om na de pauze op zoek te gaan naar een nummer, dat wel een link had met boeken en ook nog eens heel mooi was. Een nummer van Peter Gabriel kwam daarbij diep uit het onderbewuste weer langzaam naar boven drijven: "The book of love"

De rest van de dag werkte ik gewoon door, met op de koptelefoon de muziek van "The armed man" van Carl Jenkins van de Miniscratch, die we morgen uit gaan voeren met 800 zangers bij het Glazen Huis.
Om half 6 hadden we een Kerstborrel in "'t Strand". Normaal ga ik als een van de laatsten weg, nu was ik de eerste. Dat had niets met de gezelligheid te maken, maar alles met het aanbieden van de cheque van "de 1000 rondjes van Leiden" bij het Glazen Huis. Ik moest om 7 uur bij de Leidse IJshal zijn. In de regen fietste ik er naar toe.
We vertrokken om kwart over 7 wandelend naar de Beestenmarkt. Voorzitter Jos Arts moest wegens griep op het laatste moment afhaken, dus secretaris Willem van Vliet had leiding en hij had de cheques bij zich. Twee cheques: een van € 4547,- van de schaatsers en eentje van € 961,-, die Kobus Turk in zijn eentje bij elkaar gekregen had. Naast Kobus en zijn vader Jan gingen winnaar Jos Dohle en de laatst finishende Jan Willem Meijboom mee naar het Glazen Huis.
Op de Beestenmarkt kwamen we Lino Podda tegen, die meeging naar de plek, waar we de cheque zouden overhandigen. We moesten eerst een klein kwartier, voor we via de microfoon contact zouden krijgen met de 3 dj's.

De muziek hadden we al uitgezocht. Nee, het werd niet "Bonkefeart"!

Onze keuze viel op "Elfstedentocht" in de uitvoering van Drs. P.

Net voor we aan de beurt waren, kwam K & G luid en duidelijk de Beestenmarkt op en werden we verwezen naar het naast het Glazen Huis gelegen bureau, waar we een videoboodschap van 30 seconden in mochten spreken. Willem van Vliet nam dit voor zijn rekening.
We namen daarna nog een afzakkertje in "Van der Werf" als afsluiting van het fantastische schaatsevenement "de 1000 rondjes van Leiden". Hier haalde ik nog wat leuke herinneringen op met Jos Dohle en Marieke van Hoek aan een optreden van "The Bootleg Doors" in Leiden. En van het Glazen Huis is het dan maar een klein stapje naar het even breekbare "Crystal Ship".

zondag 18 december 2011

Baanrecord of "Afzien is voor ons een vrije keuze!"


De wekker was om 4 uur onverbiddelijk: eruit! De spullen lagen allemaal klaar, ik had gisterenmiddag mijn kluunschaatsen geslepen en om half 5 zat ik in mijn eentje aan het ontbijt. En dat op de zondagmorgen....
De regen was net gestopt, toen ik om kwart voor 5 naar de Leidse IJshal toe fietste.

Op een enkele kroegtijger na, die thuis zijn roes uit ging slapen, kwam ik verder niemand tegen.

In de IJshal kreeg ik mijn rug- en beennummer aangereikt: nummer 1.

"Dat schept verplichtingen", vertrouwde Willem van Vliet mij toe.
Dat had ik zelf ook bedacht. Bij het bekijken van de deelnemerslijst had ik ingeschat, dat ik bij de individuele deelnemers aan de 1000 rondjes van Leiden bij de kanshebbers hoorde, hoewel ik nog nooit onder de 10 uur gereden had. Op Flevonice had ik eind november 2008 een tijd van 10 uur en 5 minuten neergezet op de 200 km.
De illusie werd me al snel ontnomen. Jos Dohle stapte de kleedkamer binnen. Hij was gisterenavond na 50 rondjes bij de B-marathon in Breda uitgestapt. Zijn vriendin Marieke van Hoek wist hem met een rake zin te prikkelen: "Wat ben jij voor marathonschaatser? Je hebt nog nooit een 200 km gereden!"
Waar heb ik dit soort opmerkingen eerder gehoord?
Jos vatte het sportief op met een oproep op twitter: als hij binnen een uur € 100,- bij elkaar had voor het Glazen huis, dan zou hij meedoen aan deze zeer Alternatieve Elfstedentocht. Binnen 20 minuten zat hij al op € 250,-.
Om half 6 loste Jos Arts, de voorzitter van de IJshal, het startschot. Ik stond vooraan en mocht zo het genoegen smaken om een paar meter op kop te rijden. Jos had me toen al ingehaald en hij zou de koppositie niet meer afstaan.
Ik had me, na alle gekwakkel de afgelopen anderhalve week, voorgenomen om rustig te beginnen, maar ja, het ijs was superglad en het ging zo makkelijk. Met een peloton van een man of 8 achter me aan kon ik blijven gaan tot de eerste dweil. De eerste 10 km ging in 20 minuten 24, waar mijn officiële p.r. op 23.51 ligt. Ik heb geen meter gestayerd! Uiteindelijk kwam de teller op 30 km in het eerste uur te staan. Nee, ik had me niet aan mijn eigen opdracht gehouden.
Er reden een hoop bekenden mee, o.a. Jaap de Gorter, Hen van den Haak, Sjaak Stuijt, Wim en Frits van Huis, Andrea Landman, Richard Dieke, Marco Tiller, Maria Nieuwenhuis, Jan Annard, Kobus Turk, Jonathan Kloos, Lino Podda en Jos van Teijlingen.

In de eerste dweilpauze bezocht ik het toilet om het diep zitten nog even goed te oefenen. Het tweede uur nam ik geen meter kop, maar reed ik in het kielzog van Vincent Schenkelaars. Op dinsdagavond schaatsen wij vaak samen op, alleen heeft hij een hogere basissnelheid dan deze diesel.

Het tempo ging wat naar beneden. In het tweede uur reden we 26 km. We zaten dus met dit schema dik onder de 8 uur. Het derde uur was het mijn beurt weer om kopwerk te doen. Met een man of 10 achter me aan reed ik 24 gemiddeld, zodat na 3 uur de 80 km gepasseerd was.


Team Fugers was inmiddels ook gearriveerd. Jos schoot mij in de dweilpauze aan: "Ik heb gisteren in jouw boek het stuk over pelotonschaatsen gelezen. Maar jij houdt je niet aan je eigen adviezen. Je neemt veel te veel kopwerk."
Jos had gelijk, maar het ging zo moeiteloos allemaal. Er zijn heel veel woorden voor dit verschijnsel: in topvorm zijn, the flow, het gevoel hebben, dat je vleugels hebt.

Het vierde uur finishten Jan Pieter Tensen en Aat Dolle. Ze hadden samen 1000 rondjes gereden. Jan Pieter ging alleen door. Hij probeerde individueel de 200 km vol te maken. Jos Dohle was ook een eind op streek. Hij zat dik onder het baanrecord van Mart Moraal.

Met 539 rondes op de teller mocht ik de inwendige mens weer gaan versterken tijdens de vierde dweilpauze. Wederom had ik een aantal schaatsers achter me aan gehad. Ik was begonnen om in eigen tempo te rijden en ik kreeg om een of andere onnavolgbare manier steeds meer volgelingen. Het uur daarna volgde hetzelfde patroon.
Ik kon blijven gaan en met 128 km aan de vijfde pauze beginnen. Dat was wel even prettig, want ik voelde een blaar bij de knokkel onder mijn enkel van mijn linkervoet. Dit was de eerste keer in 7 jaar, dat ik een blaar in de Rossignol-langlaufschoenen had.
Maar pijntjes horen erbij. Afzien is voor ons een vrije keuze. Voor de moeders in oorlogsgebieden in Afrika, waar we vandaag voor schaatsten, is het dat niet bepaald.
Gewoon gedoseerd blijven doorschaatsen, blaar of geen blaar.


Dit uur was het zeer druk op de baan. Naast de teams, die om half 6 gestart waren, kwamen er grote groepen Haarlem-schaatsers en schaatsers uit Koudekerk en Warmond het ijs op. Als je zo'n groep in wilde halen, was je soms een heel rondje bezig, terwijl je zelf door de snellere schaatsers gelapt werd.
Jos Dohle was bezig om het baanrecord van Mart Moraal met meer dan een uur aan te scherpen.

Om hem niet uit zijn ritme te halen, werd de zesde dweil uitgesteld.

Met 6 uur 9 minuten en 19 seconden had Jos een geweldig debuut op de 200 km.

Dat is nog eens overwinnen!

Zelf kwam ik zodoende bij serie op 160 km terecht. Het schaatsen ging nog goed, maar ik begon mijn kuiten toch wel te voelen, maar ook, hoe goed compressiekousen werken.
Ik nam een klein beetje gas terug, maar kon toch nog redelijk vlak door blijven rijden.

Bij de 850 rondjes ging mijn startnummer los te zitten. Hij zat nog maar met 2 speldjes vast en begon te wapperen. Ik ging naar de kant, want als je je startnummer verliest kan iemand er op terecht komen en onderuit gaan. Ik nam meteen een energiegel en dronk een flesje Extran leeg. Bovendien verwisselde ik mijn schaatsen, die niet meer helemaal scherp waren, voor het scherpe reservepaar ijzers: het voordeel van kluunschaatsen!
Door deze extra pauze was de inhaalrace op Jan Pieter Tensen definitief gestrand. Vincent Schenkelaars was de man met de hamer tegengekomen. Heel lang had hij een voorsprong van 4 rondjes op mij, maar in dit blok had ik hem zo vaak gedubbeld, dat ik nu op hem voor lag.
Het was heel even wennen aan de andere ijzers, die iets minder hoog waren en wat meer naar voren uitstaken, maar na 3 rondjes kon ik weer vol gas doorgaan. De grens van 900 rondjes werd gepasseerd en dan ga je echt aftellen. Er was na de 943 rondjes nog een dweilpauze, maar op het supergladde ijs kon ik me op gaan maken voor een tijd dik onder de 8 uur.

Het Team de Gorter en het IJVL-team finishten, dus ik had uitzonderlijk goed gepresteerd: zij reden in estafettevorm 250 of 200 rondjes per persoon en ik zat daar maar een rondje of 50 achter.

Toen ik op 989 rondjes zat, was Jan Peter Tensen gefinisht in 7.27 en als we dezelfde indeling als de Elfstedentocht hanteren en Jos Dohle als wedstrijdrijder kwalificeren, dan was Pieter Jan de eerste toertochtschaatser.
Ik stevende bij de individuele deelnemers af op het brons en een enorme verbetering van mijn persoonlijk record: van 10.05 naar 7.33.27. Een verbetering van 2 uur en 32 minuten! Als je het in verhouding ziet: ik zou de marathon met tijden net onder de 4 uur ineens een uur sneller gaan lopen.

Ik kreeg het certificaat overhandigd door Jos Arts, waarna het mijn beurt was om twee exemplaren van "Molen- en Merentocht" aan speaker Teun de Reede te overhandigen. Het leverde binnen een minuut € 30,- op voor Serious Request.

Normaal gesproken had ik nog een paar ererondjes gereden en dan van het ijs stappen. Maar door het mailtje, dat de NOS kwam filmen voor het journaal van 8 uur, ontsproot in mijn brein een nieuw plan: een baanrecord.


Vorig jaar ben ik mijn baanrecord van 120 km in de Leidse IJshal kwijtgeraakt aan Mart Moraal, die toen de 200 km in 7.17 zette. Ik had trouwens nooit gedacht, dat ik er zo dicht bij in de buurt zou komen, maar de tijd van Jos Dohle van 6.09.02 is dermate scherp, dat ik daar nooit van mijn leven aan zal komen.

Dan maar een ander baanrecord: dat van de grootste afstand, die afgelegd is op het ijs van de Leidse IJshal. Het doel was minimaal 1100 rondjes. Rond de tijd, dat ik die barriere passeerde, werd er net gefilmd, dus ik ging voor mijn ultieme doel: 1150 rondjes oftewel 230 km. Dit lukte, ondanks de pijn in mijn onderrug en de irritante blaar.

Maar zoals ik even later voor de camera van de NOS kon verklaren: "Afzien is voor ons een vrije keuze!" Voor de moeders in oorlogsgebieden in Afrika ligt dat heel anders.

De verslaggever begon nog over het afzien van de 3 dj's in het Glazen Huis. Daar kon ik echter uit eigen ervaring wel wat over zeggen: "Ik ben ooit aan mijn kaken geopereerd. Ik kreeg 6 weken vloeibaar voedsel. Na 3 dagen is het hongergevoel weg."
Het dweilorkest "De Dorstvlegels" speelde nog steeds, toen ik nagenietend van mijn baanrecord nog een stuk of 5 ererondjes reed.

En dat is meteen het leuke van een compacte ijshal: je hebt meteen veel sfeer. Bij de Leidse marathon staan ook her en der muziekgroepen, maar je bent er zo voorbij. Hier ben je na 200 meter weer terug bij de muziek.
Ans van Dijk fungeerde als rondemiss, ik sprak de geblesseerde Hans van der Plas en Ton Kamerling en verdween naar de kleedkamer, waar de blaar inmiddels gehel ontveld was. Een cm in doorsnee.
Ik begaf me naar de kleedkamer twee deuren verder. Hier kon ik mijn kuiten en onderrug laten masseren, voordat ik in de kantine ging genieten van een welverdiende Palm.

In de tussentijd volbracht Jan-Willem Meijboom zijn 200 km in iets meer dan 10 uur. Lino Podda had na 750 ronden er de brui aan gegeven. Gezien de hoeveelheid schaatskilometers, die hij dit seizoen gehaald had, was de 150 kilometer een zeer goede prestatie. Er zullen niet veel Italianen zijn, die hem dit nadoen.

Trouwens, vorig jaar kwam ik zelf ook niet verder dan 750 rondjes, dus Lino....
Voor de IJVL was het trouwens een uitstekende dag: naast de individuele winnaar Jos Dohle bestond bij de estafette het winnende Team de Gorter uit de IJVL-leden Jaap de Gorter, Andrea Landman, Marco Tiller en Patrick Keizer.
Na afloop van dit fantastische evenement, raakte ik in gesprek met Willem van Vliet, de mede-organisator van deze gezellige dag, met Jan-Willem Meijboom, die de dag ervoor nog een halve marathon gelopen had in 1.24, met ijsmeester Jan van Rijn en met Piet van Goozen, één van de vrijwilligers, zonder wie de 1000 rondjes niet georganiseerd had had kunnen worden.
Bij deze wil ik alle vrijwilligers, die vaak al om half 4 uit bed moesten stappen voor ONS schaatsplezier, hartelijk bedanken voor hun inzet.
Om 7 uur was ik weer thuis, zodat ik het NOS-Journaal kon bekijken.

Het was een lange dag geworden, dat me een baanrecord van 9 uur en 12 minuten heeft opgeleverd op een vrij incourante afstand. Ik heb niet het idee, dat ik het snel weer kwijt zal raken....

zaterdag 17 december 2011

NOS Journaal

Gisteren kreeg ik als deelnemer aan de 1000 rondjes van Leiden dit mailtje:

Dag allemaal,

Zondagmiddag rond 14.00 uur komt het NOS-journaal opnames maken, die dan ’s avonds in het 8 uur journaal worden uitgezonden.
Natuurlijk een prachtige kans om het schaatsen in Leiden en omgeving op de kaart te zetten!
We willen dan natuurlijk zoveel mogelijk schaatsers op het ijs hebben.
Als er teams zijn, die dan hun rondjes al gereden hebben, krijgen ze een kans om nog een kleine toegift te schaatsen.
Vraag je supporters om in ieder geval om 14.00 uur in de schaatshal te zijn.
En er is overigens nog ruimte op de baan voor meer schaatsers om deel te nemen,dus ken je nog iemand….

Tot zondag!

Met sportieve groeten,
Bestuur Stichting IJshal Leiden

Bij de Elfstedentocht van 1997 lukte het me om het Jeugdjournaal te halen.

Wellicht lukt het me nu om het "Volwassenenjournaal" te halen....

vrijdag 16 december 2011

Pijntjes

Kennelijk was het zweempje griep, dat ik vorige week onder de leden had, nog niet helemaal uitgewerkt. Zondag had ik nergens last van bij de Bruggenloop, maar dinsdagavond voelde ik bij het schaatsen al vrij snel pijn in mijn rug: spierpijn. Niet gebruikelijk. Anders dan veel andere schaatsers heb ik zelden pijn in mijn rug. Het was duidelijk, dat het mijn spieren waren. Een hinderlijk gevoel, maar je kon er prima mee doorschaatsen.

Woensdag heb ik met hetzelfde hinderlijke gevoel gewerkt en ben ik vrij vroeg naar bed gegaan. Donderdagochtend was de spierpijn weg, maar kreeg ik na het ontbijt last van buikpijn. Ook nu weer: hinderlijk, maar ik kon er goed mee schaatsen. Langzaam maar zeker doofde de pijn wat uit, maar na het middageten kwam het toch weer terug, toen ik naar Katwijk fietste. In de loop van de middag verdween de pijn.

Vanochtend werd ik wakker met pijntjes in spieren in mijn armen. Ook nu verdween het in de loop van de dag langzamerhand en kon ik 's middags gewoon twee uur schaatsles geven, eerst voor de buitenschoolse sport en aansluitend voor de IJVL.
Van het trainersgilde van de buitenschoolse sport viel deze week de vierde trainer uit door een blessure of ziekte. Wat dat aangaat vallen mijn pijntjes in het niet, al is er uiteraard geen sprake van een ideale voorbereiding op de 1000 rondjes van Leiden.

Maar ik heb al eerder een 200 kilometertocht voltooid met een soortgelijke voorbereidingsweek: in 1997 de Elfstedentocht en in februari dit jaar bij IJsstrijd. En pijntjes na 4 km weerhielden me niet om de marathon van Leiden uit te lopen.

Ook al is het fysiek misschien niet optimaal, mentaal ben ik in ieder geval klaar voor zondag.

donderdag 15 december 2011

Lino Podda

Ik had hem al een tijdje niet meer op de gladde ijsvloer van de Leidse IJshal gezien, maar vanochtend was hij er weer: Lino Podda.
Terwijl we met een stuk of 20 krasse knarren een piramide van 10, 20, 30, 30, 20 en weer 10 rondjes reden in een vrij strak, maar wel gelijkmatig tempo, kwam deze Italiaan trainen voor "de 1000 rondjes van Leiden". Enrico Fabris is gestopt met schaatsen, maar Lino Podda nam het stokje van hem over onder het Olympische motto: deelnemen is belangrijker dan winnen!

Lino Podda deed vaak mee aan de wintertriatlon en wij zaten bij elkaar in de buurt: ik liep en schaatste beter dan deze Italiaanse doorzetter, maar hij was een betere wielrenner. Zo ontliepen we elkaar niet veel.

Na de finish reed hij dan wel eens een ererondje, gedrapeerd in de Italiaanse vlag.

Ik ben benieuwd, of hij daar na de 1000 rondjes nog puf voor heeft....

woensdag 14 december 2011

Remproef

Aan het eind van het seizoen gaan de kinderen altijd een paar oefeningen uitvoeren voor het schaatsdiploma. Naast de slalom en een x-aantal rondjes rijden, afhankelijk van leeftijd en snelheid, moeten ze de start en remproef doen, een oefening met 2 bochten van 180 graden.

Zelf had ik mezelf gisteren de remproef opgelegd, zij het een iets andere dan de hierboven beschreven remproef. Ik wilde, met het oog op de 1000 rondjes van Leiden, de dinsdagavondtraining gebruiken voor het vinden van het juiste tempo. Deze moet wat lager liggen, dan je gebruikelijke tempo, maar wel dusdanig snel, dat je toch lekker door kunt rijden.
Zodoende kwam ik na een rondje of 10 op de derde plek in het peloton te zitten, met Rein als de kopman met een constant tempo. In een uur tijd schaatsten we 125 rondjes oftewel 25 km. In dit tempo zou ik de 200 km in theorie in 8 uur kunnen volbrengen.

In theorie, want je moet ook af en toe van het ijs af om even wat te eten of te drinken en een sanitaire stop valt ook niet helemaal uit te sluiten.
Het ging behoorlijk makkelijk, met 188 rondjes op de teller in minder dan anderhalf uur op het moment, dat de Zamboni het ijs op kwam rijden.
Je zou niet zeggen, dat ik de hele training met de handrem erop mijn rondjes heb geschaatst.