vrijdag 11 januari 2019

333exit

Gisterenavond was de langverwachte commissievergadering voor Sport in de Leidse gemeenteraad. Het zou duidelijk worden, of de 333-meterbaan nog een kans zou krijgen of niet. Het zou dus niet worden zoals blijkt uit onderstaand bericht uit het Leidsch Dagblad.
Het werd al snel duidelijk, dat de kans op een 333-meterbaan als sneeuw voor de zon smolt. Alleen Julius Terpstra van het CDA en Famke Güler van Partij Sleutelstad waren fervente voorstanders van de 333-meterbaan. De rest van de raadsfracties hield het, net als wethouder Paul Dirkse, bij 250 meter. Hiervoor hebben we trouwens nog steeds unanieme steun.
Daar de lange slingerweg met alle wisselende standpunten vanaf het moment, dat de onlangs overleden Marc Witteman in 2008 voor het eerst een nieuwe ijsbaan aan de Vliet opperde, door diverse sprekers uitvoerig werd aangehaald, bekroop mij het gevoel, dat wat zich in de Leidse regio afspeelde rond het meebetalen aan de nieuwe kunstijsbaan, sterke overeenkomsten toonde met hoe de Europese Unie functioneert.
Iedereen is het er over eens, dat het aantal schaatsers uit de Leidse regio groter is dan het aantal Leidenaren, dat de smalle ijzers onderbindt. Het is dus niet onbillijk, dat de omliggende gemeenten meebetalen ten behoeve van hun schaatsers.
De gekozen formule was wat dat aangaat van een oogverblindende schoonheid: Leiden betaalt de 250-meterbaan, de regiogemeenten volgens een bepaalde verdeelsleutel het resterende bedrag om tot een baan van 333 meter lengte te komen. Met de wethouders van Sport en hun beleidsambtenaren is dit in diverse sessies netjes afgesproken. Als eenieder zich aan de afspraken zou houden, dan zou er geen vuiltje aan de lucht zijn.
En daar zat het probleem. Diverse gemeentes trokken zich terug, toen het er op aan kwam, waar Zoeterwoude, Teylingen, Kaag en Braassem en Leiderdorp wel bereid waren om de beurs te trekken. De sleutel was in handen van Alphen aan den Rijn en Katwijk, die beide niet thuis gaven. Dit is precies het proces, dat zich in Europa afspeelt.
Iedereen is het er over eens, dat veel voorzieningen belangrijk en nuttig zijn voor de eigen inwoners, maar als het op meebetalen aankomt, dan leunt men graag achterover en ziet men graag, dat anderen de rekening betalen. In het Nederlands hebben we daar een goed woord voor: profiteursgedrag.
Het gekke is, dat degenen, die dit gedrag vertonen, zich graag op de borst kloppen omdat ze "zo goed op de centjes passen". Door deze houding komen gemeenschapsvoorzieningen niet of maar moeizaam van de grond. Wat dat aangaat is IJshal "De Vliet" hier een schoolvoorbeeld van.
Het tweede deel van de commissievergadering ging over duurzaamheid. Nu is de 333-meterbaan verreweg de meest duurzame variant. Door het profiteursgedrag van Alphen aan den Rijn, Katwijk, Noordwijk, Wassenaar en nog wat klaplopers, komt het daar zo goed als zeker niet van.
Alleen een wonder kan deze langere baan nog redden. Wie nog een paar miljoen over heeft.....
Het hele gedeelte over IJshal "De Vliet" is terug te zien en te beluisteren door HIER TE KLIKKEN. Het begint na 20 minuten.
Wie denkt, dat de politieke besluiten alleen in formele vergaderingen genomen worden, vergist zich deerlijk. De befaamde wandelgangen zijn minstens zo belangrijk. Zij vormen de smeerolie voor de besluitvorming.
Na de vergadering spraken vertegenwoordigers van de Leidse IJshal in die wandelgangen met diverse raadsleden en andere betrokkenen.
Oud-PvdA-raadslid Tjeerd Scheffer, thans voorzitter van de Leidse Sportfederatie, was heel helder: "Op 24 januari valt in de Gemeenteraadsvergadering de beslissing. Daarna komt de gemeenteraad daar nooit meer op terug. Een jaar of 10 terug is het Huis van de Sport op verkeerde gronden afgewezen. Later bleek het wel binnen de begroting gebouwd te kunnen worden. Maar een genomen besluit is en blijft definitief."
Wethouder Paul Dirkse kwam ook nog even uitleggen, waarom hij in oktober definitief koos voor een 250-meterbaan: "In de politiek draait het om een paar belangrijke momenten in het jaar. De politieke partijen hebben vorig jaar 4 momenten gehad om in hun eigen gemeenten hun bijdrage te kunnen regelen. De eerste was om het in het verkiezingsprogramma op te nemen. Is niet gebeurd. Het tweede moment waren de collegeonderhandelingen. Ook daar gaf men niet thuis. Daarna kon het opgenomen worden in de meerjarenbegroting 2019-2022 en als laatste mogelijkheid in de jaarbegroting van 2019. Dat is niet gebeurd. Dan is er gewoon sprake van politieke onwil en dan kun je wachten, tot je een ons weegt."
Vanuit zijn positie als wethouder, die ook Financiën in zijn portefeuille heeft een plausibele verklaring, hoe graag ik het ook anders had gezien.
De kaarten lijken geschud voor een 250-meterbaan. Door politieke onwil zitten de Britten met een Brexit en wij met een 333exit.

Geen opmerkingen: